Opsomming: ten eerste, en, eveneens, zowel ... als, tevens, daarbij,
vervolgens, bovendien, verder, ook, een andere, daarnaast, ten slotte, tot slot.
Toelichting/voorbeeld: zoals, bijvoorbeeld, zo, een voorbeeld, dat blijkt uit,
dat komt voor bij, ter illustratie, onder andere, neem nou, u kent het wel, ter
verduidelijking.
Volgorde: eerst, vervolgens, dan, daarna, later, voorafgaand, toen, terwijl,
voordat, nadat, zodra, intussen, vroeger.
Ook tijdsaanduidingen kunnen een signaal geven: In 1972, een jaar later, op
12 mei, sinds die tijd, enz.