Uitleg: persoonlijk voornaamwoord (psv)
Persoonlijk voornaamwoord: Geeft een persoon, dier of ding aan, vooral personen.
Een persoonlijk voornaamwoord heeft twee vormen: onderwerpsvorm en voorwerpsvorm.
Onderwerpsvorm: Gebruik je als onderwerp van de zin
Voorwerpsvorm: Gebruik je als lijdend voorwerp of meewerkend voorwerp van de zin
Persoonlijke voornaamwoorden onderwerpsvorm:
Ik, jij, je, u, hij, zij (ev+mv), ze, het, wij, we, jullie
Persoonlijke voornaamwoorden voorwerpsvorm:
mij, me, jou, je, u, hem, haar, het, ons, jullie, hun, hen