What is LessonUp
Search
Channels
Log in
Register
‹
Return to search
Werkwoordspelling & Engelse werkwoorden
Werkwoordspelling
NEDERLANDS
1 / 34
next
Slide 1:
Slide
Nederlands
Middelbare school
havo, vwo
Leerjaar 3
This lesson contains
34 slides
, with
interactive quizzes
,
text slides
and
2 videos
.
Lesson duration is:
60 min
Start lesson
Save
Share
Print lesson
Items in this lesson
Werkwoordspelling
NEDERLANDS
Slide 1 - Slide
Werkwoordsvormen
pvtt
pvvt
od
inf
vd
bn (van een vd)
Slide 2 - Slide
(Worden) allemaal lid van onze club!
Slide 3 - Open question
Dat was een overtreding! Hij (tackelen) hem!
Slide 4 - Open question
Mijn zusje heeft deze zomer (backpacken) in Australië.
Slide 5 - Open question
(Vinden) jij fietsen ook zo leuk?
Slide 6 - Open question
De (vergroten) foto werd in het klaslokaal opgehangen.
Slide 7 - Open question
Slide 8 - Video
Slide 9 - Slide
Slide 10 - Slide
Slide 11 - Slide
Slide 12 - Slide
Slide 13 - Slide
Slide 14 - Video
Spelling Engelse werkwoorden
Bij de meeste werkwoorden werkt het hetzelfde als bij de Nederlandse werkwoorden.
Slide 15 - Slide
Stam Engelse werkwoorden
Stam - Haal
-en
van het hele werkwoord af.
Dealen - deal - ik deal
Volleyballen - volleybal - ik volleybal
Paintball - paintball - ik paintball
Maar let op de uitspraak!
Slide 16 - Slide
Spelling Engelse werkwoorden
Bij de verleden tijd luister je naar de laatste
klank
.
Hoor je een s-klank, dan schrijf je in de verleden tijd een -t.
racen
- ik race - hij race
t
- hij race
te
- hij heeft gerace
t
smashen
- ik smash - hij smash
t
- hij smash
te
- hij heeft gesmash
t
Slide 17 - Slide
Spelling Engelse werkwoorden
Maar let wel goed op de uitspraak.
Slide 18 - Slide
Spelling Engelse werkwoorden
De uitspraak bepaalt of je aan het eind van de ik-vorm één of twee medeklinkers schrijft.
paintballen
- ik paintball- hij paintballt- hij paintballde- hij heeft gepaintballd
grillen
- ik gril- hij gril
t
- hij gril
de
- hij heeft gegril
d
stressen
- ik stres - hij stres
t
- hij stres
te
- hij is gestres
t
Slide 19 - Slide
Engelse werkwoorden
Wat is waar?
A
Schrijf je als de Nederlandse zwakke werkwoorden
B
De ik-vorm heeft vaak dezelfde vorm als de stam
C
Ik-vorm ik pass hij-vorm hij passt
D
ik-vorm ik skate verleden tijd skatete
Slide 20 - Quiz
Engelse werkwoorden
Hij ...(racen - vt).
A
Hij racte.
B
Hij racette.
C
Hij racde.
D
Hij racete.
Slide 21 - Quiz
(Engelse werkwoorden)
Wij hebben (basketballen)
A
gebasketballd
B
gebasketbald
Slide 22 - Quiz
Engelse werkwoorden
Zij (lunchen-vt)
A
lunchte
B
lunchde
C
lunchtte
D
lunchdde
Slide 23 - Quiz
Engelse werkwoorden
Ik heb (paintballen)
A
gepaintbald
B
gepaintballd
C
gepaintballt
D
gepaintbalt
Slide 24 - Quiz
(Engelse werkwoorden)
Hij (timen - vt)
A
timde
B
timdde
C
timete
D
timede
Slide 25 - Quiz
(Engelse werkwoorden)
Hij (daten-vt)
A
deette
B
date
C
datede
D
datete
Slide 26 - Quiz
(Engelse werkwoorden)
Hij (barbecueën-vt)
A
barbecuedde
B
barbecuede
C
barbecuete
D
barbecuette
Slide 27 - Quiz
(Engelse werkwoorden)
Zij hebben (volleyballen)
A
gevolleybald
B
gevolleyballd
Slide 28 - Quiz
Engelse werkwoorden
Hij heeft de bal over het net (smashen).
A
gesmasht
B
gesmashed
C
gesmashet
D
gesmashd
Slide 29 - Quiz
Engelse werkwoorden
Ik heb jaren als webdesigner (freelancen)
A
gefreelancet
B
gefreelanct
C
gefreelanced
D
gefreelancd
Slide 30 - Quiz
Engelse werkwoorden
Jij (stressen-tt)
A
stresst
B
strest
C
stresd
D
stressd
Slide 31 - Quiz
Engelse werkwoorden
Ik heb al die oude contacten (vdw)
A
gedelete
B
gedeleted
C
gedeletet
Slide 32 - Quiz
Welk Engels werkwoord is correct gespeld?
A
Hij racet naar huis.
B
Ik downloadt die file wel even voor je?
C
Hij heeft de overwinning geclaimt.
D
Zij flirte met hem.
Slide 33 - Quiz
Aan het werk
Maak de opdrachten op blz. 258-259
Klaar?
Ga naar cambiumned.nl en kies voor werkwoordspelling.
Oefen daar verder met de Engelse werkwoorden.
Daarna leren voor de toets van morgen.
Slide 34 - Slide
More lessons like this
3havo Spelling Engelse ww
24 days ago
- Lesson with
29 slides
Nederlands
Middelbare school
havo, vwo
Leerjaar 3
3havo Spelling Engelse ww
November 2024
- Lesson with
29 slides
Nederlands
Middelbare school
havo, vwo
Leerjaar 3
Engelse werkwoorden LES 6 P1 3TG
September 2023
- Lesson with
28 slides
Nederlands
Middelbare school
vwo
Leerjaar 3,4
Engelse werkwoorden LES 6 P1 3TG
September 2023
- Lesson with
34 slides
Nederlands
Middelbare school
vwo
Leerjaar 3,4
Werkwoordspelling les 4: uitleg spelling Engelse werkwoorden
November 2019
- Lesson with
10 slides
Nederlands
Middelbare school
havo, vwo
Leerjaar 3
Les 6: Engelse werkwoorden
September 2024
- Lesson with
14 slides
Nederlands
Middelbare school
vwo
Leerjaar 2
Les 6: Engelse werkwoorden
September 2023
- Lesson with
14 slides
Nederlands
Middelbare school
vwo
Leerjaar 2
Werkwoordspelling: uitleg spelling Engelse werkwoorden
December 2024
- Lesson with
11 slides
Nederlands
Middelbare school
havo, vwo
Leerjaar 3