Kies een gerecht uit en schrijf hier informatie over. Je kunt denken aan de herkomst van het gerecht, de oorsprong, verschillende bereidingswijze etc.
Omvang: ongeveer een half A4 in Word
- Schrijf de tekst.
- Geef de werkwoordsvormen de volgende kleuren:
- Tegenwoordige tijd: geel
- Verleden tijd: rood
- Voltooid deelwoord: groen
- Tegenwoordig deelwoord: blauw
- Deelwoord bijvoeglijk gebruikt: oranje
3. Check je werkwoordspelling a.d.h.v. de stroomschema's. 4. Wissel je stuk uit met een klasgenoot en bespreek deze
Verleden tijd: rood
Voltooid deelwoord: groen
Tegenwoordig deelwoord: blauw
Deelwoord bijvoeglijk gebruikt: oranje
.