- Benoem welk gedrag je ziet. ‘Hoe kan ik je helpen, zodat het de volgende keer beter gaat?’
- Benoem welk gedrag je ziet. ‘Hoe kunnen we er samen voor zorgen dat het anders gaat?’
- ‘Wat zie ik je doen?’ Geef een compliment. ‘Waar ga je nu voor kiezen?’