Watervogels

Watervogels
H&H 
1 / 10
volgende
Slide 1: Tekstslide
DierverzorgingMBOStudiejaar 1

In deze les zitten 10 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 55 min

Onderdelen in deze les

Watervogels
H&H 

Slide 1 - Tekstslide

Voorkennis activeren:
“Waarom hebben watervogels zulke uiteenlopende kenmerken, zoals verschillende snavels en poten?”

Slide 2 - Open vraag

Leerdoelen 
  • Studenten kunnen de natuurlijke leefomgeving van watervogels beschrijven.
  • Studenten kunnen uitleggen hoe de uiterlijke kenmerken van watervogels samenhangen met hun leefomgeving.
  • Studenten kunnen verschillende huisvestingsvormen en geschikte bodembedekkingen voor watervogels analyseren en beoordelen.

Slide 3 - Tekstslide

Leefomgeving en Uiterlijke Kenmerken
Leefomgeving:

  • Watervogels leven in ecosystemen zoals meren, rivieren, wetlands, en kustgebieden.
  • Belang van water: voedsel vinden (insecten, planten, vis), voortplanting en bescherming tegen roofdieren.

Slide 4 - Tekstslide

Uiterlijke kenmerken
Uiterlijke Kenmerken:
Snavels:
  • Platte snavel (bijv. eend): Geschikt voor het zeven van voedsel in water.
  • Puntige snavel (bijv. reiger): Ideaal om vissen te vangen.

Poten: 
  • Gespreide zwemvliezen (bijv. zwanen): Voor efficiënt zwemmen.
  • Lange poten (bijv. steltlopers): Geschikt om door ondiep water te lopen.

Veren:
  • Waterafstotend dankzij een vettige laag; essentieel voor thermoregulatie.


Slide 5 - Tekstslide

Hoe hebben deze kenmerken invloed hebben op
de overleving
van watervogels in hun leefgebied.

Slide 6 - Woordweb

Huisvesting en Bodembedekking
Huisvesting:
Natuurlijke vijvers: Ruimte om natuurlijk gedrag te tonen.
Volières: Geschikt voor opvang of fokprogramma’s; waterpartijen noodzakelijk.
Winterhuisvesting: Beschutte ruimtes met kunstmatige waterbakken voor kou gevoelige soorten.

Bodembedekking:
Zand en grind: Voor natuurlijke voetverzorging en voedingsefficiëntie.
Grasmatten: Natuurlijk en comfortabel, maar onderhoudsgevoelig.
Modderbanken: Voor soorten zoals steltlopers en eenden die grondzeven.

Slide 7 - Tekstslide

Wat zijn de voor- en nadelen van huisvesting in een natuurlijke omgeving versus een gecontroleerde omgeving?

Slide 8 - Open vraag

Opdracht 
  • Werk in groepjes van 3-4.
  • Ontwerp een reservaat voor een mix van watervogels:
  • 4 eenden, 2 zwanen, en 3 steltlopers.

Beantwoord in je ontwerp de volgende vragen:
Hoe groot moet het watergebied zijn, en welke zones richt je in?
Welke bodembedekking gebruik je op verschillende plekken, en waarom?
Hoe zorg je voor balans tussen natuurlijk gedrag en praktische verzorging?
Welke maatregelen neem je om het welzijn van alle soorten te waarborgen?

Presenteer je ontwerp kort (2-3 minuten per groep).

Slide 9 - Tekstslide

“Wat was het grootste dilemma bij het ontwerpen van jullie reservaat? Hoe hebben jullie dat opgelost?”

Slide 10 - Open vraag