2. Stofeigenschappen start voeding leerling

Welkom vandaag 
Planning vandaag
  • Vragen?
  • Huiswerk inleveren opdracht 1. Witte stoffen uit de supermarkt
  • Herhalen theorie stofeigenschappen
  • Voorbereiding voor practicum
  • Voedingsstoffen
  • Aan de slag met de poster
  • Huiswerk
Neem plaats  volgens de plattegrond
Nodig pen en papier


1 / 49
volgende
Slide 1: Tekstslide
NatuurkundeMiddelbare schoolmavoLeerjaar 3,4

In deze les zitten 49 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

Onderdelen in deze les

Welkom vandaag 
Planning vandaag
  • Vragen?
  • Huiswerk inleveren opdracht 1. Witte stoffen uit de supermarkt
  • Herhalen theorie stofeigenschappen
  • Voorbereiding voor practicum
  • Voedingsstoffen
  • Aan de slag met de poster
  • Huiswerk
Neem plaats  volgens de plattegrond
Nodig pen en papier


Slide 1 - Tekstslide

Slide 2 - Tekstslide

Ingeleverd door  (er missen best veel!)


Stofeigenschappen
Gezond, lijkt op....

Let op stofeigenschappen zijn uniek, 
ze veranderen niet!

Slide 3 - Tekstslide

Stofeigenschappen
Herhaling en nieuw stof

Slide 4 - Tekstslide

Onderwerpen en opdrachten
Opdracht in duo's
Opdracht
Inleveren
Datum
Stofeigenschappen
Witte producten uit supermarkt 
Tabel met daarin de uitwerking van opdracht 1, aangevuld met de stofeigenschappen uit opdracht 2. 
vrijdag
1 maart
Voedingsstoffen
Poster van mond tot kont
Zie ItsLearning 
woensdag
13 maart
Snelheid
Meetbrief snelheid
Zie ItsLearning 
Woensdag
27 maart
Afsluitend
Toets
Planning 1t

Slide 5 - Tekstslide

In de ene fles zit water in de andere fles benzine
Vraag 1. Noem een eigenschap die ze beide hebben.
Vraag 2. Noem een eigenschap waarin ze verschillen


Denk eerst zelf na, overleg dan met je buur. 
Wanneer de timer afloopt geeft de spinner 
iemand de beurt. Buur mag helpen!
timer
2:00

Slide 6 - Tekstslide

Welke eigenschappen hoort bij welke stof?
a. Ijzer
1. Bruin, geleidt geen stroom, niet brandbaar
b. zand
2. doorzichtig, brandbaar, niet breekbaar
c. water
3. smaakloos, kleurloos, doorzichtig
d. olie
4. glimmend, geleid stroom, grijs
e. plastic
5. geel doorzichtig, brandbaar, heeft smaak
Minuutje nadenken dan geef ik de beurt
timer
1:00

Slide 7 - Tekstslide

Welke eigenschappen hoort bij welke stof?
a. Ijzer
4. glimmend, geleid stroom, grijs
b. zand
1. Bruin, geleidt geen stroom, niet brandbaar
c. water
3. smaakloos, kleurloos, doorzichtig
d. olie
5. geel doorzichtig, brandbaar, heeft smaak
e. plastic
2. doorzichtig, brandbaar, niet breekbaar

Slide 8 - Tekstslide

Stofeigenschappen
De eigenschappen waaraan je een stof kan herkennen noemen we stofeigenschappen.
Ze zijn specifiek vóór die ene stof! Op basis daarvan kunnen stoffen worden onderscheiden.

Slide 9 - Tekstslide

Stofeigenschappen:
  • Brandbaarheid
  • Geur
  • Kleur
  • Smaak
  • Fase (bij Tk)

  • Geleiding van elektriciteit
  • Dichtheid
  • Kookpunt
  • Smeltpunt
  • Oplosbaarheid in water
Stofeigenschappen veranderen niet

Slide 10 - Tekstslide

Geen stofeigenschappen





Vorm/ massa                                                        Volume



Slide 11 - Tekstslide

Dichtheid

Slide 12 - Tekstslide

Herkennen stoffen
Zodat:
Weten waarvoor ze geschikt zijn
Gebruiken voor een ontwerp veiligheid
Mogelijke gevaren

Elke stof heeft een unieke combinatie van eigenschappen
Vaak meerdere eigenschappen nodig om stof te herkennen

Slide 13 - Tekstslide

Practicum
  1. Oplosbaarheid in water
  2. Indicatoren: stoffen waarmee een andere stof kan worden aangetoond
  3. Chemische reactie(s)

Slide 14 - Tekstslide

(Water) oplosbaarheid 
Thee is een heldere oplossing
Een suspensie is een troebel mengsel van een vaste stof in een vloeistof.
Helder: thee                               Troebel:  sinaasappelsap, verf, melk

Slide 15 - Tekstslide

Indicatoren

Slide 16 - Tekstslide

pH of zuurgraad

Slide 17 - Tekstslide

Endotherme en exotherme reactie
Endotherme reactie: energie nodig. Het kost energie om de reactie op gang te houden
Voorbeeld, ijsblokjes in frisdrank. De frisdrank wordt koud, geeft energie af, deze wordt opgenomen door ijsblokjes die smelten.
Het wordt koud.

Exotherme reactie: als het eenmaal draait geen extra energie nodig.
Branden hout, kernsplijting van uranium; vaak ontstaat warmte.

Slide 18 - Tekstslide

Chemische reactie
Krijtpoeder met azijn levert gasbelletjes op

Slide 19 - Tekstslide

Practicum
Werk veilig, lang haar in een staart, labjas en bril

Spatelpuntjes        Toevoegen oplosmiddel: 2 vingers hoog                  Zwenken

1 keer indicator toevoegen:
2 druppels joodoplossing of
10 druppels rode koolsap of

Lees goed!
1t: 27 februari
1y: 29 februari
TOM1: 1 maart

Slide 20 - Tekstslide

Slide 21 - Tekstslide

Voedingsmiddelen en vertering

Slide 22 - Tekstslide

Leerdoelen voedingsstoffen
Je leert
  • wat het verschil is tussen voedingsmiddelen en voedingsstoffen
  • de zes voedingsstoffen 
  • welke functies de verschillende voedingsstoffen hebben
  • in afbeeldingen de verschillende organen herkennen die betrokken zijn bij de vertering
  • de algemene functie van het spijsverteringstelsel

Slide 23 - Tekstslide

Voedingsstoffen en voedingsmiddelen
Voedingsstoffen zijn hele kleine stukjes uit ons voedsel wat ons lichaam voor verschillende doeleinden gebruikt.
Ze zitten in voedingsmiddelen, die je hier rechts ziet.

Slide 24 - Tekstslide

Plantaardig of dierlijk ?
Plantaardig of dierlijk ?

Slide 25 - Tekstslide

Check besproken stof
                               Hand omhoog                       Handen over elkaar

Slide 26 - Tekstslide

Vraag
Een fles cola is een voorbeeld van een...
Hand omhoog

   Voedingsstof
Handen overelkaar

   Voedingsmiddel

Slide 27 - Tekstslide

Vier groepen voedingsstoffen
Er zijn vier hoofdgroepen voedingsstoffen.

  1. Bouwstoffen
  2. Brandstoffen
  3. Reservestoffen
  4. Beschermende stoffen. 

Slide 28 - Tekstslide

Route
• Mondholte 
• Slokdarm 
• Maag 
• 12-vingerige darm 
• Dunne darm 
• Dikke darm
• Endeldarm

Slide 29 - Tekstslide

Maak een digitale poster
Beschrijf de weg van 'mond tot kont' die de door jou gekozen lunch aflegt.
De informatie verwerk je in een digitale poster. 

Bepaal welke bruikbare voedingsstoffen het lichaam uit de door jou gekozen voedingsmiddelen kan halen, hoe en waar deze worden afgebroken en opgenomen.


Zie ItsLearning

Slide 30 - Tekstslide

Eisen aan de poster
  • Je leerdoelen biologie moeten herkenbaar zijn in de poster
  • Gebruik/maak duidelijke afbeeldingen
  • Benoem welke voedingsstoffen er in je lunch zitten en waar je lichaam deze voor gebruikt. 
  • Verwerk hierbij de ‘tabel voedingsstoffen’ in de poster, deze is te vinden bij de bronnen.
  • Geef informatie over de volgende verteringsorganen:
  • mondholte, slokdarm, maag, dunne darm, dikke darm, endeldarm
  • Benoem wat de lever en de alvleesklier met de spijsvertering te maken hebben 
Zie ItsLearning

Slide 31 - Tekstslide

Huiswerk
Voorbereiden practicum van donderdag 29 februari.
Lezen, leren en oefenen stofeigenschappen met bijbehorende bronnen.

Lezen, leren en oefenen stofeigenschappen en voedingsstoffen

Werken aan opdracht van mond tot kont

Slide 32 - Tekstslide

Bouwstoffen en Brandstoffen
Bouwstoffen zorgen voor groei, herstel en ontwikkeling.
sporters en bodybuilders gebruiken dit veel om meer spieren te krijgen. Of pubers in de groei!

Brandstoffen gebruik je om energie van te krijgen. Jouw lichaam verbrandt deze stoffen zodat je kunt bewegen of leren.

Slide 33 - Tekstslide

Reservestoffen en beschermende stoffen
Reservestoffen worden opgeslagen in jouw lichaam totdat deze het nodig heeft. 

Beschermende stoffen zorgen ervoor dat je lichaam gezond blijft. 

Slide 34 - Tekstslide

Zes groepen voedingsstoffen
Er bestaan zes soorten voedingsstoffen.

Deze zijn allemaal te plaatsen in de verschillende groepen die we net behandeld hebben.

Slide 35 - Tekstslide

Eiwitten
Eiwitten dienen als bouwstoffen en brandstoffen. 

Ze zitten veel in vlees, vleesvervangers en eieren.

Slide 36 - Tekstslide

Koolhydraten
Koolhydraten dienen als brandstof, maar worden soms gebruikt als bouwstof of reservestof.

Slide 37 - Tekstslide

Vetten
Vetten zijn een hele goede brandstof, maar worden snel opgeslagen als reservestoffen.

Slide 38 - Tekstslide

Water
Water is de belangrijkste bouwstof voor het lichaam en water speelt een belangrijke rol bij het vervoeren van andere stoffen in het lichaam.

Slide 39 - Tekstslide

Mineralen
Mineralen in ons lichaam zijn vooral bouwstoffen en beschermende stoffen. Het zijn zouten, bijvoorbeeld Calcium (voor je botten) of Natrium.

Slide 40 - Tekstslide

Vitaminen
Vitaminen zijn de belangrijkste beschermende stoffen. 
Er zijn er erg veel en zorgen dus dat je gezond blijft.

Slide 41 - Tekstslide

Een overschot aan reservestoffen zorgt ervoor dat je...
A
Dikker wordt
B
Dunner wordt

Slide 42 - Quizvraag

Koolhydraten zijn een voorbeeld van...
A
Voedingsstoffen
B
Voedingsmiddelen

Slide 43 - Quizvraag

Druiven zijn een voorbeeld van...
A
Voedingsstoffen
B
Voedingsmiddelen

Slide 44 - Quizvraag

Welke van de volgende voedingsstoffen zijn een voorbeeld van beschermende stoffen?
A
Mineralen
B
Koolhydraten
C
Vitaminen
D
Eiwitten

Slide 45 - Quizvraag

Welke van de volgende voedingsstoffen zijn een voorbeeld van bouwstoffen?
A
Mineralen
B
Water
C
Vitaminen
D
Eiwitten

Slide 46 - Quizvraag

Welke voedingsstof zorgt ook voor het vervoer van andere stoffen door het lichaam?
A
Eiwitten
B
Koolhydraten
C
Vitaminen
D
Water

Slide 47 - Quizvraag

Wat zijn de belangrijke voedingsstoffen?
1
2
3
4
5
6

Energie
Opbouw nieuwe cellen

Slide 48 - Tekstslide

Belangrijke voedingsstoffen
1. Koolhydraten (zetmeel en suikers)
2. Vetten
3. Eiwitten
4. Water
5. Vitaminen
6. Mineralen
Energie
Opbouw nieuwe cellen

Slide 49 - Tekstslide