Antigone vertaalhulp 916-921

Antigone vertaalhulp 916-921
1 / 22
volgende
Slide 1: Tekstslide
GrieksMiddelbare schoolvwoLeerjaar 6

In deze les zitten 22 slides, met tekstslides.

time-iconLesduur is: 50 min

Onderdelen in deze les

Antigone vertaalhulp 916-921

Slide 1 - Tekstslide

Wat ging vooraf?
r. 913-915

Slide 2 - Tekstslide

Slide 3 - Tekstslide

Nu zelf

Slide 4 - Tekstslide

stap 4

Slide 5 - Tekstslide

stap 5+6

Slide 6 - Tekstslide

stap 7-1 + 8-1
Vertaal ἄγει  met hij (Kreoon) als onderwerp

Slide 7 - Tekstslide

stap 9-1
Vertaal ἄγει με  met hij (Kreoon) als onderwerp

Slide 8 - Tekstslide

stap 10-1
Vertaal 
Καὶ νῦν ἄγει με διὰ χερῶν 

Slide 9 - Tekstslide

stap 10-1
λαβὼν staat in de nom, dus congrueert met?
λαβὼν staat in de aor, dus welk voegwoord gebruik je dan?
Vertaal nu t/m λαβὼν.

Slide 10 - Tekstslide

stap 10-1
ἄλεκτρον en  ἀνυμέναιον staan in de acc en zeggen dus iets over het LV. 
Als een bijv. nw. een dvb is, hoef je niets toe te voegen als vertaling.
Vertaal t/m ἀνυμέναιον 

Slide 11 - Tekstslide

stap 10-1
λαχοῦσαν  staat in de nom, dus congrueert met?
λαχοῦσαν staat in de aor, dus welk voegwoord gebruik je dan?
Welke stappen zet je ook bij een ptc?

Slide 12 - Tekstslide

stap 9 en 10 bij λαχοῦσαν 
er zijn dus 2 genitivi als aanvulling bij  μέρος λαχοῦσαν.

Vertaal nu t/m τροφῆς

Slide 13 - Tekstslide

stap 7+8-2

Vertaal nu ἔρχομαι 

Slide 14 - Tekstslide

stap 9-2

Vertaal nu 
ἔρχομαι 
ἐς θανόντων κατασκαφάς

Slide 15 - Tekstslide

stap 10-2
ἐρῆμος staat in de nom dus zegt iets over het onderwerp. Als een bijv. nw. een dvb is, hoef je niets toe te voegen als vertaling.
Weet je nog wat een bijstelling is?
Vertaal de zin nog zonder ζῶσ’ .

Slide 16 - Tekstslide

stap 10-2
 ζῶσ’ staat in de nom, het zegt dus iets over het onderwerp. 
ζῶσ’ staat in de praesens, welk voegwoord gebruik je dan?
Vertaal nu t/m κατασκαφάς.

Slide 17 - Tekstslide

 In r. 921 staat alleen een ptc. Deze regel is een toevoeging op de vorige zin, maar de dubbel punt/ punt komma (·) staat er, omdat de zin nu overgaat in een vraagzin.

Slide 18 - Tekstslide

παρεξελθοῦσα staat in de nom, dus congrueert met?
παρεξελθοῦσα staat in de aor, dus welk voegwoord gebruik je dan?
Welke stappen zet je ook bij een ptc?

Slide 19 - Tekstslide

stap 9 bij παρεξελθοῦσα 
 Vertaal 
παρεξελθοῦσα ποίαν δίκην

Slide 20 - Tekstslide

stap 10 bij παρεξελθοῦσα 
 Vertaal 
παρεξελθοῦσα 
ποίαν δίκην δαιμόνων 

Slide 21 - Tekstslide

aanwijzingen bij r. 922-24
  • een ; is in het Nederlands een.....?
  • vormen van τίς (met accent) zijn vragend voornaamwoorden.
  • χρη + inf of ACI, welke is hier gebruikt?
  • Τίν’ αὐδᾶν ξυμμάχων =  vul Τίν’ χρή με αὐδᾶν ξυμμάχων 
  • εὐσεβοῦσ’(α): vertaal dit ptc concessief

Slide 22 - Tekstslide