This lesson contains 52 slides, with interactive quizzes and text slides.
Items in this lesson
Welkom vandaag 7 maart
Planning vandaag
Planning
Testen kennis/huiswerkcheck
Verder met stofeigenschappen
Neem plaats
Nodig pen en papier
Slide 1 - Slide
Een stofeigenschap
Géén stofeigenschap
Kleur
Geur
Massa
Smaak
Hardheid
Dichtheid
Volume
Vorm
Slide 2 - Drag question
Dezelfde eigenschap die water en benzine hebben is
Slide 3 - Open question
Verschillende eigenschappen van water en benzine is
Slide 4 - Open question
Je kunt een stof herkennen aan bepaalde eigenschappen. Alleen niet elke eigenschap is een stofeigenschap.
Maak de zinnen kloppend.
In de supermarkt kun je suiker kopen. Een pak suiker weegt één kilo en smaakt zoet. Het gewicht van het pak suiker is .................... stofeigenschap en de zoete smaak is .................... stofeigenschap.
geen
wel een
Slide 5 - Drag question
Maak de zin kloppend.
........................................ is een stofeigenschap, omdat
........................................ per eenheid van .........................................
altijd hetzelfde is.
volume
de massa
dichtheid
Slide 6 - Drag question
Leg uit! Waarom is massa geen stofeigenschap?
Slide 7 - Open question
In de ene fles zit water in de andere fles benzine
Vraag 1. Bedenk een eigenschap die ze beide hebben.
Vraag 2. Bedenk een eigenschap waarin ze verschillen
Invullen op de volgende dia's
Slide 8 - Slide
Geen stofeigenschappen
Vorm/ massa Volume
Slide 9 - Slide
Volume
timer
3:00
600 g
Slide 10 - Slide
Wat heb je aan deze kennis?
Slide 11 - Slide
Leerdoelen: je leert
wat een indicator is
het verschil tussen zuur en zuur
voorbeelden van indicatoren: rode koolsap voor de zuurgraad en joodoplossing voor zetmeel
wat een oplossing en wat een suspensie is
dat er bij reacties gas kan ontstaan
het verschil tussen een endotherme en exotherme reactie
Slide 12 - Slide
Herkennen stoffen
Zodat:
Weten waarvoor ze geschikt zijn
Gebruiken voor een ontwerp veiligheid
Mogelijke gevaren
Elke stof heeft een unieke combinatie van eigenschappen
Vaak meerdere eigenschappen nodig om stof te herkennen
Slide 13 - Slide
Practicum
Oplosbaarheid in water
Indicatoren: stoffen waarmee een andere stof kan worden aangetoond
Chemische reactie(s)
Slide 14 - Slide
(Water) oplosbaarheid
Thee is een heldere oplossing
Een suspensie is een troebel mengsel van een vaste stof in een vloeistof.
Helder: thee Troebel: sinaasappelsap, verf, melk
Slide 15 - Slide
Indicatoren
Slide 16 - Slide
pH of zuurgraad
Slide 17 - Slide
Endotherme en exotherme reactie
Endotherme reactie: energie nodig. Het kost energie om de reactie op gang te houden
Voorbeeld, ijsblokjes in frisdrank. De frisdrank wordt koud, geeft energie af, deze wordt opgenomen door ijsblokjes die smelten.
Het wordt koud.
Exotherme reactie: als het eenmaal draait geen extra energie nodig. Branden hout, kernsplijting van uranium; vaak ontstaat warmte.
Slide 18 - Slide
Chemische reactie
Krijtpoeder met azijn levert gasbelletjes op
Slide 19 - Slide
Check
Slide 20 - Slide
Indicatoren. Met de rode kool sap kun je de zuurgraad bepalen
A
Waar
B
niet waar
Slide 21 - Quiz
Bij een exotherme reactie is warmte nodig.
A
Waar
B
niet waar
Slide 22 - Quiz
Krijtpoeder in water is een voorbeeld van een suspensie
A
Waar
B
niet waar
Slide 23 - Quiz
Wanneer een joodoplossing aan zetmeel wordt toegevoegd wordt de oplossing rood
wat het verschil is tussen voedingsmiddelen en voedingsstoffen
de zes voedingsstoffen
welke functies de verschillende voedingsstoffen hebben
in afbeeldingen de verschillende organen herkennen die betrokken zijn bij de vertering
de algemene functie van het spijsverteringstelsel
Slide 31 - Slide
Voedingsstoffen en voedingsmiddelen
Voedingsstoffen zijn hele kleine stukjes uit ons voedsel wat ons lichaam voor verschillende doeleinden gebruikt. Ze zitten in voedingsmiddelen, die je hier rechts ziet.
Slide 32 - Slide
Plantaardig of dierlijk ?
Plantaardig of dierlijk ?
Slide 33 - Slide
Vier groepen voedingsstoffen
Er zijn vier hoofdgroepen voedingsstoffen.
Bouwstoffen
Brandstoffen
Reservestoffen
Beschermende stoffen.
Slide 34 - Slide
Route
• Mondholte
• Slokdarm
• Maag
• 12-vingerige darm
• Dunne darm
• Dikke darm
• Endeldarm
Slide 35 - Slide
Bouwstoffen en Brandstoffen
Bouwstoffen zorgen voor groei, herstel en ontwikkeling.
sporters en bodybuilders gebruiken dit veel om meer spieren te krijgen. Of pubers in de groei!
Brandstoffen gebruik je om energie van te krijgen. Jouw lichaam verbrandt deze stoffen zodat je kunt bewegen of leren.
Slide 36 - Slide
Reservestoffen en beschermende stoffen
Reservestoffen worden opgeslagen in jouw lichaam totdat deze het nodig heeft.
Beschermende stoffen zorgen ervoor dat je lichaam gezond blijft.
Slide 37 - Slide
Zes groepen voedingsstoffen
Er bestaan zes soorten voedingsstoffen.
Deze zijn allemaal te plaatsen in de verschillende groepen die we net behandeld hebben.
Slide 38 - Slide
Eiwitten
Eiwitten dienen als bouwstoffen en brandstoffen.
Ze zitten veel in vlees, vleesvervangers en eieren.
Slide 39 - Slide
Koolhydraten
Koolhydraten dienen als brandstof, maar worden soms gebruikt als bouwstof of reservestof.
Slide 40 - Slide
Vetten
Vetten zijn een hele goede brandstof, maar worden snel opgeslagen als reservestoffen.
Slide 41 - Slide
Water
Water is de belangrijkste bouwstof voor het lichaam en water speelt een belangrijke rol bij het vervoeren van andere stoffen in het lichaam.
Slide 42 - Slide
Mineralen
Mineralen in ons lichaam zijn vooral bouwstoffen en beschermende stoffen. Het zijn zouten, bijvoorbeeld Calcium (voor je botten) of Natrium.
Slide 43 - Slide
Vitaminen
Vitaminen zijn bouwstoffen en de belangrijkste beschermende stoffen.
Er zijn er erg veel en zorgen dus dat je gezond blijft.
Slide 44 - Slide
Een overschot aan reservestoffen zorgt ervoor dat je...
A
Dikker wordt
B
Dunner wordt
Slide 45 - Quiz
Koolhydraten zijn een voorbeeld van...
A
Voedingsstoffen
B
Voedingsmiddelen
Slide 46 - Quiz
Druiven zijn een voorbeeld van...
A
Voedingsstoffen
B
Voedingsmiddelen
Slide 47 - Quiz
Welke van de volgende voedingsstoffen zijn een voorbeeld van beschermende stoffen?
A
Mineralen
B
Koolhydraten
C
Vitaminen
D
Eiwitten
Slide 48 - Quiz
Welke van de volgende voedingsstoffen zijn een voorbeeld van bouwstoffen?
A
Mineralen
B
Water
C
Vitaminen
D
Eiwitten
Slide 49 - Quiz
Welke voedingsstof zorgt ook voor het vervoer van andere stoffen door het lichaam?