Hoofdstuk 8 - les 1

Programma
  • Wat zijn argumenten (5 minuten)
  • Soorten argumenten (10 minuten)
  • Aan de slag in duo's (15 minuten)
  • Nabespreken (10 minuten)
1 / 21
volgende
Slide 1: Tekstslide
NederlandsMiddelbare schoolvwoLeerjaar 3

In deze les zitten 21 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 1 video.

time-iconLesduur is: 100 min

Onderdelen in deze les

Programma
  • Wat zijn argumenten (5 minuten)
  • Soorten argumenten (10 minuten)
  • Aan de slag in duo's (15 minuten)
  • Nabespreken (10 minuten)

Slide 1 - Tekstslide

Slide 2 - Tekstslide

Slide 3 - Video

Objectief en waarderend

  • Een feitelijk / objectief argument > controleerbaar

Voorbeeld: 
Als ik naar de bioscoop ga, ga ik het liefst naar de Vue, want die bioscoop is bij mij om de hoek.


  • Over een waarderend argument (niet-feitelijk/subjectief) > niet-controleerbaar (vermoeden, geloof, gevoel)

Voorbeeld: Als ik naar de bioscoop ga, ga ik het liefst naar de Vue, want die bioscoop is het prettigst.


Slide 4 - Tekstslide

Soorten argumenten (blz 66/67)
  1. Feitelijk argument
  2. Ervaringsargument
  3. Gezagsargument
  4. Nut of (on)gewenst gevolg
  5. Vermoeden/veronderstelling
  6. Vergelijkingsargument
  7. Emotioneel argument
  8. Moreel argument

Slide 5 - Tekstslide

Feitelijk argument


Dit kruispunt moet een rotonde worden, want uit onderzoek blijkt dat dat veiliger is. 

Slide 6 - Tekstslide

Ervaringsargument


Dit kruispunt moet een rotonde worden
, want ik ben een keer bijna aangereden. 

Slide 7 - Tekstslide

Gezagsargument


Dit kruispunt moet een rotonde worden
, want verkeersexperts zeggen dat dat de veiligheid verbetert.

Slide 8 - Tekstslide

Nut of (on)gewenst gevolg


Dit kruispunt moet een rotonde worden
, want dan gebeuren er minder ongelukken.

Slide 9 - Tekstslide

Veronderstelling/vermoeden


Dit kruispunt moet een rotonde worden
, want dan komen er vast minder files. 

Slide 10 - Tekstslide

Vergelijkingsargument


Dit kruispunt moet een rotonde worden
, want in het dorp hiernaast zorgde dat voor veel minder file. 

Slide 11 - Tekstslide

Emotioneel argument


Dit kruispunt moet een rotonde worden
, want ik vind kruispunten heel vervelend. 

Slide 12 - Tekstslide

Moreel argument


Dit kruispunt moet een rotonde worden
, want die stoplichten verbruiken stroom en dat is niet goed voor het milieu.

Slide 13 - Tekstslide

Het is goed dat de politie appende fietsers beboet, want appen op de fiets veroorzaakt dagelijks ongelukken.
A
Feitelijk argument
B
Ervaringsargument
C
Veronderstelling/vermoeden
D
Vergelijkingsargument

Slide 14 - Quizvraag

Tijdens het reizen is een e-reader een uitkomst, want je hebt al je boeken tot je beschikking.
A
Feitelijk argument
B
Ervaringsargument
C
Veronderstelling/vermoeden
D
Vergelijkingsargument

Slide 15 - Quizvraag

We moeten massaal overstappen op herbruikbare energie, want de fossiele brandstoffen raken op en zijn zeer vervuilend.
A
Feitelijk argument
B
Ervaringsargument
C
Veronderstelling/vermoeden
D
Vergelijkingsargument

Slide 16 - Quizvraag

Het is absurd dat ik een te-laat-briefje moet halen. Karel kwam vorige week ook vijf minuten te laat en hij mocht zonder briefje naar binnen.
A
Feitelijk argument
B
Ervaringsargument
C
Veronderstelling/vermoeden
D
Vergelijkingsargument

Slide 17 - Quizvraag

Dat boek is echt prachtig, tijdens het lezen stroomden de tranen over mijn wangen.
A
Nut of (on)gewenst gevolg
B
Ervaringsargument
C
Emotioneel argument
D
Vergelijkingsargument

Slide 18 - Quizvraag

Je moet beter opletten tijdens de les, want je cijfers moeten omhoog.
A
Nut of (on)gewenst gevolg
B
Ervaringsargument
C
Emotioneel argument
D
Vergelijkingsargument

Slide 19 - Quizvraag

En nu jullie (in duo's)
Standpunt: Mobieltjes moeten NIET verboden worden op school.

Bedenk nu 8 argumenten: 
1. Feitelijk argument
2. Ervaringsargument
3. Gezagsargument
4. Nut of (on)gewenst gevolg
5. Vermoeden/veronderstelling
6. Vergelijkingsargument
7. Emotioneel argument
8. Moreel argument


timer
15:00

Slide 20 - Tekstslide

Opdracht
Wat? Zoek in nieuwsartikelen naar argumenten
Hoe? Maak een screenshot, plak in je document
Hulp? Steek je hand op
Tijd? 25 minuten
Klaar? Inleveren via Classroom > schoolwerk > Hoofdstuk 8 > inleveren argumenteeropdracht

timer
25:00

Slide 21 - Tekstslide