Toets thema 5 regeling 1MH

Oefentoets thema 5 
Waarnemen, gedrag en regeling
1 / 28
volgende
Slide 1: Tekstslide
BiologieMiddelbare schoolmavo, havoLeerjaar 1

In deze les zitten 28 slides, met interactieve quizzen en tekstslide.

time-iconLesduur is: 60 min

Onderdelen in deze les

Oefentoets thema 5 
Waarnemen, gedrag en regeling

Slide 1 - Tekstslide

Als iemand een duw tegen je arm geeft, dan neem je dit waar met je tastzintuigen.
A
Juist
B
Onjuist

Slide 2 - Quizvraag

Wilma is gestoken door een wesp. Ze huilt van de pijn.
De pijnpunten die de wespensteek waarnemen, liggen in de lederhuid.
A
Juist
B
Onjuist

Slide 3 - Quizvraag

Tastzintuigen kunnen in de lederhuid voorkomen.
A
Juist
B
Onjuist

Slide 4 - Quizvraag

Joline lacht tegen de jongen in de bank voor haar in de klas.
Dat is gedrag.
A
Juist
B
Onjuist

Slide 5 - Quizvraag

De bijnieren liggen in de hals.
A
Juist
B
Onjuist

Slide 6 - Quizvraag

De hormonen insuline en glucagon zijn niet tegelijk actief in het lichaam.
A
Juist
B
Onjuist

Slide 7 - Quizvraag

Welk nummer in afbeelding 1 geeft de schildklier aan?
A
Nummer 2
B
Nummer 3
C
Nummer 4
D
Nummer 5

Slide 8 - Quizvraag

Hoe zien de pupillen van deze meneer eruit?
A
Groter dan zonder zonnebril.
B
Kleiner dan zonder zonnebril.
C
Even groot als zonder zonnebril.

Slide 9 - Quizvraag

Welk gehoorbeentje zit tegen het vlies van het slakkenhuis aan?
A
Het aambeeld.
B
De hamer.
C
De stijgbeugel.

Slide 10 - Quizvraag

Welk van de genummerde delen laat licht door?
A
Alleen deel 4.
B
Alleen deel 5.
C
Alleen deel 6.
D
Zowel deel 4 als deel 5.

Slide 11 - Quizvraag

De huid bestaat uit de hoornlaag, de kiemlaag en de lederhuid.
Wat is de juiste volgorde van buiten naar binnen?

A
Hoornlaag – kiemlaag – lederhuid.
B
Hoornlaag – lederhuid – kiemlaag.
C
Kiemlaag – hoornlaag – lederhuid.
D
Kiemlaag – lederhuid – hoornlaag.

Slide 12 - Quizvraag

Waar zit vet opgeslagen?
A
De hoornlaag.
B
De kiemlaag.
C
De lederhuid.
D
Het onderhuids bindweefsel

Slide 13 - Quizvraag

Wat is een voorbeeld van een impuls?
A
Het proeven van de chocolade.
B
Het ruiken van chocolade.
C
Het samentrekken van je spieren om de chocolade naar je mond te brengen.
D
Het seintje van je reukzintuig naar je hersenen.

Slide 14 - Quizvraag

Soms raakt een tijger per ongeluk de brandende hoepel. Hij schrikt daar erg van.
Hoe neemt de tijger dit waar?

A
Drukzintuigen.
B
Pijnpunten.
C
Tastzintuigen.
D
Warmtezintuigen.

Slide 15 - Quizvraag

Cilly en Jane doen allebei een uitspraak over de tijger.
Cilly zegt dat de tijger door de brandende hoepel springt.
Jane zegt dat de tijger het vlees wil eten.
Welke uitspraak is een observatie van het gedrag?

A
De uitspraak van Cilly.
B
De uitspraak van Jane.
C
Allebei de uitspraken.
D
Geen van beide uitspraken

Slide 16 - Quizvraag

Hoe heet deel 3?

Slide 17 - Open vraag

Walvissen hebben een dikke vetlaag. Deze vetlaag dient onder andere als bescherming tegen stoten en als opslagplaats van reservevoedsel.
Welke beschermende functie heeft deze dikke vetlaag bij walvissen nog meer?

Slide 18 - Open vraag

Hoe heet het onderdeel van de zenuwcel dat ervoor zorgt dat impulsen geleid kunnen worden?

Slide 19 - Open vraag

Een vrouw heeft een hond. Elke keer als ze thuiskomt van haar werk en de deur open doet, begint de hond te kwijlen. Hij gaat hiermee door totdat hij eten krijgt.

Wat is in deze situatie de prikkel?
En wat is hier de respons/reactie?

Slide 20 - Open vraag

De vrouw besluit iets aan deze situatie te gaan doen en vraagt iemand die veel weet van het gedrag van huisdieren om raad. Die adviseert haar de hond 's ochtends eten te geven, voordat ze naar haar werk gaat. De vrouw volgt het advies op. In het begin gaat het goed. De hond kwijlt niet meer als ze thuiskomt. Maar de hond begint nu elke keer te kwijlen als ze ’s morgens uit bed opstaat.
Wat is er veranderd waardoor de hond nu elke keer begint te kwijlen als de vrouw ’s morgens opstaat?

Slide 21 - Open vraag

Geef een verklaring voor haar gedrag.
Een mannetje van de paradijsvogel voert de paringsdans uit.
Het vrouwtje kijkt toe, maar reageert niet op deze dans, terwijl ze dat meestal wel doet.

Is de motivatie van het vrouwtje hoog of laag?
Of heeft het niets met motivatie te maken?

Slide 22 - Open vraag

Wat regelen de hormonen uit de alvleesklier.
(wat brengen ze weer in balans?

Slide 23 - Open vraag

Sanne heeft diabetes (type 1). Ze voelt zich niet lekker en merkt dat ze veel moet plassen. Ook heeft ze veel dorst. Heeft Sanne een hyper of een hypo?

Slide 24 - Open vraag

Wat heeft Sanne nodig om zich weer goed te voelen?

Slide 25 - Open vraag

Waarom moet iemand met diabetes dit zelf regelen? (type 1)

Slide 26 - Open vraag

Wat is het andere hormoon dat de alvleesklier niet zelf kan aanmaken bij diabetes type 1

Slide 27 - Open vraag

Hoe heet het groepje cellen (weefsel) in de alvleesklier?

Slide 28 - Open vraag