What is LessonUp
Search
Channels
Log in
Register
‹
Return to search
Herhaling: mix tegenwoordige - verleden tijd
Herhaling: mix tegenwoordige - verleden tijd
1 / 29
next
Slide 1:
Slide
Nederlands
Secundair onderwijs
This lesson contains
29 slides
, with
interactive quizzes
and
text slides
.
Lesson duration is:
30 min
Start lesson
Save
Share
Print lesson
Items in this lesson
Herhaling: mix tegenwoordige - verleden tijd
Slide 1 - Slide
Sleep de werkwoorden naar de juiste tijd.
tegenwoordige tijd
verleden tijd
zitten
knipte
belde
kijken
praatte
Slide 2 - Drag question
sleep de werkwoorden naar de juiste tijd.
tegenwoordige tijd
verleden tijd
praatten
rusten
Slide 3 - Drag question
De tegenwoordige tijd
Ik speel (stam)
jij speelT (stam + T)
Hij speelT (stam + T)
Wij spelen
Jullie spelen
Zij spelen
Slide 4 - Slide
Bie........ deze garage voldoende ruimte voor twee auto's?
A
Bied
B
Biet
C
Biedt
Slide 5 - Quiz
Als het donker wor......, liften we liever niet.
A
Wort
B
Wordt
C
Word
Slide 6 - Quiz
Beantwoor... hij zijn mails altijd zo laat?
A
Beantwoord
B
Beantwoort
C
Beantwoordt
Slide 7 - Quiz
Wor.. eens volwassen!
A
Wort
B
Word
Slide 8 - Quiz
Je beteken... alles voor haar.
(tegenwoordige tijd)
A
betekend
B
betekende
C
betekent
D
betekendt
Slide 9 - Quiz
Tegenwoordige tijd
A
hij bediend
B
hij bedient
C
hij bediendt
Slide 10 - Quiz
Vervoeg in de
tegenwoordige tijd
.
A
vind
B
vint
C
vindt
D
vond
Slide 11 - Quiz
Vervoeg in de
tegenwoordige tijd
.
A
gebruikt
B
gebruikd
C
gebruikte
D
gebruiken
Slide 12 - Quiz
Bie........ je garage voldoende ruimte voor twee auto's?
A
Bied
B
Biet
C
Biedt
Slide 13 - Quiz
Beantwoor... hij de post altijd zo laat?
A
Beantwoord
B
Beantwoort
C
Beantwoordt
Slide 14 - Quiz
Je wen.......... je het best tot de personeelsdienst met die vraag.
A
Went
B
Wendt
C
Wend
Slide 15 - Quiz
_________(branden) het vuur nog steeds?
A
Brand
B
Brandt
Slide 16 - Quiz
Het land bie_ je meer dan zon, zee en strand.
A
Bied
B
Biet
C
Biedt
Slide 17 - Quiz
De onvoltooid verleden tijd
Slide 18 - Slide
Zet het antwoord in de verleden tijd.
"Die outfits (kosten) meer dan 100 euro!
Slide 19 - Open question
schrijf in de verleden tijd:
Vroeger ....... mama mijn boeken.
(kaften)
Slide 20 - Open question
schrijf in de verleden tijd:
Hij ..... de wedstrijd.
(verliezen)
Slide 21 - Open question
Het hondje (kwispelen) toen het zijn baasje zag.
Tip
Verleden tijd
Slide 22 - Open question
verliezen
Abdul ...................... tijdens het dammen.
Slide 23 - Open question
Salwa ........................ op de speelplaats.
(spelen)
Slide 24 - Open question
Chaymae .................... (werken) hard tijdens de spellingles.
Slide 25 - Open question
Voltooid verleden tijd
Hebben/zijn/ worden + voltooid deelwoord
(ge-, be-, ver-... + stam -D )
-T
==> Verlengen "Ik hoorde" -> "Ik heb gehoorD"
Slide 26 - Slide
Ik ben in 2017 verhuis...naar Brussel.
A
verhuisd
B
verhuist
C
verhuisdt
Slide 27 - Quiz
Heeft hij het filmpje op Youtube geplaats...?
A
geplaatsd
B
geplaatst
C
gesplaatsdt
Slide 28 - Quiz
Het is onbegrijpelijk hoe zo'n ongeluk is gebeur...?
A
gebeurt
B
gebeurdt
C
gebeurd
Slide 29 - Quiz
More lessons like this
Werkwoordspelling
March 2024
- Lesson with
15 slides
Nederlands
Secundair onderwijs
Werkwoordspelling
June 2024
- Lesson with
15 slides
Nederlands
Secundair onderwijs
Werkwoordspelling
September 2024
- Lesson with
15 slides
Nederlands
Secundair onderwijs
Werkwoordspelling
November 2024
- Lesson with
15 slides
Nederlands
Secundair onderwijs
De spelling van de werkwoorden
March 2024
- Lesson with
34 slides
Nederlands
Secundair onderwijs
De spelling van de werkwoorden
May 2024
- Lesson with
38 slides
Nederlands
Secundair onderwijs
W2 - NE D: Spelling: o.t.t. en o.v.t.
November 2023
- Lesson with
28 slides
Nederlands
Secundair onderwijs
Werkwoordspelling
July 2024
- Lesson with
15 slides
Nederlands
Secundair onderwijs