atelier 2.1

Atelier 2.1
- vocabulaire van 2.1
- herhalen lidwoorden
- herhalen avoir-être
1 / 23
suivant
Slide 1: Diapositive
FransMiddelbare schoolhavo, vwoLeerjaar 1

Cette leçon contient 23 diapositives, avec quiz interactifs et diapositives de texte.

time-iconLa durée de la leçon est: 30 min

Éléments de cette leçon

Atelier 2.1
- vocabulaire van 2.1
- herhalen lidwoorden
- herhalen avoir-être

Slide 1 - Diapositive

Quizlet
Klik op de link en we gaan 8 minuten aan de slag met de quizlet en de vocabulaire van atelier 2.1
--> Naar Quizlet
Daarna doen we een quizlet-live.




timer
8:00

Slide 2 - Diapositive

Lidwoorden
mannelijk
vrouwelijk
meervoud
De/het
le
la
les
l’
l’
Een
un
une
des

Slide 3 - Diapositive

Vind de juiste combinaties
schriften
de straf
een schrift
het schrift
een straf
de schriften
une punition
la punition
les cahiers
un cahier
le cahier
des cahiers

Slide 4 - Question de remorquage

Welk nummer hoort waar?
Vertaal in het Nederlands!
1.
2.
3.
4.
6.
7.
8.
9.
13.

Slide 5 - Diapositive

oud
A
vieux, vieille
B
drôle
C
bon, bonne
D
facile

Slide 6 - Quiz

grappig
A
vieux, vieille
B
drôle
C
bon, bonne
D
facile

Slide 7 - Quiz

moeilijk
A
sévère
B
petit, petite
C
difficile
D
nouveau, nouvelle

Slide 8 - Quiz

streng
A
sévère
B
petit, petite
C
difficile
D
nouveau, nouvelle

Slide 9 - Quiz

voor
A
sur
B
sous
C
derrière
D
devant

Slide 10 - Quiz

op
A
sur
B
sous
C
derrière
D
devant

Slide 11 - Quiz

onder
A
sur
B
sous
C
derrière
D
devant

Slide 12 - Quiz

noteer alle bijvoeglijk naamwoorden in het Frans uit de voca van 2.1 die je kunt bedenken

Slide 13 - Carte mentale

noteer alle voorzetsels in het Frans uit de voca van 2.1 die je kunt bedenken

Slide 14 - Carte mentale

noteer alle werkwoorden in het Frans uit de voca van 2.1 die je kunt bedenken

Slide 15 - Carte mentale

Etre (zijn)

Je suis
Tu es
Il, elle, on est

nous sommes
vous êtes
ils, elles, sont
Avoir (hebben)

J'ai
Tu as
Il, elle, on a

nous avons
vous avez
ils, elles, ont

Slide 16 - Diapositive

Traduis:
Wij zijn in het ICT-lokaal

Slide 17 - Question ouverte

Traduis:
Zij hebben Nederlands

Slide 18 - Question ouverte

Traduis:
jullie hebben Frans

Slide 19 - Question ouverte

Traduis:
Zij zijn in de klas

Slide 20 - Question ouverte

Traduis:
Wij hebben weinig geduld

Slide 21 - Question ouverte

Traduis:
Jullie zijn op de computer

Slide 22 - Question ouverte

Les devoirs
f. ex. 5-6-7-8 (page 43-44)
et. voca atelier 2.1 FR-NL/NL-FR (quizlet)

Slide 23 - Diapositive