psychogeriatrie

Psychogeriatrie
1 / 32
volgende
Slide 1: Tekstslide
Verpleging en verzorgingMBOStudiejaar 2

In deze les zitten 32 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 1 video.

time-iconLesduur is: 120 min

Onderdelen in deze les

Psychogeriatrie

Slide 1 - Tekstslide

Lesdoelen
  • Je kunt omschrijven wat dementie is
  • Je kent de verschillende vormen van dementie
  • Je hebt kennis van de 4 stadia van dementie

Slide 2 - Tekstslide

Dementie

Slide 3 - Woordweb

Benoem een aantal veel voorkomende symptomen bij dementie

Slide 4 - Open vraag

Veel voorkomende symptomen
* Vergeetachtigheid
* Problemen met dagelijkse handelingen
* Kwijtraken van spullen
* Taalproblemen
* Slecht inschattings- en beoordelingsvermogen
* Terugtrekken uit sociale situaties 
* Onrust en slaapproblemen
* Desoriëntatie in tijd en plaats
* Verandering van persoonlijkheid en gedrag: onrustig, bozig, angstig, achterdochtig, apathisch * Ongeremd zijn, ongepaste opmerkingen maken, depressief, incontinentie, vermagering

Slide 5 - Tekstslide

cognitieve stoornis.
wat betekent afasie?
A
niet herkennen van objecten
B
stoornis in denken
C
stoornis in de taal
D
stoornis in uitvoeren van motorische handelingen

Slide 6 - Quizvraag

cognitieve stoornis.
wat betekent apraxie
A
stoornis in uitvoeren van motorische handelingen
B
stoornis in het denken
C
niet herkennen van objecten
D
stoornis in de taal

Slide 7 - Quizvraag

cognitieve stoornis.
wat betekent agnosie
A
stoornis in uitvoeren van motorische handelingen
B
stoornis in denken
C
niet herkennen van objecten
D
stoornis in de taal

Slide 8 - Quizvraag

cognitieve stoornis.
wat betekent problemen met uitvoerende functies? (meerdere antwoorden mogelijk)
A
denken
B
plannen
C
lopen
D
logisch redeneren

Slide 9 - Quizvraag

Test
  • Jullie krijgen een slide te zien met meerdere voorwerpen. Deze slide blijft 30 seconden zichtbaar.
  • Daarna krijgen jullie 2 minuten om zoveel mogelijk voorwerpen op te schrijven vanuit je geheugen.
  • Noteer het voorwerp en de kleur.
  • Wacht met opschrijven totdat de ik dat zeg.

Slide 10 - Tekstslide

timer
0:30

Slide 11 - Tekstslide

Start



Begin nu met schrijven...



Slide 12 - Tekstslide

Controle...

Slide 13 - Tekstslide

Hoeveel had je er goed?

Slide 14 - Open vraag

Jullie hebben nu gebruik gemaakt van.....?
A
werk geheugen
B
permanent geheugen
C
automatisch geheugen
D
selectief geheugen

Slide 15 - Quizvraag

Werk geheugen
(maximaal) 7 voorwerpen.
(maximaal) 1 minuut opgeslagen.
Het is te trainen naar meer opslag.
Bij belangrijke zaken wordt het opgeslagen in het permanente geheugen.

Slide 16 - Tekstslide

Geheugenstoornis
  • Door veroudering neemt de capaciteit af.
  • Verbindingen tussen de neuronen zijn aangetast.

Slide 17 - Tekstslide

4 stadia van dementie

Slide 18 - Tekstslide

zorg aanbod
welke zorg geef je?

wat zijn de aandachtspunten?

hoe moet ik rekening houden met de zorgvrager en het stadium?

Slide 19 - Tekstslide

Bedreigde ik
Fase 1 - de bedreigde ik: 
Proberen het gevoel van angst en onveiligheid te verminderen. 

Daarnaast beroep doen op vaardigheden die niet achteruit zijn gegaan

De cliënt informeren over de concrete werkelijkheid om hem heen (realiteit oriëntatie).

Slide 20 - Tekstslide

Verdwaalde ik
Fase 2 -  de verdwaalde ik: 
Houvast bieden, de dagelijkse leefomgeving structureren. 

Verder zoveel mogelijk aansluiten bij de interesses en behoeften van de cliënt.

Slide 21 - Tekstslide

Verborgen ik
Fase 3 - de verborgen ik: 
Aanbod aansluiten op de directe zintuiglijke behoeften (warmte, rust, prettige sfeer) en beleving (warm/koud, honger/dorst, pijn) van de cliënt. 

Verder rustige, prikkelarme leefomgeving creëren.

Slide 22 - Tekstslide

Verzonken ik
Fase 4 - de verzonken ik: 
Inspelen op de lichamelijke behoeften.
 Lichamelijk contact maken (koesteren), praten (zacht, rustig - de woorden zijn niet belangrijk), prettige zintuiglijke prikkels aanbieden.

Slide 23 - Tekstslide

Slide 24 - Video

Uitingen van gedrag
Preserveren: steeds zelfde vraag stellen en dit niet doorhebben.
Confabuleren: verhalen aanvullen waardoor deze niet meer kloppen.
Hoarding: verzamelen en opbergen van voorwerpen op een voor hen veilige plek.
Achterdocht: wantrouwen in de omgeving.
Decorumverlies: vergeten van manieren en omgangsvormen.

Slide 25 - Tekstslide

Welke onderzoeken zijn er om de
diagnose dementie te stellen?

Slide 26 - Woordweb

Onderzoeken
  • Anamnese en lichamelijk onderzoek
  • MMSE (functioneringstest op taal, geheugen en concentratie)
  • Neuropsychologisch onderzoek
  • Bloedonderzoek
  • EEG
  • Beeldvormend onderzoek
  • Ruggenprik (afname liquor)

Slide 27 - Tekstslide

Medicamenteuze behandeling
het kan niet worden genezen maar wel geremd. d.m.v.:
  • hallucinatie remmers
  • bloedverdunners
  • medicatie voor onderliggende aandoening (bijv. extra vit. D)
  • anxiolytica (angst en onrust remmers)

Slide 28 - Tekstslide

Wat is belangrijk in de
benaderingswijze bij dementie?

Slide 29 - Woordweb

Wat is belevingsgerichte zorg?

Slide 30 - Woordweb

Belevingsgerichte zorg
Bij belevingsgerichte begeleiding staat een respecterende houding en lichaamssignalen begrijpen centraal. 

Het is een verzamelnaam voor andere methoden, zoals Validation, reminicentie, zintuigstimulering en warme zorg.


Slide 31 - Tekstslide

Als begeleider kun je een bepaalde houding aannemen, waardoor je cliënt zich meer gewaardeerd voelt.


- Een respectvolle houding 
- Goed luisteren 
- (mee)kijken volgen 
- Oogcontact
- Lichaamssignalen begrijpen


Slide 32 - Tekstslide