Les 1 Populatiedynamiek, Relaties, Accumulatie (nieuw)

werkwijze
We behandelen (delen van) H 24, 25, 27
Jullie lezen de tekst
leggen verbanden met stof uit H23 en 26 en eventueel andere stof
Moeilijke concepten en processen leg ik uit voor wie dat nodig heeft.
1 / 33
volgende
Slide 1: Tekstslide
BiologieMiddelbare schoolvwoLeerjaar 6

In deze les zitten 33 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 1 video.

time-iconLesduur is: 60 min

Onderdelen in deze les

werkwijze
We behandelen (delen van) H 24, 25, 27
Jullie lezen de tekst
leggen verbanden met stof uit H23 en 26 en eventueel andere stof
Moeilijke concepten en processen leg ik uit voor wie dat nodig heeft.

Slide 1 - Tekstslide

opdracht
scan 24.1.1 én 2 (kopjes, figuurbijschriften, dikgedrukte begrippen)

1 Noteer: wat weet je hier al van? Definities, woordweb/conceptmap met gerelateerde begrippen

2 Wat zou je hier over willen (of moeten) weten?

Slide 2 - Tekstslide

welke begrippen horen er nog meer bij?

Slide 3 - Woordweb

Kwik in vispopulaties
Kleine vissen in kwikverontreinigde wateren nemen methylkwik op uit hun voedsel en vertonen vaak geen merkbare symptomen. Roofvissen, zoals tonijn en zwaardvis, die zich voeden met deze kleinere vissen, vertonen vaak wél klachten die wijzen op kwikvergiftiging. Dit kunnen bijvoorbeeld zenuwstelselproblemen zijn, verstoringen in de voortplanting en zelfs sterfte. Ook mensen die veel roofvis consumeren, kunnen hierdoor gezondheidsproblemen ontwikkelen.

kun je dit verklaren?

Slide 4 - Tekstslide

Accumulatie
Persistente stof: wordt niet afgebroken

Accumulatie: ophoping van persistente stoffen bij elke stap in de voedselketen.

Slide 5 - Tekstslide

Accumulatie

Slide 6 - Tekstslide

DDT in roofvogels
Insecten nemen kleine hoeveelheden DDT op uit hun omgeving en blijven meestal symptoomvrij. Kleinere vogels, zoals mussen en zwaluwen, die deze insecten eten, ervaren vaak slechts milde effecten. Roofvogels zoals de slechtvalk en zeearend, die zich voeden met deze kleinere vogels, krijgen echter symptomen zoals voortplantingsproblemen door dunne eischalen die gemakkelijk breken, wat kan leiden tot een afname van hun populaties.

Verklaar dit (in je schrift)

Slide 7 - Tekstslide

Alternatieven voor bestrijdingsmiddelen

Slide 8 - Tekstslide

Slide 9 - Video

doel
Je kunt de voor- en nadelen van verschillende landbouwsystemen tegen elkaar afwegen

Slide 10 - Tekstslide

monocultuur
strokenteelt

Slide 11 - Tekstslide

voor- en nadelen
Maak een tabel waarin je de voor- en nadelen van monocultuur en strokenteelt vergelijkt. In tweetallen

-efficiëntie
-kosten
-weerbaarheid tegen plagen
-risico van mislukte oogsten
-biodiversiteit

Slide 12 - Tekstslide

Leerdoel
Je kunt beargumenteren wat het nut is van gezonde ecosystemen voor de mens.


Maak een lijst met zoveel mogelijk 'diensten' die door gezonde landbouw/natuurlijke ecosystemen geleverd kunnen worden

Slide 13 - Tekstslide

Ecosysteemdiensten

Slide 14 - Tekstslide

economische waarde van bijen (VS) 

Slide 15 - Tekstslide

herhaling V4
herbivoor,  carnivoor, omnivoor 
abiotische/biotische factoren
plaag: J-curve, concurrentie, natuurlijke vijanden, predator-prooicyclus

Slide 16 - Tekstslide

Slide 17 - Tekstslide

fasen na introductie
  1. Exponentiele groei (J-curve)
  2. Stabilisatie (S-curve)
  3. biologisch evenwicht



Slide 18 - Tekstslide

Exponentiele groei
Geen beperkende factoren
Vaak verrassend
Geeft J-curve

bv:
Epidemie (ebola, corona, SARS)
Invasieve exoten, plagen



Slide 19 - Tekstslide

Stabilisatie
Beperkende factoren gaan een rol spelen (Welke?)

Groei stopt als draagkracht is bereikt

Slide 20 - Tekstslide

Beperkende factoren
  • Broedplekken verwijderen
  • Inzet natuurlijke vijanden
  • Voedel afschermen (gaas)
  • Gif

Slide 21 - Tekstslide

Slide 22 - Tekstslide

Soorten relaties
intraspeciefieke relaties
     - concurrentie, ziekteverspreiding
     + voortplanting, veiligheid
interspecifieke relaties
      - concurrentie
      -/+ voedselrelaties
      -/+ symbiotische relaties

Slide 23 - Tekstslide

Slide 24 - Tekstslide

Voedselketen

Slide 25 - Tekstslide

Concurrentie
als twee (groepen) individuen dezelfde beperkende hulpbronnen gebruiken.

Wanneer de niches overlappen


Slide 26 - Tekstslide

gevolgen competitie

Slide 27 - Tekstslide

Symbiose
  • Mutualisme +/+
  • Commensalisme +/0
  • Parasitisme +/-

Slide 28 - Tekstslide

wat heb je geleerd over wat je wilde weten? Misschien nog meer?

Slide 29 - Open vraag

24.1.3 t/m 24.1.5
Doe nu hetzelfde in je schrift:

  1. Scannen 
  2. wat weet ik all + wat zou ik willen weten?
  3. Aandachtig lezen/vragen stellen
  4. Wat heb ik geleerd

Slide 30 - Tekstslide

Bestrijdingsmiddelen
persisent / afbreekbaar ?
specifiek / generiek ?
resistentie?

Slide 31 - Tekstslide

Beschrijf hoe volgens de evolutietheorie een plaagdierpopulatie resistent kan worden tegen toenemende concentraties pesticiden.

Slide 32 - Open vraag

Huiswerk
Maak vragen bij 24.1
ED < 6,5 oefen én toetsvragen
hoger? In ieder geval toetsvragen

volgende les: 24.2, 24,6, 24.7.4

Slide 33 - Tekstslide