Blok 4: Karel de Grote

Blok 4: Karel de Grote
1 / 36
volgende
Slide 1: Tekstslide
Mens en maatschappijMiddelbare schoolmavo, havoLeerjaar 1

In deze les zitten 36 slides, met tekstslides en 5 videos.

time-iconLesduur is: 120 min

Onderdelen in deze les

Blok 4: Karel de Grote

Slide 1 - Tekstslide

Het rijk van Karel de Grote
Karel de Grote
742-814

Slide 2 - Tekstslide

Karel de Grote
  • Meest succesvolste Frankische koning
  • Erft in 771 het koningschap van zijn ouders
  • Wist het rijk zelf 2x zo groot te maken!

Slide 3 - Tekstslide

Karel de grote
Rond 500 na Christus werd het Romeinse rijk binnengevallen door de Franken
Zij wisten een groot deel van Europa in bezit te krijgen.
Karel de grote was de baas van dit rijk en liet zich door de paus tot keizer kronen. 
Hij was gefascineerd door het Romeinse rijk  en wilde net zo belangrijk zijn als de keizers.  

Slide 4 - Tekstslide

Slide 5 - Video

Slide 6 - Tekstslide

Karel de Grote
  • Karel de Grote 
  • 800: paus kroont Karel de Grote tot keizer 

  • Waarom? 
  • - Paus wil bescherming tegen vijanden 
  • - Karel wil steun van christendom  

Slide 7 - Tekstslide

Slide 8 - Video

Troon Karel de Grote 
Graf Karel de Grote 

Slide 9 - Tekstslide

Slide 10 - Tekstslide

Leerdoelen
Je kunt uitleggen:
  • Hoe het leenstelsel/feodale stelsel werkt 
  • Wat een leenheer, leenmannen en achterleenmannen zijn
  • Je kunt een nadeel noemen van het leenstelsel
  • Je kunt een voordeel noemen van het leenstelsel

Slide 11 - Tekstslide

Het Leenstelsel/ Feodale stelsel
Rijk van Karel de Grote werd te groot om alleen te besturen


Slide 12 - Tekstslide

Slide 13 - Video

Leenstelsel/Feodale stelsel

Slide 14 - Tekstslide

Het leenstelsel

Slide 15 - Tekstslide

Voor- en nadelen
Voordelen
  • Groot rijk werd makkelijk bestuurbaar
  • Groot leger in geval van oorlog

Nadelen

  • Leenmannen wilden hun gebied niet teruggeven, maar geven aan hun eigen kinderen. Hierdoor verliest Karel de Grote zijn controle.

Slide 16 - Tekstslide

Aan de slag
Optie 1: Opdrachten planner M&M
Optie 2: PO tijdlijn (moet vrijdag ingeleverd zijn op SOM)
Optie 3: Werkblad over Karel de Grote
Optie 4: Zelftoets Blok 4 Karel de Grote

Slide 17 - Tekstslide

Leerdoelen
Je kunt uitleggen:
  • Hoe het leenstelsel/feodale stelsel werkt 
  • Wat een leenheer, leenmannen en achterleenmannen zijn
  • Je kunt een nadeel noemen van het leenstelsel
  • Je kunt een voordeel noemen van het leenstelsel

Slide 18 - Tekstslide

Proces van kerstening
Mensen tot het christendom bekeren. De kerstening van heidense volken liet Karel de Grote doen door zijn missionarissen.
Kerstening

Mensen tot het christendom bekeren. 

De kerstening van heidense volken liet Karel de Grote doen door zijn missionarissen.

Slide 19 - Tekstslide

Kerstening
  • Het bekeren van heidense volken tot het christendom.
  • Heidenen zijn andere geloven.
  • Karel de Grote was een christelijke koning en wilde het christendom verspreiden.
  • Geestelijken die rondtrokken om volken te bekeren noemen we missionarissen.

Slide 20 - Tekstslide

Karel de Grote
Kerstening: Sturen van Missionarissen en soldaten om volkeren te bekeren. 

         Geestelijke die naar andere volkeren trekt om die tot zijn godsdienst te bekeren

Slide 21 - Tekstslide

Bonifatius
Bonifatius was een missionaris, zijn doel was om de Friezen te bekeren. 
Dit was best gevaarlijk werk. 

Slide 22 - Tekstslide

Slide 23 - Video

Bonifatius
 Bonifatius, probeerd de Friezen te bekeren. 
Maar...hij werd bij Dokkum door de Friezen vermoord.

Slide 24 - Tekstslide

Aan de slag
Optie 1: Opdrachten planner M&M
Optie 2: PO tijdlijn (moet vrijdag ingeleverd zijn op SOM)
Optie 3: Werkblad over Karel de Grote
Optie 4: Zelftoets Blok 4 Karel de Grote

Slide 25 - Tekstslide

Oost Romeinse Rijk
  • Ze spraken er Grieks en waren christelijk
  • Rijke cultuur die goed bewaard bleef
  • Liepen voor op wetenschap en geneeskunde

Slide 26 - Tekstslide

Slide 27 - Tekstslide

Slide 28 - Tekstslide

Het Arabische Rijk
  • In het Midden Oosten wonen de Arabieren, vele volkeren die constant oorlog voerden met elkaar.
  • Geloofden in verschillende goden (polytheïstisch)

Slide 29 - Tekstslide

Islam
  • 662: Mohammed kreeg een visioen
  • Allah was de enige God (monotheïstisch)
  • Mohammed was zijn profeet
  • Mohammed vertelde zijn visioenen, boodschap van God
  • Werd weggestuurd uit Mekka, maar kwam terug met vele volgers

Slide 30 - Tekstslide

Slide 31 - Tekstslide

Slide 32 - Video

Islam verenigde de Arabieren
  • Mohammed bekeerde de Arabieren tot de Islam.
  • Arabische volken verenigd en spreiden het geloof.
  • Woord van Mohammed werd opgeschreven in de Koran, Heilige Boek van de moslims
  • Arabieren gingen samenwerken om hun gebied uit te breiden en het geloof te verspreiden

Slide 33 - Tekstslide

Arabische Rijk

Slide 34 - Tekstslide

Slag bij Poitiers
  • 732: Confrontatie tussen Franken en Arabieren
  • Karel de Grote stopte opmars Arabieren.
  • Grenzen van het Arabische Rijk bepaald.

Slide 35 - Tekstslide

Impact islamitische cultuur
  • Arabieren vonden kennis belangrijk
  • Taal, cultuur en wetenschap liepen voor op Europa
  • Gebruik van cijfers komt van de Arabieren
  • Veel dingen zijn later overgenomen door de Europeanen

Slide 36 - Tekstslide