In deze les zitten 28 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.
Lesduur is: 30 min
Onderdelen in deze les
Slide 1 - Tekstslide
Tekstvragen over tekst 33
1. inhoudsvragen
--> wat kun je al uit de tekst halen zónder te vertalen?
2. grammaticavragen
--> kun je AcI's herkennen, ken je de verschillende soorten infinitivi én weet je hoe je AcI's moet vertalen?
Slide 2 - Tekstslide
Wat is Calvus voor persoon? (baseer je antwoord op r. 1-2)
A
de eigenaar van de kapperszaak
B
een medewerker in de kapperszaak
C
een klant van de kapperszaak
D
een toevallige voorbijganger die een kapperszaak ziet
Slide 3 - Quizvraag
Wat is er speciaal aan de spiegel in de kapperszaak? (baseer je antwoord op r. 3-4)
A
hij beweegt mee met degene die erin kijkt
B
je kan hem kantelen en draaien
C
je kan hem verplaatsen
D
hij is helderder dan de meeste spiegels
Slide 4 - Quizvraag
Wie heeft de spiegel ontworpen? (baseer je antwoord op r. 5-8)
A
de kapper zelf
B
een goede leermeester
C
de zoon van de kapper
D
een slaaf van de kapper
Slide 5 - Quizvraag
Waarom is de kapper blij dat hij in Alexandrië woont? (baseer je antwoord op r. 8-11)
A
er is zoveel kennis
B
er zijn zoveel goede leermeesters
C
er is een goede bibliotheek
D
er wonen veel mensen van over de hele wereld
Slide 6 - Quizvraag
Wat hoopt de kapper voor zijn zoon? (baseer je antwoord op r. 11-12)
A
dat hij beroemd wordt
B
dat hij veel gaat uitvinden
C
dat hij net zo goed wordt als zijn leermeester
D
dat hij de kapperszaak zal overnemen
Slide 7 - Quizvraag
Citeer de AcI uit r. 3 (let op: typ het helemaal over)
Slide 8 - Open vraag
totius uit r. 10 is een....
A
positivus
(stellende trap)
B
comparativus
(vergrotende trap)
C
superlativus
(overtreffende trap)
D
bijwoord
Slide 9 - Quizvraag
optimos uit r. 10 is een....
A
positivus
(stellende trap)
B
comparativus
(vergrotende trap)
C
superlativus
(overtreffende trap)
D
bijwoord
Slide 10 - Quizvraag
In hoeverre ben je tevreden over hoe goed je comparativus en superlativus in een tekst herkent?
Slide 11 - Poll
Kies het juiste stukje om de vertaling af te maken "filium inventorem futurum esse spero" = "Ik hoop dat mijn zoon een uitvinder..."
A
zal zijn geweest
B
is geweest
C
was geweest
D
zal zijn
Slide 12 - Quizvraag
Citeer de A en de I in deze zin: Calvus: "nonne novisti nimium sapientiae saepe hominibus nocuisse."
Slide 13 - Open vraag
Calvus: "nonne novisti nimium sapientiae saepe hominibus nocuisse." Calvus: "Je weet toch zeker wel dat teveel wijsheid vaak de mensen ..."
A
schaadt
B
heeft geschaad
C
had geschaad
D
zal schaden
Slide 14 - Quizvraag
Citeer de A en de I in deze zin: Ctesibius: "Audivi Perdicem discipulum fuisse Daedali, inventoris illustrissimi Graeciae."
Slide 15 - Open vraag
Hoe moet de pv in de dat-zin (AcI) hier vertaald worden? Ctesibius: "Audivi Perdicem discipulum fuisse Daedali, inventoris illustrissimi Graeciae."
A
voortijdig aan de pv van de hoofdzin
B
gelijktijdig aan de pv van de hoofdzin
C
natijdig aan de pv van de hoofdzin
Slide 16 - Quizvraag
r. 17: Perdix vero a Daedalo doctus est. Perdix is zeker .......... onderwezen. Noteer wat er op de puntjes moet staan.
Slide 17 - Open vraag
r. 18: Daedalus puerum iam tenera aetate serram invenisse sciebat Daedalus ........ dat de jongen al op jonge leeftijd de zaag had uitgevonden
Slide 18 - Open vraag
r. 19-20: eum mentem accerrimam possidere sensit
hij merkte dat hij een ........... geest bezat
Slide 19 - Open vraag
eum mentem accerrimam possidere sensit Deze AcI is....
A
voortijdig
B
natijdig
C
gelijktijdig
Slide 20 - Quizvraag
r. 20-21: discipulum mox magistrum superaturum esse praesensit hij had een voorgevoel dat de ....... spoedig de meester zou overtreffen
Slide 21 - Open vraag
discipulum mox magistrum superaturum esse intellexit Deze AcI is....
A
voortijdig
B
natijdig
C
gelijktijdig
Slide 22 - Quizvraag
r. 20-21: Homines Perdicem plus quam se ipsum laudaturum esse putavit Hij dacht dat .............. Perdix meer dan hem zelf zouden prijzen
Slide 23 - Open vraag
r. 23: Ira affectus est: Perdicem de arce urbis deiecit! Hij was door woede gegrepen: hij heeft Perdix van de burcht .......... naar beneden gegooid
Slide 24 - Open vraag
r. 23: Dicisne magistrum discipulum interfecisse? Zeg jij ..... de meester de leerling heeft gedood?
Slide 25 - Open vraag
r. 27: Non interfectus est Perdix: dei puerum in avem mutari curaverunt. Perdix is niet gedood: ............... hebben gezorgd dat de jongen in een vogel werd veranderd.
Slide 26 - Open vraag
dei puerum in avem mutari curaverunt. Deze infinitivus is...
A
actief
B
passief
Slide 27 - Quizvraag
In hoeverre ben je tevreden over hoe goed je de AcI in een tekst herkent en kan vertalen in actief, passief en verschillende tijden?