Mi-werkwoorden

1 / 23
volgende
Slide 1: Tekstslide
GrieksMiddelbare schoolvwoLeerjaar 4

In deze les zitten 23 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 45 min

Onderdelen in deze les

Slide 1 - Tekstslide

Slide 2 - Tekstslide

-μι, -μεν, -ασι
A
1e ev, 1e mv, 3e mv
B
1e ev, 1e mv, 2e ev
C
1e ev, 2e mv, 3e ev
D
1e ev, 1e mv, 2e mv

Slide 3 - Quizvraag

Slide 4 - Tekstslide

Slide 5 - Tekstslide

Vertaal (tonen): δεικνυμι, δεικνυς, δεικνυμαι, ἐδεικνυασι

Slide 6 - Open vraag

Slide 7 - Tekstslide

Slide 8 - Tekstslide

Het werkwoord ἱ-στη-μι heeft ook een reduplicatie. Wat is hier gebeurd? Waarom zou dat zijn?

Slide 9 - Open vraag

Slide 10 - Tekstslide

Noteer de lange en de korte stam van τιθημι, διδωμι, ἱημι, ἱστημι, φημι, εἶμι

Slide 11 - Open vraag

Vergelijk de korte stammen van ἱημι, ἱστημι, φημι. Welk verschil merk je op? Wat betekent dat?

Slide 12 - Open vraag

Slide 13 - Tekstslide

Vertaal: διδως, ἐδιδους, τιθεμαι, τιθενται

Slide 14 - Open vraag

Slide 15 - Tekstslide

Slide 16 - Tekstslide

Bedenk zelf een reden waarom de reduplicatie hier ἱ-η-μι kan zijn.

Slide 17 - Open vraag

Slide 18 - Tekstslide

Ergon 4: zet strepen tussen de verschillende aanvoegsels: praesensversterking, augment, stam, kenletter, uitgang. 1) τιθεμεθα, 2) ἱεντο, 3) δυνασθαι,

Slide 19 - Open vraag

Idem: 4) ἱσασθε, 5) ἐδεικνυτο, 6) κειμενος, 7) δοθησονται

Slide 20 - Open vraag

εἰμί
εἶμι
φημι
ἦμεν
ἴμεν
ἐσμέν
εἶμεν
φαμεν
ἦν
ἔφην
΄φάθι

Slide 21 - Sleepvraag

Vertaal: ἴθι, ἴσθι, ἰέναι, εἶναι, εἶσι, εἰσί, φησί, φασί

Slide 22 - Open vraag

Slide 23 - Tekstslide