H6 B6 (3 BK)

Aanpassingen bij planten
1 / 12
suivant
Slide 1: Diapositive
BiologieMiddelbare schoolvmbo b, k, gLeerjaar 3

Cette leçon contient 12 diapositives, avec diapositives de texte.

time-iconLa durée de la leçon est: 50 min

Éléments de cette leçon

Aanpassingen bij planten

Slide 1 - Diapositive

Cet élément n'a pas d'instructions

Planning
Nakijken
Leerdoelen
Uitleg
Aan de slag
Afsluiten

Slide 2 - Diapositive

Cet élément n'a pas d'instructions

Nakijken blz 102

Slide 3 - Diapositive

Cet élément n'a pas d'instructions

Leerdoelen
Aan het einde van de les....

kan je vertellen hoe planten zijn aangepast aan hun omgeving. 

Slide 4 - Diapositive

Cet élément n'a pas d'instructions

Aanpassingen van planten
Verschillen

Slide 5 - Diapositive

Cet élément n'a pas d'instructions

Licht
Voorjaarsbloeiers: bloeien vroeg in het jaar, ze ontvangen zo het meeste licht omdat de bomen dan nog kaal zijn.
Zonplanten groeien het beste bij veel licht.
Schaduwplanten groeien het beste bij weinig licht. Schaduwplanten hebben vaak dunnere bladeren.

Slide 6 - Diapositive

Cet élément n'a pas d'instructions

Klimplanten
Klimplanten: hechten zich met hechtwortels of ranken vast aan bomen of muren. 
dunnere bladeren

Slide 7 - Diapositive

Cet élément n'a pas d'instructions

Waterplanten
Waterplanten: de bladeren en bloemen groeien boven het water, de stengels en wortels onder het water.
Bij drijvende bladeren zitten de huidmondjes alleen aan de bovenkant. De stengels zijn meestal slap en de bladeren dun.
Luchtkanalen: hierdoor kan zuurstof naar de wortels.

Slide 8 - Diapositive

Cet élément n'a pas d'instructions

Waterplanten
Waterplanten: de bladeren en bloemen groeien boven het water, de stengels en wortels onder het water.
Bij drijvende bladeren zitten de huidmondjes alleen aan de bovenkant. De stengels zijn meestal slap en de bladeren dun.
Luchtkanalen: hierdoor kan zuurstof naar de wortels.

Slide 9 - Diapositive

Cet élément n'a pas d'instructions

Opdrachten blz  108                           Zorg dat je 13 bloemen maakt
1 bloem: 5
2 bloemen:1,2,3,4,6,7,8
3 bloemen : 
Voorjaarsbloeiers: bloeien vroeg in het jaar,
ze ontvangen zo het meeste licht omdat de bomen
dan nog kaal zijn.
Zonplanten groeien het beste bij veel licht.
Schaduwplanten groeien het beste bij weinig licht.
Schaduwplanten hebben vaak dunnere bladeren.
Klimplanten: hechten zich met hechtwortels of ranken vast aan bomen of muren.
Waterplanten: de bladeren en bloemen groeien boven het water, de stengels en wortels onder het water.
Bij drijvende bladeren zitten de huidmondjes alleen aan de bovenkant.
De stengels zijn meestal slap en de bladeren dun.
Luchtkanalen: hierdoor kan zuurstof naar de wortels.
Wortelrozet: kring van bladeren die, vlak boven de wortels, op dezelfde plek vast zitten. Kan goed onder de sneeuw overleven.

Slide 10 - Diapositive

14 bloemen

Opdrachten blz  110                           Zorg dat je 13 bloemen maakt
1 bloem: 5
2 bloemen:1,2,3,4,6,7,8
3 bloemen : 
Luchtkanalen: hierdoor kan zuurstof naar de wortels.
Wortelrozet: kring van bladeren die, vlak boven de wortels, op dezelfde plek vast zitten. Kan goed onder de sneeuw overleven.

Slide 11 - Diapositive

14 bloemen

Afsluiting

Slide 12 - Diapositive

Cet élément n'a pas d'instructions