Werk zelfstandig. Noteer eerst de vorm (pvtt, pvvt, vd, inf, bn) en noteer daarna de juiste spelling.
De NS ... (berichten) de reizigers gisteren te laat over de ontstane vertraging, waardoor ze een uur ... (staan) te ... (wachten) in de kou.
De ... (opscheppen) ravioli was te veel ... (afkoelen), waardoor het eten de gasten niet meer ... (smaken).
... (vinden) je dat de receptionist je vragen inmiddels correct ... (beantwoorden)?
Evelien ... (reageren) verbaasd, als haar vriendin ... (e-mailen) in plaats van appen.
Albert ... (vermoeden) dat zijn zus zich overal mee ... (bemoeien).
Slide 4 - Tekstslide
Antwoorden uitwisselen
Werk in tweetallen.
Vergelijk jullie antwoorden en bespreek de verschillen. Noteer de definitieve antwoorden op het wisbordje.
Slide 5 - Tekstslide
Startopdracht
Werk zelfstandig. Noteer eerst de vorm (pvtt, pvvt, vd, inf, bn) en noteer daarna de juiste spelling.
De NS ... (berichten) de reizigers gisteren te laat over de ontstane vertraging, waardoor ze een uur ... (staan) te ... (wachten) in de kou.
De ... (opscheppen) ravioli was te veel ... (afkoelen), waardoor het eten de gasten niet meer ... (smaken).
... (vinden) je dat de receptionist je vragen inmiddels correct ... (beantwoorden)?
Evelien ... (reageren) verbaasd, als haar vriendin ... (e-mailen) in plaats van appen.
Albert ... (vermoeden) dat zijn zus zich overal mee ... (bemoeien).
Slide 6 - Tekstslide
Persoonsvorm in samengestelde zinnen
Verander de gehele zin van tijd
De werkwoorden die veranderen > persoonsvorm(en).
Overige werkwoorden zijn: vd, od, inf
In het verleden hebben (hadden) robots vooral klusjes uitgevoerd in en om ons huis, maar het lijkt (leek) erop dat op den duur zelfs onze auto’s robots zullen (zouden) zijn.
Slide 7 - Tekstslide
T.T.
Persoonsvorm
V.T.
> voltooid deelwoord ('t Kofschip)
> onvoltooid deelwoord (hele ww + d)
Geen persoonsvorm > gebiedende wijs (ik-vorm)
> bijvoeglijk naamwoord (zo kort mogelijk)
> infinitief (hele werkwoord na 'te' of 'aan het')
> bijvoeglijk naamwoord (zo kort mogelijk)
1. Ik of jij/je erachter = ik-vorm
2. ev: jij/hij/zij/het = ik-vorm + t
3. mv: wij/jullie/zij = hele werkwoord
Sterke werkwoorden: veranderen van klank
Zwakke werkwoorden: ik-vorm + te(n)/de(n)
Slide 8 - Tekstslide
Gebiedende wijs
Hang je jas op de kapstok! (bevel)
De gebiedende wijs wordt gebruikt om een bevel, een advies, een instructie of een waarschuwing te geven.