Vrijdag 21 maart 2025

1 / 31
suivant
Slide 1: Diapositive
NederlandsMiddelbare schoolmavoLeerjaar 1

Cette leçon contient 31 diapositives, avec quiz interactifs, diapositives de texte et 2 vidéos.

time-iconLa durée de la leçon est: 80 min

Éléments de cette leçon

Slide 1 - Diapositive

Cet élément n'a pas d'instructions

Vrijdag 21 maart 2025

Slide 2 - Diapositive

Cet élément n'a pas d'instructions

Programma
- Lezen
10 min
- Terugblik vorige les
10 min
- Huiswerk bespreken 
10 min
- "Genre"
15 min
-Oefenen
30 min
-Afsluiting
5 min

Slide 3 - Diapositive

Cet élément n'a pas d'instructions

Lezen
Je pakt je leesboek voor je, we beginnen met klassikaal lezen!





Slide 4 - Diapositive

Cet élément n'a pas d'instructions

Terugblik vorige les
Verbanden in een tekst


Tekstverband
Signaalwoorden
Alinea

Slide 5 - Diapositive

Cet élément n'a pas d'instructions

Ik kan tekstverbanden herkennen.
😒🙁😐🙂😃

Slide 6 - Sondage

Cet élément n'a pas d'instructions

Ik kan signaalwoorden herkennen.
😒🙁😐🙂😃

Slide 7 - Sondage

Cet élément n'a pas d'instructions

Slide 8 - Lien

Cet élément n'a pas d'instructions

Wat was jouw percentage in de quizziz?

Slide 9 - Question ouverte

Cet élément n'a pas d'instructions

Slide 10 - Vidéo

Cet élément n'a pas d'instructions

TEKSTVERBANDEN EN SIGNAALWOORDEN

Wat is een tekstverband?
A
Je verbindt twee teksten met elkaar
B
Je geeft het verband tussen inleiding en slot aan
C
Je geeft aan wat het belangrijkste in een tekst is
D
Je verbindt zinnen en alinea's met elkaar

Slide 11 - Quiz

Voor een uitgebreidere Lessonup over tekstverbanden en signaalwoorden verwijs ik je naar de Lessonup waarvan ik de link tegelijkertijd met de link van deze Lessonup heb gestuurd. 
Wat is een signaalwoord
Wat zijn signaalwoorden?
A
Woorden die verbanden tussen zinnen leggen
B
Woorden die zelfstandig een betekenis hebben
C
Woorden die iets zeggen over het zelfstandignaamwoord
D
Woorden die extra informatie geven

Slide 12 - Quiz

Cet élément n'a pas d'instructions

Huiswerk
Hoofdstuk 4 
Paragraaf 3 
Verbanden in een tekst
Opdracht 4 + 5 & 7 t/m 12 en 15

Slide 13 - Diapositive

Cet élément n'a pas d'instructions

Leerdoelen
Wat behandelen we vandaag?

  • Ik weet welke genres er zijn in de jeugdliteratuur
  • Ik kan genres herkennen
  • Ik kan beschrijven welke speciale kenmerken verschillende genres hebben

Slide 14 - Diapositive

Cet élément n'a pas d'instructions

Welke genres zijn er?
Welke

Slide 15 - Carte mentale

Cet élément n'a pas d'instructions

Slide 16 - Vidéo

Cet élément n'a pas d'instructions

Quizvragen

Slide 17 - Diapositive

Cet élément n'a pas d'instructions

Fictie
Wat is fictie?
A
Verzonnen verhalen
B
Biografie
C
Informatieve verhalen
D
Autobiografie

Slide 18 - Quiz

Cet élément n'a pas d'instructions

Wat is non-fictie?
A
Geen idee
B
Alles wat verzonnen is
C
Alles wat niet verzonnen is

Slide 19 - Quiz

Cet élément n'a pas d'instructions


Fictie of non-fictie?
A
Fictie
B
Non-fictie

Slide 20 - Quiz

Cet élément n'a pas d'instructions


Fictie of non-fictie?
Is dit fictie of non-fictie?
A
Fictie
B
Non-fictie

Slide 21 - Quiz

Cet élément n'a pas d'instructions


Fictie of non-fictie?
A
Fictie
B
Non-fictie

Slide 22 - Quiz

Cet élément n'a pas d'instructions


Is dit fictie of non-fictie?
A
fictie
B
non-fictie

Slide 23 - Quiz

Cet élément n'a pas d'instructions

Wat is een genre?
A
Eenvoudig plaatje
B
Verzonnen toekomst
C
soort boek of verhaal
D
Gedachten en gevoelens

Slide 24 - Quiz

Cet élément n'a pas d'instructions

Genre?
A
sprookje
B
science fiction
C
fantasie
D
spanning en avontuur

Slide 25 - Quiz

Cet élément n'a pas d'instructions

genre?
A
historische roman
B
spanning en avontuur
C
fantasy
D
hier en nu

Slide 26 - Quiz

Cet élément n'a pas d'instructions

Wat is een hoofdpersoon?
A
De minst belangrijke persoon.
B
De persoon die het meest aan het woord is.
C
Het belangrijkste personage.

Slide 27 - Quiz

Cet élément n'a pas d'instructions

Oefeningen
Wie?
Zelfstandig in rust
Wat?
Hoe?
Antwoorden in je schriftje schrijven
Hulp?
Docent
Tijd?
Tot 10 minuten voor eindtijd.
Uitkomst?
Je beheerst de gestelde leerdoelen.
Klaar?
Woordenschat > woorden blz 86 doornemen
Fictiedossier > zie Classroom
Huiswerk:
Hoofdstuk 4 paragraaf 5 >   opdracht 2 , 4 t/m 7 & 9 en 10

Hoofdstuk 4 paragraaf 5 > opdracht 2 , 4 t/m 7 & 9 en 10

Slide 28 - Diapositive

Cet élément n'a pas d'instructions

Ik weet wat het woord genre betekent.
😒🙁😐🙂😃

Slide 29 - Sondage

Cet élément n'a pas d'instructions

Welk genre spreekt je aan?
Fantasie
Griezel
Science Fiction
Hier en nu
Historische verhalen
Dieren
Detective
Andere culturen
Avontuur
Overig/anders

Slide 30 - Sondage

Cet élément n'a pas d'instructions

Mijn top 5 favoriete films/series is ............

Slide 31 - Question ouverte

Cet élément n'a pas d'instructions