Noteer de vetgedrukte begrippen die horen bij paragraaf 3.2?
Slide 2 - Open vraag
KEUZEOPDRACHT
1. Vragen over de inhoud van het boek > dia 4
2. Vragen over voorstelling en vormgeving > dia 14
Slide 3 - Tekstslide
KEUZEOPDRACHT 1
Hier volgen 8 vragen waarvan je de antwoorden kan vinden in je Kunstboek.
3.2 Renaissance - blz 50
Slide 4 - Tekstslide
3.2 Status en prestige
1. Hoe veranderd de positie van de kunstenaar?
Slide 5 - Open vraag
3.2 Een plat tongewelf: Masaccio Vooral naar ruimtewerking op het platte vlak wordt veel onderzoek gedaan. 2. Op welke manier is deze afbeelding ruimtelijkheid gecreëerd?
Slide 6 - Open vraag
3.2 Rijkdom, macht en kunst: De' Medici
3. Waarom stijgt het aanzien van De' Medici door banden aan te gaan met gerespecteerde kunstenaars?
Slide 7 - Open vraag
3.2 Rijkdom, macht en kunst: De' Medici
3. Waarom stijgt het aanzien van De' Medici door banden aan te gaan met gerespecteerde kunstenaars?
Slide 8 - Open vraag
3.2 Nieuwe lente: Botticelli
4. Vormgeving. Waarom is La primavera (3.20 blz.52) een evenwichtig schilderij?
Slide 9 - Open vraag
3.2 Nieuwe lente: Botticelli
5. Bekijk afb 3.20 La primavera. Waarom schilderd Botticelli wel 150 soorten bloemen?
Slide 10 - Open vraag
3.2 Nieuwe lente: Botticelli
6. Bekijk afb 3.20 La primavera. De figuren gaan niet op in de natuur, de natuur lijkt slechts een decor. Hoe komt dit?
Slide 11 - Open vraag
3.2 Hoogrenaissance
7. (3.28) Hoe kan je zien dat Michelangelo anatomiestudies doet?
Slide 12 - Open vraag
3.2 Bouwkunst
8. Welke kenmerken komen bij elkaar in het Tempietto van Donato Bramante (afb 3.33).
Slide 13 - Open vraag
KEUZEOPDRACHT 2
Hier volgen 5 vragen over de voorstelling en vormgeving van renaissancekunst.
Slide 14 - Tekstslide
De kunstenaar verbeeldt een bloeiende, welvarende stad. Het lijkt de mensen goed te gaan.
1. Noem vier aspecten van de voorstelling waaruit je dat kunt afleiden.
Klik op de afbeelding voor een vergroting.
Slide 15 - Open vraag
De schilder heeft geprobeerd een ruimtelijk beeld van de stad te schilderen.
2. Bespreek drie manieren waarop hij dat gedaan heeft.
Klik op de afbeelding voor een vergroting.
Slide 16 - Open vraag
De naam renaissance (wedergeboorte) verwijst naar de herontdekking van de klassieke oudheid. 3. Geef aan hoe Botticelli met De geboorte van Venus verwijst naar de klassieke oudheid. Noem vier zaken.
Klik op de afbeelding voor een vergroting.
Slide 17 - Open vraag
4. Hoe zou je expressie die blijkt uit de houding en de gezichtsuitdrukking van Maria omschrijven? Waar leid je dat uit af?
Klik op de afbeelding voor een vergroting.
Slide 18 - Open vraag
5. Welke vorm heeft de compositie? Leg uit hoe die compositievorm bijdraagt aan de rust van het beeld.
Klik op de afbeelding voor een vergroting.
Slide 19 - Open vraag
AFSLUITING Ik ken de kenmerken van de renaissance architectuur, schilderkunst, beeldhouwkunst.