This lesson contains 36 slides, with interactive quizzes and text slides.
Lesson duration is: 60 min
Items in this lesson
Hv1c -- 02-04-2025
Slide 1 - Slide
For Today
- Vocab Check
- Future
- Homework Check
Homework
- Ex. 1 t/m 6 of 4.3
- Study Boxes 4.2 and 4.4
Slide 2 - Slide
Vocabulary Check
Slide 3 - Slide
Vocabulary Check
For today, you have studied Boxes 4.2 and 4.3.
I want to go over some words with you.
NB! I am looking for what is in the book exactly!
Slide 4 - Slide
Translate: honkbal
Slide 5 - Open question
Translate: employee
Slide 6 - Open question
Translate: monteur
Slide 7 - Open question
Translate: martial arts
Slide 8 - Open question
Translate: knuppel
Slide 9 - Open question
Translate: krantenbezorger
Slide 10 - Open question
Translate: Ik ben vrijwilliger bij het museum.
Slide 11 - Open question
Translate: Wat vind je van vijf per week om mee te beginnen?
Slide 12 - Open question
Will, shall & to be going to
Slide 13 - Slide
leerdoelen
Aan het einde van de les...
weet ik het verschil tussen "will", "shall" & "to be going to"
weet ik hoe ik "will" gebruik
weet ik hoe ik "shall" gebruik
weet ik hoe ik "to be going to" gebruik
Slide 14 - Slide
Op welke manieren kan je over de toekomst praten?
Dit kan op een aantal manieren, namelijk door gebruik te maken van:
- will + hele werkwoord
- shall + hele werkwoord - to be going to + hele werkwoord
Slide 15 - Slide
Will + hele ww
Wanneer gebruik je will?
een besluit wat je nu neemt yes, Iwill have a cup of tea!
als je zeker weet dat iets wel of niet gaat gebeuren The sun will rise tomorrow. They won't be back before noon.
Slide 16 - Slide
Will + hele ww
Wanneer gebruik je will?
bij een wens, aanbod, verzoek, veronderstelling, belofte of voorspelling I hope you will feel better soon I will help you clean your room. Will you be home on time?
Slide 17 - Slide
Will + hele ww
hoe maak je een zin? will + persoon + hele ww
Vragend
willhe start?
Slide 18 - Slide
He .... us next week.
A
will
B
will visit
C
will visits
D
visits
Slide 19 - Quiz
I don't like Stefan. I .... him with his homework.
A
will help
B
will not help
C
won't help
D
help
Slide 20 - Quiz
I have football practise tonight. We ... a movie tonight.
A
will watch
B
will watches
C
won't watches
D
won't watch
Slide 21 - Quiz
Shall + hele ww
Wanneer gebruik je shall? Alleen bij vragen met I of we
als je voorstelt om iets te doen Shall we go to the beach?
als je vraagt om een mening Shall I buy these trousers?
als je iets aanbied Shall I clean your room?
Slide 22 - Slide
shall + hele ww
hoe maak je een zin? shall + I/we + hele ww
Vragend
Shall Istart?
will he start?
Shall westart?
Slide 23 - Slide
She ___________ turn sixteen next June.
Future + will / shall: we / shall + hele werkwoord
will
shall
Slide 24 - Drag question
He ___________ tell you what to do.
Future + will / shall: we / shall + hele werkwoord
will
shall
Slide 25 - Drag question
The weather ________ be sunny and dry tomorrow.
Marc ________ join us for dinner, he's not hungry.
_______ we meet at eight on Friday?
Maybe they _______ give you you money back if you ask nicely.
will
won't
shall
will
Slide 26 - Drag question
to be going to + hele ww
Wanneer gebruik je to be going to?
plannen die al gemaakt zijn voor het moment van spreken, wat ben je van plan They are going to visit the zoo tomorrow.
bij een voorspelling waar bewijs voor is, wat gaat zeker gebeuren It's 8:15. I am going to be late for school.
Slide 27 - Slide
to be going to + hele ww
hoe maak je een zin? persoon + (to be) am/are/is + going to + hele werkwoord
bevestigend I am going to Spain this year.
Slide 28 - Slide
to be going to + hele ww
hoe maak je een zin? persoon + (to be) am/are/is + not + going to + hele werkwoord
ontkennend He is not going to Spain this year.
Slide 29 - Slide
to be going to + hele ww
hoe maak je een zin? (to be) am/are/is + persoon + going to + hele werkwoord