- kun je de functies van voedingsstoffen en voedingsvezels in voedingsmiddelen noemen
Slide 4 - Slide
Inleiding
Het meeste voedsel komt van planten.
Veel mensen eten ook dieren en dierlijke producten.
In voedsel zitten de stoffen die je lichaam nodigt heeft.
Slide 5 - Slide
2.1 Voedingsmiddelen
voedingsmiddelen: alles wat je eet en drinkt
voedingsmiddelen bevatten verschillende voedingsstoffen
Slide 6 - Slide
2.1 Voedingsmiddelen
Er zijn verschillende soorten voedingsmiddelen:
- plantaardige voedingsmiddelen: bestaat uit (delen van) planten (bv. groente/fruit/granen)
- dierlijke voedingsmiddelen: afkomstig van dieren (bv. eieren, melk, vlees)
Slide 7 - Slide
Slide 8 - Slide
In de afbeelding hiernaast zie je sojadrink en halvarine.
Deze producten lijken op boter en melk, maar zijn niet afkomstig van dieren.
Sojamelk wordt gemaakt van sojabonen (peulvruchten) en halvarine van plantaardige olie.
Slide 9 - Slide
2.1 Voedingsmiddelen
Voedingsmiddelen bevatten verschillende voedingsstoffen.
Voedingsstoffen zijn bruikbare delen van voedingsmiddelen.
Het zijn de stoffen die je lichaam nodigt heeft voor energie en om te groeien en te herstellen.
Slide 10 - Slide
2.1 Voedingsmiddelen
Voedingsstoffen hebben 4 functies in je lichaam:
- brandstof
- bouwstof
- reservestof
- beschermende stof
Slide 11 - Slide
2.1 Voedingsmiddelen
brandstoffen:
- zijn nodig voor de verbranding in alle cellen van je lichaam
- leveren energie
- energie heb je nodig om te bewegen, om je lichaamstemperatuur op peil te houden, voor groei en ontwikkeling van je lichaam en voor herstel bij verwondingen en beschadigingen
Slide 12 - Slide
2.1 Voedingsmiddelen
bouwstoffen:
- zijn nodig voor groei, ontwikkeling en herstel
- met bouwstoffen kan je lichaam nieuwe cellen en weefsels maken
Slide 13 - Slide
Slide 14 - Slide
2.1 Voedingsmiddelen
reservestoffen:
- heeft je lichaam niet meteen nodig
- worden opgeslagen in je lichaam
- kunnen later door je lichaam gebruikt als bouwstof of brandstof
Slide 15 - Slide
2.1 Voedingsmiddelen
beschermende stoffen:
- zorgen ervoor dat je niet ziek wordt
Slide 16 - Slide
2.1 Voedingsmiddelen
Veel plantaardige voedingsmiddelen bevatten ook voedingsvezels.
Je kan deze stoffen niet verteren.
Voedingsvezels zorgen voor een verzadigd gevoel (het gevoel dat je genoeg hebt gegeten) en ze zijn nodig voor een goede darmwerking.
Voedingsvezels zitten in groente, fruit, aardappelen, volkorenbrood, peulvruchten, noten en ontbijtgranen.
Slide 17 - Slide
Slide 18 - Slide
voedingsmiddelen/voedingsstoffen
Er zijn 6 groepen voedingsstoffen:
- eiwitten
- koolhydraten
- vetten
- water
- mineralen (zouten)
- vitamines
Slide 19 - Slide
Eiwitten
Eiwitten zijn bouwstoffen
Teveel aan eiwitten?
brandstof
Slide 20 - Slide
Koolhydraten
Koolhydraten dienen als :
Brandstof
Te veel koolhydraten?
Bouwstof
Glucose, suiker en zetmeel
zijn koolhydraten
Slide 21 - Slide
Vetten
Vetten doen dienst als :
-Brandstof
Te veel aan vetten?
-Reservestof
-Bouwstof
Slide 22 - Slide
Mineralen
Mineralen zijn een bouwstof en een beschermende stof. Voorbeelden van mineralen zijn kalk, ijzer, zout.
Mineralen worden ook wel zouten genoemd.
Slide 23 - Slide
Vitamine
Bouwstoffen, beschermende stoffen
Als je normaal gezond eet krijg je genoeg vitaminen binnen
Te veel/weinig vitamine kun je ziek van worden.
Slide 24 - Slide
Water
Water is een bouwstof vervoer van stoffen.
Het menselijk lichaam bestaat uit 60% water.
Slide 25 - Slide
VRAGEN??
Slide 26 - Slide
zelf aan de slag
2.1 Voedingsmiddelen: lees de tekst en maak de opdrachten:
opdracht 1 t/m 2 4 en 5 en 6 en 7
(vanaf blz. 98)
Klaar? Laat het zien!
Slide 27 - Slide
Slide 28 - Slide
Slide 29 - Slide
Slide 30 - Slide
Slide 31 - Slide
Slide 32 - Slide
Slide 33 - Slide
herhalen leerdoelen
Aan het einde van de les:
- kun je de functies van voedingsstoffen en voedingsvezels in voedingsmiddelen noemen