les 67 - stiefkind uitlezen

Hallo 2Vd
Pak je spullen alvast (leesboek) en Nieuw Nederlands + schrift. Ga zitten volgens het klassenschema.
Wat gaan we doen vandaag?

  • Stiefkind uitlezen!
1 / 28
volgende
Slide 1: Tekstslide
NederlandsMiddelbare schoolhavoLeerjaar 2,3

In deze les zitten 28 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 50 min

Onderdelen in deze les

Hallo 2Vd
Pak je spullen alvast (leesboek) en Nieuw Nederlands + schrift. Ga zitten volgens het klassenschema.
Wat gaan we doen vandaag?

  • Stiefkind uitlezen!

Slide 1 - Tekstslide

Wat weet je nog?

Slide 2 - Tekstslide

Koppelteken?
A
drieëndertig
B
drie en dertig
C
drie-en-dertig

Slide 3 - Quizvraag

Koppelteken of geen koppelteken?
A
Astma-aanval
B
Astmaaanval

Slide 4 - Quizvraag

Waar is het weglatingsstreepje correct gebruikt?
A
in voor- en tegenspoed
B
bestuurs- en strafrecht
C
in voorspoed en tegen-
D
straf- en bestuursrecht

Slide 5 - Quizvraag

Waar is het weglatingsstreepje correct gebruikt?
A
voor- en nadelen
B
voor en na-delen
C
voor en -nadelen
D
voor en nadelen

Slide 6 - Quizvraag

Waarom heeft de samenstelling een tussenletter -e-?
breedtestraal
A
Het eerste woord gaat over iets waar er maar één van is
B
Het eerste woord heeft een versterkende betekenis
C
Het eerste woord heeft een meervoud op -en én op -s

Slide 7 - Quizvraag

Waarom heeft de samenstelling een tussenletter -e-?
zonnebril
A
Het eerste woord gaat over iets waar er maar één van is
B
Het eerste woord heeft een versterkende betekenis
C
Het eerste woord heeft een meervoud op -en én op -s

Slide 8 - Quizvraag

Maak een samenstelling van de woorden:
bezoeker + centrum

Slide 9 - Open vraag

Maak een samenstelling van de woorden:
pakje + avond

Slide 10 - Open vraag

week 22 les 1 - 2ha
  • 10 minuten stillezen
  • Uitleg Cursus 7 Spelling § 6
  • Zelf oefenen 







timer
10:00

Slide 11 - Tekstslide

Lesdoelen
Aan het eind van deze les..

  • .. ken je de regels voor los of aan elkaar schrijven van woorden.

Slide 12 - Tekstslide

Leerdoelen
Ik kan/weet

- bepalen of ik woorden los of aan elkaar moet schrijven.

Slide 13 - Tekstslide

Het belang..
Dameshakken

of 

Dames hakken

Slide 14 - Tekstslide

Klemtoon
Je hoort verschil in klemtoon.




Slide 15 - Tekstslide

De regels: samenstellingen
Samenstellingen worden in het Nederlands aan elkaar geschreven. Ze hebben één klemtoon.

Dameshakken

Dames hakken

Slide 16 - Tekstslide

De regels
Samenstellingen kunnen bestaan uit twee of meer woorden.

Bijv.:  Schoenenwinkel, frietkraam, warmwatervoorziening etc.
                     (2)                         (2)                           (3)



Slide 17 - Tekstslide

De regels

Woorden die beginnen met er, hier, daar, waar + voorzetsel

Bijv.:  Daarom, waarover, erop, eronder etc.



Slide 18 - Tekstslide

De regels
Je doet dit bij:
- Getallen tot en met duizend

Bijv.:  vierentwintig, drieënveertigduizend, tweehonderd

Slide 19 - Tekstslide

De regels
Je doet dit bij:
- Veel samengestelde werkwoorden

Bijv.:  opzoeken, meewerken, koffiedrinken


Slide 20 - Tekstslide

De regels
Je doet dit bij:
- Veel samengestelde bijvoeglijke naamwoorden

Bijv.:  hoogbegaafd, veelbelovend, donkergrijs, laaggeplaatst


Slide 21 - Tekstslide

Welke woorden horen aan elkaar?
Wij gaan deze zomer veer tien dagen fietsen in Zuid-Limburg. Mogen de honden dan bij jou logeren? Je moet ze drie keer per dag uitlaten, waar onder één keer in de avond. Ook moet je ze twee keer per dag honden brokken geven. Verder moet je er op letten dat ze beide in hun eigen mandje slapen. Ik geef je er een cadeau bon voor van vijf en zeventig euro.


timer
1:00

Slide 22 - Tekstslide

Antwoorden.
Wij gaan deze zomer veertien dagen fietsen in Zuid-Limburg. Mogen de honden dan bij jou logeren? Je moet ze drie keer per dag uitlaten, waaronder één keer in de avond. Ook moet je ze twee keer per dag hondenbrokken geven. Verder moet je erop letten dat ze beide in hun eigen mandje slapen. Ik geef je er een cadeaubon voor van vijfenzeventig euro.


Slide 23 - Tekstslide

Slide 24 - Tekstslide

cursus 7 spelling §6 
Wat: Maak van §6 opdracht 2 t/m 4 op blz. 258-259
Hoe:  Individueel, maar je mag op fluisterniveau overleggen met degene die naast je zit. 
Hulp: Theorie uit je boek of internet.
Tijd: 15 min.
Uitkomst: Geoefend met tussenletters in samenstellingen

Klaar?
Lezen in je leesboek
of huiswerk
timer
15:00

Slide 25 - Tekstslide

Zelf oefenen
Wat: Maak de opdrachten 1, 2, 3 en 4 van §6 op blz. 258
Hoe:  Individueel, maar je mag op fluisterniveau overleggen met degene die naast je zit. 
Hulp: Theorie uit je boek of internet.
Tijd: 15 min.
Uitkomst: Geoefend met welke woorden je los of aan elkaar moet schrijven.

Klaar?
Leesboek of huiswerk
timer
15:00

Slide 26 - Tekstslide

Leerdoelen
Ik kan/weet

- bepalen of ik woorden los of aan elkaar moet schrijven.

Slide 27 - Tekstslide

Tot vanmiddag!
Ruim rustig je spullen op en blijf zitten tot de bel gaat

Slide 28 - Tekstslide