Haben, sein, werden tegenwoordige tijd

Planning
-Grammatik wiederholen: 
-> haben/sein/werden 
-> bezittelijke voornaamwoorden 
-> lidwoorden + geslachtsregels 
-D-toets (30 min.)
-Blooket (15 min.)

1 / 34
next
Slide 1: Slide
DuitsMiddelbare schoolhavo, vwoLeerjaar 4

This lesson contains 34 slides, with interactive quizzes and text slides.

time-iconLesson duration is: 15 min

Items in this lesson

Planning
-Grammatik wiederholen: 
-> haben/sein/werden 
-> bezittelijke voornaamwoorden 
-> lidwoorden + geslachtsregels 
-D-toets (30 min.)
-Blooket (15 min.)

Slide 1 - Slide

Haben, sein en werden
in de tegenwoordige tijd

Slide 2 - Slide

Weet je het nog?
haben, sein, werden

Slide 3 - Slide

Präsens ; haben sein werden
hebben = haben                   zijn = sein       
Ich         habe                       ich       bin            
du          hast                        du        bist           
er           hat                          er         ist            
wir         haben                     wir        sind          
ihr          habt                        ihr        seid          
sie /Sie  haben                     sie/Sie sind      
timer
0:30

Slide 4 - Slide

............... du Zeit für mich?
timer
0:30

Slide 5 - Open question

Ich _____ heute keine Schule.
timer
0:30

Slide 6 - Open question

.................. du müde?
timer
0:30

Slide 7 - Open question

Wir ............... unseren Eltern eine Karte geschrieben.
timer
0:30

Slide 8 - Open question

.............. Sie schon wieder krank?
timer
0:30

Slide 9 - Open question

Ich ........ jetzt vierzehn Jahre alt.
timer
0:30

Slide 10 - Open question

Jetzt kommt:
werden

Slide 11 - Slide

timer
0:30
Welke 2 betekenissen heeft
werden? .... en ....

Slide 12 - Mind map

Ich ............ dir die Matheaufgabe erklären.
A
wird
B
wurde
C
werde

Slide 13 - Quiz

Ihr ....... das jetzt sagen!
A
wird
B
werdet
C
werd
D
werden

Slide 14 - Quiz

Ariane ...............morgen 14 Jahre alt.
A
werde
B
wird
C
werdet
D
werden

Slide 15 - Quiz


.............. du morgen 10 oder 14 ?
A
wirdst
B
wirst
C
bist
D
hast

Slide 16 - Quiz

Beheers jij haben, sein & werden?
timer
0:20
😒🙁😐🙂😃

Slide 17 - Poll

Het bezittelijke voornaamwoord:

- geeft een bezit aan

- staat vóór een zelfstandig naamwoord

Slide 18 - Slide

ich
ik
du
jij
er
hij
sie
zij (ev)
wir
wij
ihr
jullie
sie
zij (mv)
Sie
U
mein(e)
mijn
dein(e)
jouw
sein(e)
zijn
ihr(e)
haar
unser(e)
ons/onze
eu(e)r(e)
jullie
Ihr(e)
hun
Uw
Persoonlijke voornaamwoorden
Bezittelijke voornaamwoorden

Slide 19 - Slide

mannelijk
vrouwelijk
onzijdig
meervoud
der Mann
die Frau
das Kind
die Autos
ein Mann
eine Frau
ein Kind
keine Autos
mein Mann
meine Frau
mein Kind
meine Autos
Het geslacht van de zelfstandige naamwoorden
Het onbepaalde lidwoord ein- en het woord kein- krijgen bij vrouwelijke en in het meervoud een -e.
Dat geldt ook voor de bezittelijke voornaamwoorden.

Slide 20 - Slide

Welke DUITSE bezittelijke voornaamwoorden ken je?

Slide 21 - Mind map

Wanneer krijgt het bezittelijk voornaamwoord een -e?

Slide 22 - Open question

onze ... Lehrerin (v)
A
unser
B
unsere

Slide 23 - Quiz

mijn ... Bruder.
A
mein
B
meine

Slide 24 - Quiz

Nu iets moeilijker...

Slide 25 - Slide

Was ist (jouw) Name (m)?
A
sein
B
mein
C
dein
D
Ihr

Slide 26 - Quiz

(Jullie) Auto (o) ist sehr schön.
A
Unser
B
Eure
C
Unsere
D
Euer

Slide 27 - Quiz

Slide 28 - Slide

Dus:
mannelijke woorden krijgen der of ein als lidwoord.
vrouwelijke woorden krijgen die of eine als lidwoord.
onzijdige woorden krijgen das of ein als lidwoord.
woorden in het meervoud krijgen die of meine/ keine/ ... als lidwoord. 

Okee... onthoud dit goed. We gaan nu kort naar de lidwoorden. 

Slide 29 - Slide

... Haus (het)
A
ein
B
eine

Slide 30 - Quiz

... Mutter
A
ein
B
eine

Slide 31 - Quiz

... Schuhe
A
die
B
das
C
der

Slide 32 - Quiz

... Mann
A
die
B
das
C
der

Slide 33 - Quiz

Aan het werk...
- D-toets (de Redemittel niet!)
- Arbeitsbuch Seite 43-47 
-Fertig? Verdieping of extra oefening via  https://oscarromerotalen.nl/Duits/Oefeningen/Grammatica.htm
Geen behoefte aan? Verder lezen in ons boekje (neue Freunde)

Slide 34 - Slide