les 63: Cursus Spelling herhaling § 2 + les § 3 Leenwoorden
week 14 les 1 - 2htvtb
10 minuten stillezen
Herhalen Cursus 7 Spelling § 2
Zelf oefenen
Uitleg Cursus 7 Spelling § 3
timer
10:00
1 / 19
volgende
Slide 1: Tekstslide
NederlandsMiddelbare schoolhavo, vwoLeerjaar 2
In deze les zitten 19 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 1 video.
Lesduur is: 45 min
Onderdelen in deze les
week 14 les 1 - 2htvtb
10 minuten stillezen
Herhalen Cursus 7 Spelling § 2
Zelf oefenen
Uitleg Cursus 7 Spelling § 3
timer
10:00
Slide 1 - Tekstslide
Hallo 2Vd
Pak je spullen alvast (leesboek) en Nieuw Nederlands + schrift. Ga zitten volgens het klassenschema.
timer
10:00
Wat gaan we doen vandaag?
10 minuten lezen(Stiefkind)p 113-120
Wat weet je nog?
Uitleg Cursus 7 Spelling § 3 en nakijken
Slide 2 - Tekstslide
Waarom staat er een komma in de onderstaande zin? Hij haastte zich naar de bibliotheek, zodat hij zijn boeken nog net voor sluitingstijd in kon leveren.
Slide 3 - Open vraag
Waar horen de komma's in de onderstaande zin? In het zwembad heb ik tien baantjes gezwommen in de schoolslag de borstcrawl en de vlinderslag totdat ik geen kracht meer in mijn armen had.
timer
1:00
Slide 4 - Open vraag
week 15 les 1 - 2ha
10 minuten stillezen
Nakijken Cursus 7 Spelling § 2
Uitleg Cursus 7 Spelling § 3
Zelf oefenen
timer
10:00
Slide 5 - Tekstslide
Nakijken
Cursus 7 §2 opdracht 1 t/m 4 p. 251
Slide 6 - Tekstslide
Slide 7 - Video
Leenwoorden
Zijn woorden die uit een andere taal in het Nederlands terecht zijn gekomen. Deze leenwoorden komen op heel veel gebieden voor.
Bedenk drie leenwoorden. Probeer ook te onderzoeken uit welke taal we deze woorden hebben geleend.
timer
3:00
Slide 8 - Tekstslide
Welke leenwoorden heb je gekomen? En waar komen deze vandaan?
Slide 9 - Open vraag
Een samenstelling van Engelse leenwoorden schrijf je in het Nederlands als één woord. eyecatcher, multiplechoicevraag, skatebaan
Als het rechter deel van de samenstelling een Engels voorzetsel is, plaats je een koppelteken. stand-by, back-up, shout-out
Sommige combinaties worden gezien als een woordgroep. Dan schrijf je die delen los: compact disc, first lady
Engelse leenwoorden
Slide 10 - Tekstslide
Veel franse woorden schrijf je in het Nederlands zonder accenttekens compact, hotel, ragout
De accenten op de -e blijven behouden als dat nodig is voor de uitspraak
Accent aigu: paté
Accent grave: crème
Accent circonflexe: crêpe
Franse leenwoorden
Slide 11 - Tekstslide
Wat is goed?
A
airbag
B
air-bag
Slide 12 - Quizvraag
Wat is goed?
A
babysitter
B
baby-sitter
Slide 13 - Quizvraag
Wat is goed?
A
carriere
B
carrière
Slide 14 - Quizvraag
Wat is goed?
A
intensivecare
B
intensive care
Slide 15 - Quizvraag
Wat is goed?
A
makeup
B
make-up
Slide 16 - Quizvraag
Wat is goed?
A
dinee
B
diner
Slide 17 - Quizvraag
Wat: Maak de opdrachten van §3 op blz. 252-253
Hoe:Individueel, maar je mag op fluisterniveau overleggen met degene die naast je zit.
Hulp:Theorie uit je boek of internet.
Tijd:Tot het einde van deze les.
Klaar?
Maak een samenvatting van §2 en 3
Slide 18 - Tekstslide
Zelf oefenen
Cursus 7 spelling §3
Wat: Maak opdracht 1, 2 en 6 blz. 252-253
Hoe:Individueel, online op de laptop
Hulp: docent, buur.
Tijd: 15 min.
Uitkomst:Geoefend met spelling van leenwoorden
Klaar?
Lezen in je leesboek
of huiswerk
timer
10:00
Afmaken: Maak §3 opdracht 1, 2 en 6 blz. 252-253 af