Werken met de rekenmachine

Werken met de rekenmachine
1 / 14
next
Slide 1: Slide
RekenenMiddelbare schoolPraktijkonderwijsvmbo kLeerjaar 3

This lesson contains 14 slides, with interactive quizzes and text slides.

time-iconLesson duration is: 15 min

Items in this lesson

Werken met de rekenmachine

Slide 1 - Slide

Tijdens je examen met je werken met je rekenmachine en slimme rekenschrift.

Gebruik geen punt maar een komma.  


Slide 2 - Slide

Breuken uitrekenen

Slide 3 - Slide

Welke kommagetal hoort er bij de volgende breuk? Reken uit met je rekenmachine.
1/7
A
0,14
B
14
C
0,13
D
1,4

Slide 4 - Quiz

Reken uit:

1 / 2 - 1 / 4
A
1/4
B
1/3
C
1/2

Slide 5 - Quiz

Welke breuk is gelijkwaardig aan de volgende breuk (zonder rekenmachine)
1/3
A
1/4
B
2/6
C
1/2

Slide 6 - Quiz

Vier mensen raden het gewicht van dit krentenbrood. Het brood weegt 1,25 kilogram. Wie heeft het het beste geraden?
A
1,235
B
1,400
C
1,375
D
1,205

Slide 7 - Quiz

Hoeveel is 1800 x 2.9?
A
400
B
40
C
4

Slide 8 - Quiz

5 kinderen verdelen 4 repen.
Elk kind krijgt
../..
reep.
A
1/5
B
5/4
C
4/5

Slide 9 - Quiz

Welke breuk is kleiner?

1/4 of 1/5
A
1/5
B
1/4

Slide 10 - Quiz

Hoeveel m is 3 km?
A
300
B
3000
C
30
D
30000

Slide 11 - Quiz

Kies het goede antwoord hoeveel is 1 : 2
A
0.5
B
0,5

Slide 12 - Quiz

Hoeveel meter is 3 dm?
A
0,3
B
0.3
C
0.03
D
0,03

Slide 13 - Quiz

=

Slide 14 - Slide