Opdracht: Bespreek samen wat de functie van 'zouden' is in de zinnen.
1. Zou je de deur open willen doen? Beleefde vraag
2. Als ik een miljoen zou winnen, zou ik een Ferrari kopen. Fantasie (irrealis)
3. Ik zou graag een kopje thee willen. Wens (en beleefd verzoek)
4. Als ik jou was, zou ik minder suiker eten. Advies
5. Je zou naar de dokter kunnen gaan. Advies
6. Als ik vleugels had, zou ik naar Spanje vliegen. Fantasie (irrealis)