Synoniemen

Blok 5: Over taal
Synoniemen
1 / 17
next
Slide 1: Slide
NederlandsMiddelbare schoolvmbo kLeerjaar 4

This lesson contains 17 slides, with interactive quizzes and text slides.

time-iconLesson duration is: 45 min

Items in this lesson

Blok 5: Over taal
Synoniemen

Slide 1 - Slide

Lesdoelen
  • Je weet wat synoniemen zijn
  • Je kan synoniemen bij elkaar zoeken
  • Je kan synoniemen gebruiken in een zin
  • Je weet wat een tegenstelde is
  • Je herkent overbodige woorden in een zin

Slide 2 - Slide

Planning
  • Uitleg over synoniemen
  • Aan het werk
  • Nakijken

Slide 3 - Slide

Wat valt je op?
Ik was boos en mijn zusje was ook erg kwaad.

Slide 4 - Open question

En hier?
De rijke man reed in een snelle bolide. Mijn auto is niet zoveel waard.

Slide 5 - Open question

Synoniemen
Meerdere woorden die (ongeveer) hetzelfde betekenen.

Let op! Soms is er een verschil tussen informeel en formeel taalgebruik. Kies dus het woord wat het beste past bij wat je wil schrijven.

Slide 6 - Slide

Noem een synoniem van het woord "huis".

Slide 7 - Open question

Noem een synoniem voor het woord "leraar".

Slide 8 - Open question

Wat is het tegengestelde van:
zinloos
A
zinnig
B
zinvol
C
zintuig
D
zin in.

Slide 9 - Quiz

Wat is het tegengestelde van 'goedkeuren' ?
A
afbetalen
B
beoordelen
C
verwerpen
D
afspeuren

Slide 10 - Quiz

wat is het tegengestelde van 'modieus' ?
A
smaakvol
B
tijdloos
C
heerlijk
D
hedendaags

Slide 11 - Quiz

Welk woord is overbodig?
Noteer:
1.
2.
3.

Slide 12 - Open question

Wat is een dubbele ontkenning
A
twee woorden die hetzelfde betekenen
B
twee woorden die tegenovergesteld zijn
C
twee woorden die een ontkenning aangeven
D
twee woorden die hetzelfde klinken

Slide 13 - Quiz

Wat is een dubbele ontkenning
A
nooit geen geld
B
ronde cirkel
C
waarom niet
D
de groep mensen zijn

Slide 14 - Quiz

Wat is geen dubbele ontkenning?
A
Ik vind het niet leuk dat jij mij hebt geslagen.
B
ik wil niet dat jij deze vraag niet fout doet.
C
Ik heb nooit geen pizza gegeten.

Slide 15 - Quiz

Om te controleren of je je lesdoel hebt behaald, geef je een voorbeeld van een:
- synoniem
- tegengestelde
- dubbele ontkenning

Slide 16 - Open question

Aan het werk
Maak opdracht 13 (blz. 173)
Opdracht 13 gaan we bespreken
Als je klaar bent, maak je opdracht 1 en 12 
(blz. 167 en 168)
timer
10:00

Slide 17 - Slide