kader2 Hoofdstuk 4 rekenen

Hoofdstuk 4
Wat levert productie op?
1 / 15
suivant
Slide 1: Diapositive
EconomieMiddelbare schoolvmbo kLeerjaar 2

Cette leçon contient 15 diapositives, avec quiz interactifs et diapositives de texte.

time-iconLa durée de la leçon est: 70 min

Éléments de cette leçon

Hoofdstuk 4
Wat levert productie op?

Slide 1 - Diapositive

Kostprijs per product

Slide 2 - Diapositive

Hoe bereken je de kostprijs per product?
A
Totale kosten x aantal producten
B
Aantal Producten / totale kosten
C
Totale kosten / aantal producten
D
Aantal producten x totale kosten

Slide 3 - Quiz

Max maakt 10 auto's de productiekosten waren €12.500,-
Wat is de kostprijs per product?
A
€125,-
B
€125.000,-
C
€1250,-
D
€10.000,-

Slide 4 - Quiz

Max maakt 10 auto's de productiekosten waren €12.500,-
Wat is de kostprijs per product?
A
€125,-
B
€125.000,-
C
€1250,-
D
€10.000,-

Slide 5 - Quiz

Wat zijn het aantal geproduceerde items? Totale productiekosten is € 100.000 en de kostprijs per product is €2,-
A
200.000
B
80.000
C
50.000
D
5.000

Slide 6 - Quiz

Bedrijfskosten
De brutowinst is niet het bedrag wat de ondernemer mag houden.
Hier moeten nog andere kosten vanaf: de bedrijfskosten.
Voorbeelden van bedrijfskosten zijn:
  • Huur
  • Gas, water en licht
  • Verzekeringen
  • Reclame
  • Personeel

Slide 7 - Diapositive

Investeren
Het kopen van kapitaal goederen, zoals een machine of
bedrijfswagen
Het doel van investeren:
  1. Meer te produceren
  2. Beter te produceren
  3. Goedkoper te produceren

Slide 8 - Diapositive

Afschrijving per jaar:
Aanschafprijs : aantal gebruiksjaren

Slide 9 - Diapositive

Senna koopt voor €28.500 een nieuwe bedrijfswagen. De auto gaat 6 jaar mee. De afschrijving per jaar is:
A
€28500 : 6
B
€28500 + 6
C
€28500 x 6
D
€28500 : 72

Slide 10 - Quiz

Arbeidsproductiviteit

Formule voor arbeidsproductiviteit

Productie : gewerkte tijd = arbeidsproductiviteit
Productie : aantal werknemers (=werkgelegenheid) = arbeidsproductiviteit

    

Slide 11 - Diapositive

Omzet
Verkoopprijs x afzet = omzet
Afzet= aantal verkochte producten/diensten

Slide 12 - Diapositive

Afzet x verkoopprijs = omzet. Reken de afzet uit...
Vorig tegoed
bijgeschreven
afgeschreven
Nieuw tegoed
€ 25,-
€ 50,-
€ 65,-
€ 10,-
€ 2450,-
€ 2000,-
€ 3100,-
€ 1350,-
Vorig tegoed
bijgeschreven
afgeschreven
Nieuw tegoed
€ 25,-
€ 50,-
€ 65,-
€ 10,-
€ 2450,-
€ 2000,-
€ 3100,-
€ 1350,-
Artikel
Afzet
Verkoopprijs
Omzet
B.
.......?......
€ 2,50
€ 487,50

Slide 13 - Question ouverte

De omzet is €10.000. De verkoopprijs is €20. Wat is de afzet?

Slide 14 - Question ouverte

De winst uitrekenen
  • Hoe berekenen we de winst:
  • Formules:
  • Omzet: Afzet x verkoopprijs
  • Winst:  omzet – kosten  

Slide 15 - Diapositive