Wat is LessonUp
Zoeken
Kanalen
Inloggen
Registreren
‹
Terug naar zoeken
Thema ruzie taak 2 woordenschat dag 2
Thema Ruzie
Taak 2 en woordenschat les 2
DISK thema 7
Leg nu op tafel:
Huiswerk
1 / 29
volgende
Slide 1:
Tekstslide
NT2
ISK
In deze les zitten
29 slides
, met
interactieve quizzen
en
tekstslides
.
Lesduur is:
60 min
Start les
Bewaar
Deel
Printen
Onderdelen in deze les
Thema Ruzie
Taak 2 en woordenschat les 2
DISK thema 7
Leg nu op tafel:
Huiswerk
Slide 1 - Tekstslide
Wat gaan we doen?
Huiswerk controleren
Vorige les herhalen
Woordenschat les 2
Taak 2 maken
Bouwstenen afmaken
Slide 2 - Tekstslide
Huiswerk
Slide 3 - Tekstslide
Type hier een titel
Wat ga je in dit thema leren?
Je leest en schrijft een tekst over ruzie of een probleem; je praat over oplossingen.
Je leest over een ruzie goedmaken en je oefent daarmee.
Je praat over pesten en roddelen, je leest en bedenkt adviezen; je schrijft een e-email.
Je leest en schrijft reacties op pesten; je bespreekt ze samen.
Slide 4 - Tekstslide
Doelen
Nieuwe woorden ->
Aan het einde van deze les:
- Kun je de woorden van woordenschat les 2 vertalen in je eigen taal en er een Nederlandse zin mee schrijven.
- Kun je bespreken hoe je een ruzie kunt oplossen
Slide 5 - Tekstslide
Herhalen les 1
Slide 6 - Tekstslide
Maak de zin af:
Hij heeft gevochten in de pauze. Het gevolg is........
Slide 7 - Open vraag
Wat betekent 'vanzelf'?
A
Iets gebeurt door hard werken.
B
Iets is moeilijk te begrijpen.
C
Iets gebeurt zonder dat je iets hoeft te doen
D
Iets is niet te doen.
Slide 8 - Quizvraag
Wat betekent roepen?
A
Zacht praten
B
Schreeuwen
C
Roddelen
D
Pesten
Slide 9 - Quizvraag
Wat betekent 'aflopen'?
A
Iets is moeilijk.
B
Iets is leuk.
C
Iets eindigt of stopt.
D
Iets begint of start.
Slide 10 - Quizvraag
Type hier een titel
Woorden groep roze
We doen eerst de woorden van groep roze.
Groep groen kan beginnen aan de woordenlijst.
Schrijf voor elk woord de woordendriehoek in je schrift.
In je schrift:
De reactie
: praten, antwoord, gevoel.
Slide 11 - Tekstslide
Type hier een titel
Pesten
De jongen wordt gepest.
School
Pesten
roddelen
Gemeen
Slide 12 - Tekstslide
Type hier een titel
Eerder
Hij kwam eerder naar school dan de anderen.
Vroeg
Eerder
Tijd
Snel
Slide 13 - Tekstslide
Type hier een titel
Kapot
De pester heeft mijn tas kapot gemaakt.
Stuk
Kapot
Probleem
Niet goed
Slide 14 - Tekstslide
Type hier een titel
Uitlachen
Het is niet leuk om iemand uit te lachen.
Lachen
Uitlachen
Gemeen
Niet goed
Slide 15 - Tekstslide
Type hier een titel
Direct
Je moet direct stoppen met ruzie maken!
Nu
Direct
Meteen
Snel
Slide 16 - Tekstslide
Type hier een titel
Woorden groep groen
Nu doen we de woorden van groep groen.
Groep roze kan beginnen aan de woordenlijst.
Schrijf voor elk woord de woordendriehoek in je schrift.
In je schrift:
De reactie
: praten, antwoord, gevoel.
Slide 17 - Tekstslide
Type hier een titel
Daarna
Eerst werd de juf boos. Daarna ging de juf met de kinderen praten.
Vervolgens
Daarna
≠ eerst
Later
Slide 18 - Tekstslide
Type hier een titel
Eenvoudig
Ze konden de ruzie eenvoudig oplossen.
makkelijk
Eenvoudig
snel
simpel
Slide 19 - Tekstslide
Type hier een titel
Flauw
De pester maakt een flauwe grap.
kinderachtig
Flauw
stom
Niet grappig
Slide 20 - Tekstslide
Type hier een titel
Plotseling
Het meisje begon plotseling te gillen.
onverwacht
plotseling
snel
ineens
Slide 21 - Tekstslide
Type hier een titel
De pester
De pester maakte een flauwe grap.
pesten
De pester
ruzie
gemeen
Slide 22 - Tekstslide
Groep 2 - Taak 2 thema 7
Slide 23 - Tekstslide
Thema 7: Ruzie
Hoe kun je een ruzie oplossen denk je?
Slide 24 - Tekstslide
Opdracht 1 :
Kijk naar het plaatje
Lees de tekst in het plaatje.
Bespreek samen wat jullie hiervan vinden.
Zijn jullie het hier mee eens of oneens?
Slide 25 - Tekstslide
Opdracht 2 :
Vul het schema in
Je hebt ruzie met iemand.
Hij/zij is boos op je.
Hij/zij wil dat je het goedmaakt.
Wat kan je zeggen?
Kruis aan
.
Slide 26 - Tekstslide
Opdracht 4 :
Bedenk een ruzie
Werk in tweetallen
Bedenk:
Wie hebben ruzie?
Waarover gaat de ruzie?
Hoe gaat de ruzie?
Hoe loopt de ruzie af?
De ruzie moet worden opgelost.
Schrijf het op in je schrijfschrift.
timer
10:00
Slide 27 - Tekstslide
Opdracht 3 :
Hoe los je een ruzie op?
Jullie gaan in groepjes bedenken hoe een ruzie kunt oplossen.
Bedenk 5 dingen die je kunt doen om de ruzie op te lossen.
Maak een poster met jullie oplossingen.
Poster
Slide 28 - Tekstslide
Nu zelf verder werken!
Slide 29 - Tekstslide
Meer lessen zoals deze
Thema 7: Ruzie & roddelen tekst
February 2025
- Les met
22 slides
NT2
ISK
Woordenschat
February 2025
- Les met
16 slides
DISK ruzie taak 1 + woordenschat dag 1
November 2024
- Les met
39 slides
NT2
ISK
DISK thema ruzie taak 3 en woordenschat les 3
December 2024
- Les met
37 slides
NT2
ISK
Thema ruzie taak 4 en woordenschat les 5
December 2024
- Les met
26 slides
NT2
ISK
Thema ruzie taak 2 woordenschat dag 2
February 2025
- Les met
25 slides
NT2
ISK
Thema ruzie taak 2 woordenschat dag 2
January 2025
- Les met
25 slides
NT2
ISK
Thema ruzie taak 2 woordenschat dag 2
January 2025
- Les met
25 slides
NT2
ISK