Les 7: Invloed van de media (KLAAR)

1 / 19
volgende
Slide 1: Tekstslide
GesMiddelbare schoolmavoLeerjaar 1

In deze les zitten 19 slides, met interactieve quiz en tekstslides.

time-iconLesduur is: 50 min

Onderdelen in deze les

Slide 1 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Startklaar
  • Op je plek zitten 
  • Telefoon in het Zakkie 
  • Jas over de stoel, oortjes in de tas, tas op de grond
  • Schoolspullen op tafel: Chromebook, JdW-map, etui

Slide 2 - Tekstslide

Bij de start van iedere les verwelkomt de docent de leerlingen bij de ingang van de deur, noemt leerlingen bij naam, maakt oogcontact en besteedt aandacht aan het welbevinden van leerlingen. De docent geeft het goede voorbeeld en spreekt hoge verwachtingen uit voor het verloop van de les door succescriteria op gewenst gedrag, schooltaal en effectief leren te benoemen. De leerlingen zitten startklaar en zijn bijvoorbeeld ingelogd in LessonUp en hebben hun JdW-map op tafel.

WERK & MEDIA



Les X: Titel les
Maatschappijleer
HB3B
Les 7: Invloed van de media
Maatschappijkunde Kader 3
2024-2025
MEDIA

Slide 3 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Leerdoelen
  • Je kunt uitleggen wat beeldvorming is (R)
  • Je kunt uitleggen wat framing met beeldvorming te maken heeft (I)
  • Je kunt uitleggen wat selectieve waarneming is (R)
  • Je kunt uitleggen wat desinformatie, manipulatie en nepnieuws met elkaar te maken hebben (I)

Slide 4 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Beeldvorming
Stel dat je in de media regelmatig berichten hoort over criminele bendes. Deze informatie beïnvloedt jouw ideeën over veiligheid. Dit proces noemen we beeldvorming: door de informatie die je krijgt, vorm je steeds een beeld van iets, iemand of een situatie. 

De media hebben grote invloed op wat wij elke dag te horen, te zien en te lezen krijgen. Journalisten selecteren dagelijks nieuwsberichten voordat de media ze publiceren. De nieuwskeuze van de media bepaalt daardoor voor een groot deel jouw beeldvorming. De Telegraaf besteedt bijvoorbeeld meer aandacht aan criminele bendes dan andere kranten. Uit onderzoek blijkt dat lezers van De Telegraaf zich vaker onveilig voelen. In werkelijkheid blijkt dat de criminaliteitscijfers al jaren dalen. 

Slide 5 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Selectieve waarneming
Journalisten hebben hun eigen normen, waarden en kijk op de wereld, en dat heeft invloed op hun nieuwskeuze. Dat werkt ook de andere kant op. Je bepaalt als ontvanger zelf welke informatie je wel en niet tot je neemt. We noemen dit selectieve waarneming: je kiest bewust en onbewust wat je wilt zien en horen. Als je rookt bijvoorbeeld, zul je een video over de risico's van roken waarschijnlijk wegklikken. 

Slide 6 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Framing
Ook de verschillende doelgroepen en belangen van media spelen een belangrijke rol van nieuwskeuze en beeldvorming. BNNVARA, een omroep voor jongvolwassenen, zal een ander programma over drugsgebruik maken dan de christelijke EO. BNNVARA legt de nadruk op welke soorten drugs er bestaan. De EO zal zich voor zijn christelijke kijkers juist richten op de gevaren van drugs of het verbieden daarvan. En een omroep uit Turkije zal anders berichten over de Turkse politiek dan een Nederlandse omroep.

Dit wordt ook wel framing genoemd: de media behandelen informatie bewust op een positieve of juist negatieve manier. Hierdoor gaan ontvangers op een bepaalde manier tegen deze informatie aankijken. 

Slide 7 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Desinformatie
Soms wil de zender van een bericht jou bewust beïnvloeden. Bijvoorbeeld wanneer iemand mensen wil verwarren met zelfbedachte informatie op het internet. Dit heet desinformatie, informatie die niet klopt en waarvan de maker ook weet dat die niet klopt. Voorbeelden zijn berichten die aandacht willen trekken met woorden als "oh mijn god!" en "wauw". Hoe meer mensen op dat soort berichten klikken, hoe meer geld de makers, verdienen. Een voorbeeld van desinformatie is nepnieuws. Dit is verzonnen informatie die verspreid wordt om geld te verdienen of de mening van mensen te beïnvloeden. 

Slide 8 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Opdrachten H2.4
H2.4 opdracht 1 t/m 10 (blz. 49-50)

Slide 9 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Huiswerk voor volgende keer
Invullen begrippen + samenvatting 
H2.4 (blz. 51)

Slide 10 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Begrippen
  • Beeldvorming
  • Selectieve waarneming
  • Framing
  • Desinformatie
  • Manipulatie
  • Nepnieuws

Slide 11 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 12 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

           Aan de slag

Slide 13 - Tekstslide

6. Actieve verwerking
De docent maakt expliciet hoe de leerstof actief verwerkt dient te worden. De docent start met modelleren en laat leerlingen vervolgens actief inoefenen. Volgens het 'ik-wij-jullie/jij-wij' principe wordt de ondersteuning geleidelijk afgebouwd. Er wordt gevarieerd in oefentypes en het leerproces wordt zichtbaar gemaakt, bijvoorbeeld met hardop denken opdrachten. Effectieve leerstrategieën zoals zelftesten, gespreid leren, schema’s maken, en samenvatten volgens de Cornell-methode worden expliciet aangeleerd. Dit herkneden van de lesstof helpt bij het bewerken van het lange termijn geheugen
           Afsluiting

Slide 14 - Tekstslide

8. Afsluiting
De docent controleert in de slotfase van de les of de leerdoelen door alle leerlingen behaald zijn en plaatst de les in de context van de betreffende periode. De docent evalueert samen met de leerlingen het leren en het gedrag en blikt vooruit aan de hand van de JdW-planner. 

           Begrippen
           uit deze les

Slide 15 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies


Titel kan hier geplaatst worden.

Slide 16 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies

Eindslide.

Ruimte voor een afsluitend woord.Ruimte voor een afsluitend woord.

Slide 17 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 18 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 19 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies