In deze les zitten 12 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.
Onderdelen in deze les
Herhaling
Beantwoorden van een evolutievraag
Slide 1 - Tekstslide
Slide 2 - Tekstslide
2p 19 Leg uit dat het gebruik van één bananenkloon een plantage extra kwetsbaar maakt voor schimmelziekten.
Slide 3 - Open vraag
19 maximumscore 2
Uit het antwoord moet blijken dat
• er geen/weinig genetische variatie is 1
• (waardoor) alle individuen even vatbaar zijn voor een ziekte 1
Slide 4 - Tekstslide
Slide 5 - Tekstslide
3p 22 Leg uit hoe na langdurig gebruik van propiconazool op de plantages, een populatie van Mycosphaerella fijiensis ontstaat die resistent is tegen dit fungicide.
Slide 6 - Open vraag
22 maximumscore 3
Uit het antwoord moet blijken dat:
• er genetische variatie is/ontstaat (in gevoeligheid voor het fungicide
binnen de soort Mycosphaerella fijiensis) 1
• schimmels die minder gevoelig zijn voor het fungicide een
selectievoordeel hebben 1
• deze resistente / minder gevoelige schimmels zich meer voortplanten
(waardoor uiteindelijk een resistente populatie ontstaat) 1
Slide 7 - Tekstslide
Welke evolutieconcepten heb je vaak nodig bij de formuleringen?
Slide 8 - Open vraag
Bedenk nu samen een ezelsbruggetje of een logische volgorde van de juiste evolutieconcepten om goed te formuleren.
Slide 9 - Open vraag
Voorbeeld van een logische volgorde:
-Door mutaties komt er variatie in een populatie, natuurlijke selectie zorgt voor adaptatie
(aan de factor die zorgt voor selectiedruk).
Slide 10 - Tekstslide
Soortvorming
Welke concepten kun je dan het beste gebruiken?
Slide 11 - Tekstslide
-Isolatie zorgt voor splitsing van een populatie en door verschillende mutaties in beide populaties en adaptatie door verschillende selectiedruk zullen na verloop van tijd er twee soorten ontstaan.