Activiteiten organiseren in de zorg

Activiteiten organiseren in de zorg
1 / 13
next
Slide 1: Slide
ActiviteitenMBOStudiejaar 1-3

This lesson contains 13 slides, with interactive quiz and text slides.

time-iconLesson duration is: 30 min

Items in this lesson

Activiteiten organiseren in de zorg

Slide 1 - Slide

Waarom is dagbesteding zo van belang?

Slide 2 - Open question

Dagbesteding is een levensbehoefte

Dagbesteding is een doelgerichte, zo veel mogelijk zingevende, gestructureerde invulling van activiteiten om de tijd die je tot je beschikking hebt te besteden.

Slide 3 - Slide

Dagbesteding in de zorg richt zich op
  • (re)activeren van mensen;
  • leren van vaardigheden (gericht op sociale vaardigheden en werkvaardigheden (re-integratie naar werk);
  • behouden van vaardigheden;
  • vergroten en behouden van eigenwaarde van cliënten (het zo normaal mogelijk meedoen in de maatschappij);
  • ondersteunen in het (leren) omgaan met beperkingen door een complex en mogelijk progressief ziektebeeld; stabiliseren van functioneren en voorkomen van achteruitgang;
  • bereiken van een ander doel (bijvoorbeeld behandeldoelstelling);
  • voorkomen van overbelasting bij mantelzorgers (dagbesteding als respijtzorg) of juist een advies en inhoudelijke ondersteuning van de cliënt en het cliëntsysteem (vaardigheden behouden/ trainen en tegengaan van achteruitgang).

Slide 4 - Slide

Kennis hebben van bewoner
  • levensloop en kennis over gedrag
  • zingeving
  • competenties
  • leren: eigen maken of behouden van kennis, houding, vaardigheden

Slide 5 - Slide

Structuur aanbrengen in je activiteit
Ruimtelijke structuur: rustplekken, spullen die afleiden verwijderen, let op kleurgebruik

Sociale structuur: regels en instructies kort en helder, herhalen, eventueel visueel maken (gewenst en ongewenst gedrag -> welke consequenties)

Tijdstructuur: planning, zichtbaar dagschema

Materiële structuur: stevig materiaal, aantrekkelijk, veilig, let op kleurgebruik

Slide 6 - Slide

Activiteit kiezen
  • Mogelijkheden/onmogelijkheden van bewoner m.b.t. motorisch-, emotionele-, cognitieve- en sociale  vaardigheden.
  • Voorkeur van bewoner (levensgeschiedenis)
  • Onderlinge verhouding bewoners
  • Welke risico's zijn er?
  • Hoeveel begeleiding nodig?
  • Materialen veilig en beschikbaar?
  • Kosten?

Slide 7 - Slide

Doel van activiteit (agogisch doel)
Motorische vaardigheden: fijne of grove motoriek (rekening houden met oog/handcoördinatie, spierkracht, houding, inspanning)

Cognitieve vaardigheden: concentratie, begrijpen van (spel)regels, geheugen, ruimtelijke oriëntatie.

Sociale vaardigheden: bieden van positieve sfeer en gezelligheid, vergroten van de leefwereld
structuur in de dag aanbrengen (mogelijkheden communicatie, onderling contact tussen bewoners)




Slide 8 - Slide

Slide 9 - Slide

Slide 10 - Slide

Slide 11 - Slide

Slide 12 - Slide

Opdracht activiteitenplan

Slide 13 - Slide