H2 - Neue Kontakte

1 / 29
next
Slide 1: Slide
DuitsMiddelbare schoolhavo, vwoLeerjaar 2

This lesson contains 29 slides, with interactive quizzes, text slides and 1 video.

time-iconLesson duration is: 50 min

Items in this lesson

Slide 1 - Slide

This item has no instructions

Toets hoofdstuk 4 
let op: 

06.02.2025

Slide 2 - Slide

This item has no instructions

Wilkommen! 
Wat gaan we vandaag doen?

  • Beluister een fragment en maak de opdrachten. 
  • Maak de opdrachten over regelmatige werkwoorden 
  • Quizlet live 
  • Huiswerk 

Lesdoelen: 

  • Ik kan informatie uit een luisterfragment halen en beantwoorden op niveau. 
  • Ik kan het voltooid deelwoord van regelmatige werkwoorden in het Duits vormen en herkennen.
  • Ik werk actief en zelfstandig of in groepjes aan opdrachten passend bij mijn niveau.

Slide 3 - Slide

This item has no instructions

Hörfertigkeit 
Mache die Aufgaben auf dem Blatt. 





Seid ihr fertig bespreche die Aufgaben. 

Ik kan informatie uit een luisterfragment halen en beantwoorden op niveau. 

Slide 4 - Slide

Hier een bingokaart van maken. Moeten ze rondlopen en de vragen stellen.
Regelmatige werkwoorden 
Ik kan het voltooid deelwoord van regelmatige werkwoorden in het Duits vormen en herkennen.

Slide 5 - Slide

Hier een bingokaart van maken. Moeten ze rondlopen en de vragen stellen.
Regelmatige werkwoorden 



Extra uitleg en invuloefeningen. 


Maak de kruiswoordpuzzel en schrijf bij elk werkwoord een passende zin. 


Maak de kruiswoordpuzzel en schrijf een dialoog waarin je minimaal zes werkwoorden gebruikt. 
Ik werk actief en zelfstandig of in groepjes aan opdrachten passend bij mijn niveau.

Slide 6 - Slide

This item has no instructions

Wat weet je al van de woorden en werkwoorden





Wiederholung 

Slide 7 - Slide

https://quizlet.com/nl/819516064/v3-verbes-annee-1-2-flash-cards/?funnelUUID=7799512b-9d49-48b6-a180-d57959db9a41
Huiswerk 
Augaben: 

Buch Seite 183 
Aufgabe 4, 6, 8, 9 
Leren voor de toets: 


-Woorden p. 132, 133
- grammatica p. 134 

Slide 8 - Slide

This item has no instructions

Slide 9 - Video

This item has no instructions

Bienvenue!
Le programme
  • Corrigez: les verbes + chiffres | 10'
  • Au travail / posez des questions | 20'
  • Bingo! | 10'
    Les devoirs
  • Les prépositions (p.10+11)
  • Le passé composé (p.12+13)
Leerdoelen 
  • Ik kan de werkwoorden avoir, être, aller & faire correct vertalen.
  • Ik kan de cijfers 0-100 correct verstaan (en schrijven).
  • Ik kan kritisch én zichtbaar nakijken.

Madame Geluk (Bonheur)
r.geluk@hetbaarnschlyceum.nl
Afwezig: di-ochtend & vrijdag

Slide 10 - Slide

This item has no instructions

être
avoir
aller
faire
Je
Tu 
Il/Elle/On
Nous
Vous
Ils/Elles
P.C.
Les verbes irréguliers

Slide 11 - Slide

This item has no instructions

être
avoir
aller
faire
Je
Tu 
Il/Elle/On
Nous
Vous
Ils/Elles
P.C.
Les verbes irréguliers

Slide 12 - Slide

This item has no instructions

Corrigez les verbes
  • Kijk kritisch & zichtbaar na
  • Verbeter met een andere kleur / potlood
  • Stel vragen aan klasgenoot / docent als je niet snapt waarom het niet goed is.
  • Klaar met nakijken? 
    > Lever het antwoordblad (netjes) weer in
    > Werk verder in het boekje (=les devoirs)

Les devoirs:
Les prépositions (p.10+11)
Le passé composé (p.12+13)


timer
10:00

Slide 13 - Slide

This item has no instructions

Au travail
5. Les prépositions




6. Le passé composé



timer
10:00

Slide 14 - Slide

This item has no instructions

Bingo Spiel 
Deel de bingobladen uit.
timer
2:00

Slide 15 - Slide

Toelichting slide 5
  • Geef elke leerling een bingoblad en bespreek of ze alle instrumenten die erop staan kennen. 
  • Start vervolgens de filmpjes en laat de kinderen het instrument dat ze zien/horen wegstrepen op hun kaart. Is de kaart vol? Roep dan zo snel mogelijk bingo! 
De volgorde waarin de instrumenten langskomen is:
1 cello
8 viool
2 trompet
9 hobo
3 dwarsfluit
10 altviool
4 pauken
11 fagot
5 tuba
12 trombone
6 contrabas
13 harp
7 hoorn
14 klarinet

Les prépositions
à pied
en bateau
en avion
à vélo
en train
en voiture

Slide 16 - Drag question

This item has no instructions

Welk voorzetsel past het best bij het plaatje?
Les prépositions - de voorzetsels
devant
sur
à côté de
dans
sous

Slide 17 - Drag question

This item has no instructions


Passé composé
Traduis (vertaal): J'ai parlé avec le prof.

Slide 18 - Open question

This item has no instructions

Uit welke twee delen bestaat le passé composé ?
Le passé composé
Le passé composé 
heel werkwoord
hulpww: faire OF aller
persoonlijk vnw.
zelfstandig nw.
voltooid deelwoord
hulpww: avoir OF être

Slide 19 - Drag question

This item has no instructions

Sleep de vervoegingen naar het juiste vakje
Passé composé
Geen passé composé
Je fais
Il parle
Il a parlé
Nous avons regardé
J'ai fait
Nous regardons

Slide 20 - Drag question

This item has no instructions

Passé composé
-er 
j'ai
-re
tu as
-ir
il a
Voltooid deelwoord (regelmatige)
-i
-u

Slide 21 - Drag question

This item has no instructions

Passé composé
mnl.ev
(il, le livre, Pierre etc.)
vrl.ev.
(elle, la table, Marie etc.)
mnl.mv
(les garçons)
vrl.mv
(les filles)
IIIb. Voltooid deelwoord - met être
Wat moet er achter het voltooid deelwoord komen als de passé composé vervoegd wordt met hulpwerkwoord être?
- (niets)
+es
+ e
+s

Slide 22 - Drag question

This item has no instructions


Passé composé
Traduis (vertaal): Zij heeft gedanst. (danser)

Slide 23 - Open question

This item has no instructions


Passé composé
Traduis (vertaal): Wij hebben betaald. (vendre)

Slide 24 - Open question

This item has no instructions


Passé composé
Traduis (vertaal): Jean en Louise zijn geëindigd. (finir)

Slide 25 - Open question

This item has no instructions

Passé composé
faire
j'ai
prendre
tu as
être
il a
avoir
on a
Voltooid deelwoord (onregelmatige)
fait
été
eu
pris

Slide 26 - Drag question

This item has no instructions

Au travail
6. Le passé composé



7. Pronom possessif
timer
10:00

Slide 27 - Slide

This item has no instructions

Les devoirs
Les devoirs

  1. Schrijf naam + klas op je boek (Libre Service-A)
  2. Passé composé - deel 2 (p.14)
  3. Pronom possessif (p.15)
Lesdoelen 
  • Ik kan kritisch én zichtbaar nakijken.
  • Ik kan in het Frans kennismaken met iemand.
  • Ik kan zeggen met welk vervoersmiddel ik reis.
  • Ik kan zeggen waar mijn tas ligt.
  • Ik kan de basisregels van de passé composé uitleggen.

Slide 28 - Slide

This item has no instructions

V3 - Révision année 2

Slide 29 - Slide

This item has no instructions