opname

Anamnese - intakgesprek
1 / 19
next
Slide 1: Slide
Verpleging en verzorgingMBOStudiejaar 1

This lesson contains 19 slides, with interactive quizzes, text slides and 2 videos.

time-iconLesson duration is: 60 min

Items in this lesson

Anamnese - intakgesprek

Slide 1 - Slide

This item has no instructions

Planning
- Uitleg anamnese
Doel - soorten - gespreksvoering
- Zelf oefenen

Slide 2 - Slide

This item has no instructions

Zoek in tweetallen op en vul in:
Wat is het doel van een opname?
timer
3:00

Slide 3 - Open question

This item has no instructions

Het doel van opname

Elke individuele cliënt ontvangt de juiste zorg, behandeling en begeleiding in de juiste setting


2 soorten opnamegesprekken: 
1: Medisch
2: Zorggerelateerd

Slide 4 - Slide

Belangrijkste taken van de afdeling Zorgadvies:
Wegwijzer voor derden over zorg-en-dienstverlening van SVRZ in Zeeland.
(Potentiële) cliënten en verwijzers helpen om passende zorg te vinden en te verkrijgen.
In- en doorstroom cliënten coördineren.
Wachtlijst beheren.
Dagelijks de mogelijkheden voor crisisopvang inventariseren en communiceren naar externe belanghebbenden.
Actieve/ centrale rol spelen in de ketensamenwerking
Wat zou jij willen bespreken tijdens een opnamegesprek?
timer
3:00

Slide 5 - Open question

This item has no instructions

OPNAME
1. Richtlijn/protocol per afdeling/woning bespreken in groepjes.

2. Na 5 minuten:
Per groepje overeenkomsten/verschillen 
aan de groep vertellen


timer
5:00

Slide 6 - Slide

This item has no instructions

Slide 7 - Video

This item has no instructions

Slide 8 - Video

This item has no instructions

De opbouw van een anamnesegesprek

de voorbereiding
de inleiding
het eigenlijke vraaggesprek
de afsluiting




Slide 9 - Slide

This item has no instructions

Voorbereiding
Voordat je begint met het gesprek, besluit je wat je gaat vragen.

Slide 10 - Slide

This item has no instructions

2 soorten anamneses
  • Anamnese en hetero anamnese: Wat is het verschil?

Slide 11 - Slide

anamnese is met cliënt zelf
hetero anamnese: wanner cliënt niet in staat is om zelf anamnesevragen te beantwoorden
Vraagtechniek

vraag:  ‘Hoe werd u verpleegd in het verpleeghuis?’
Antwoord:  ‘Heel goed’ 

Is dit concreet genoeg? 

Slide 12 - Slide

This item has no instructions

Vraag één ding tegelijk.

 ‘Wie van uw familieleden heeft u verzorgd en hoe vaak per week kwam die persoon bij u?’

Slide 13 - Slide

This item has no instructions

Woordkeuze

Moeilijke woorden (niet decubitus, hematoom en dergelijke, maar doorliggen en bloeduitstorting)


Ruim één op de drie Nederlanders heeft beperkte gezondheidsvaardigheden¹. Dat betekent dat zij moeite hebben met het vinden, begrijpen, beoordelen en gebruiken van informatie over gezondheid. 

Slide 14 - Slide

This item has no instructions

Laat zo min mogelijk ruimte voor interpretaties.

 Formuleer vragen zo concreet en specifiek mogelijk. Vraag niet: ‘Dus u slaapt slecht?’ maar: ‘Hoeveel uur per nacht slaapt u gemiddeld?’


NIVEA --> Niet Invullen Voor Een Ander


Slide 15 - Slide

This item has no instructions

Andere gesprekstechnieken
LSD
Stiltes laten vallen
Spiegelen
Herhalen

Slide 16 - Slide

This item has no instructions

Wat zijn objectieve gegevens?

Slide 17 - Open question

This item has no instructions

Subjectief en objectief
S = subjectief: wat de zorgvrager zegt over zijn eigen beleving
(gevoelens, deze zijn niet zichtbaar)

O = objectief: de situatie van de zorgvrager zoals jij die waarneemt
(metingen; temperatuur, ontlasting, medische gegevens)

Slide 18 - Slide

This item has no instructions

Zelf oefenen

Slide 19 - Slide

This item has no instructions