6.3

6.3
Zuivere stoffen en mengsels
Blz 209
1 / 19
volgende
Slide 1: Tekstslide
NatuurkundeVoortgezet speciaal onderwijs

In deze les zitten 19 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 1 video.

time-iconLesduur is: 60 min

Onderdelen in deze les

6.3
Zuivere stoffen en mengsels
Blz 209

Slide 1 - Tekstslide

Leerdoelen van vandaag:
  • Je kunt het verschil opnoemen tussen een zuiver stof en een mengsel.
  • Je kunt tenminste 2 eigenschappen opnoemen van een oplossing, suspensie en emulsie.

Slide 2 - Tekstslide

Wat hebben we vorige les geleerd?
  • Diffusie
  • Molecuultekening
  • Cohesie en adhesie

Slide 3 - Tekstslide

Slide 4 - Video

Pak je telefoon 
Open je webbrowser en ga naar:
student.lessonup.io

Slide 5 - Tekstslide

Noem 1 zuivere stof en 1 mengsel op die je kent.

Slide 6 - Open vraag

Zuivere stof
Een zuivere stof bestaat uit 1 soort moleculen.
Zuiver water, zout, ijzer, suiker en zuurstof zijn voorbeelden van zuivere stoffen.

Slide 7 - Tekstslide

Mengsel
Stoffen die zijn opgebouwd uit 2 of meerdere molecuulsoorten noemen wij mengsels. 
Beton, cola, lucht, kraanwater, jus d'orange en staal.

Slide 8 - Tekstslide

Verschil tussen een zuivere stof en een mengsel

Slide 9 - Tekstslide

Zuivere stof
Mengsel
Diamant
Zilver
Koolstofdioxide
Bloed
Koffie
Pindakaas

Slide 10 - Sleepvraag

3 soorten mengels
We kunnen mengsels in 3 groepen onderscheiden namelijk:
  1. Oplossing
  2. Suspensie
  3. Emulsie

Slide 11 - Tekstslide

Oplossing
Als 1 of meerdere stoffen (vloeibaar, vast of gas) volledig oplossen in een vloeistof en hieruit een heldere vloeistof ontstaat, noemen wij dit een oplossing. Suikerwater, zoutwater, kraanwater en bier zijn hier voorbeelden van.

Slide 12 - Tekstslide

Kenmerken van een oplossing
  • Oplossing is altijd helder en doorzichtig.
  • Je ziet geen zwevende stofdeeltjes in de vloeistof.
  • Oplossing is soms kleurloos maar kan ook een kleurtje hebben zoals siroop. 

Slide 13 - Tekstslide

Suspensie
Als een vaste stof niet voor een deel of in zich geheel niet in een vloeistof kan oplossen, ontstaat er een troebelachtige mengsel. Dit noemen wij een suspensie. Krijtwater, modder en jus d'orange zijn hier voorbeeld van.

Slide 14 - Tekstslide

Kenmerken van een suspensie
  • Suspensie is altijd troebel.
  • Er zweven overal stofdeeltje in de vloeistof.
  • Als een suspensie een tijdje blijft staan, zakt alle vaste stofdeeltjes naar de bodem.

Slide 15 - Tekstslide

Emulsie
Als 2 of meerdere vloeistoffen niet goed met elkaar kunnen mengen ontstaan er verschillende laagjes op elkaar. Dit noemen wij een emulsie.
Mayonaise, pindakaas en zeep zijn hier voorbeelden van.

Slide 16 - Tekstslide

Emulgator

Slide 17 - Tekstslide

Kenmerken van een emulsie
  • 2 of meerdere vloeistoffen door elkaar of op elkaar.
  • Het zijn altijd vloeistoffen.
  • Door middel van een emulgator kunnen de vloeistoffen wel goed met elkaar mengen.

Slide 18 - Tekstslide

vragen voor deze paragraaf.
37, 38, 39, 40,  

(44, 45, 47, 48 deze vragen niet uitgelegd maar probeer ze zelf te lezen en te begrijpen)

Slide 19 - Tekstslide