Scheidbare werkwoorden

Scheidbare werkwoorden
1 / 15
volgende
Slide 1: Tekstslide
NT2ISK

In deze les zitten 15 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 60 min

Onderdelen in deze les

Scheidbare werkwoorden

Slide 1 - Tekstslide

Lesdoelen

Na deze les kan je...
  • zinnen maken met inversie.
  • zinnen maken met scheidbare werkwoorden.
  • zeggen wat je het lekkerste eten vindt.
  • een intervisie houden met P2P.

Slide 2 - Tekstslide

Scheidbare werkwoorden

Slide 3 - Tekstslide

Het scheidbare werkwoord

Deze hond vindt het niet leuk dat we hem uitlachen!

uitlachen      =   lachen  +  uit

scheidbaar             werkwoord + voorzetsel
werkwoord

Slide 4 - Tekstslide

Welke scheidbare werkwoorden ken je?

Slide 5 - Woordweb

Slide 6 - Tekstslide

Slide 7 - Tekstslide

Slide 8 - Tekstslide

Slide 9 - Tekstslide

Maak een zin met 'opbellen'

Slide 10 - Open vraag

Slide 11 - Tekstslide

Is het werkwoord
scheidbaar

JA of NEE?

Slide 12 - Tekstslide

Gebruik een hulpwerkwoord:
'Ik bel mijn moeder op.'

Slide 13 - Open vraag

Zelf aan het werk
Maak de opdrachten op het werkblad.

Slide 14 - Tekstslide

Slide 15 - Link