''...'' de leestekens trema en apostrof toepassen.
Planning
Terugblik
Engelse werkwoorden
Trema
Apostrof
Huiswerk / Leestijd
Afsluiting
Slide 2 - Slide
4.8 Spelling p.?
VD als BN De fax is verstuurd.
De verstuurde fax.
-tt of -dd De schaal is ingevet.
De ingevette schaal.
VDop -(e)n Het glas is gebarsten.
Het gebarsten glas.
TD als BNHet meisje loopt lachend weg.
Het lachende meisje.
Tussenletters in samenstellingen (-s en -(e)n)
Oefenen:
(VD) De (koken) _____ groenten staan op tafel en kunnen meteen gegeten worden.
(TD) Het (spelen) _____ kind in de tuin lacht vrolijk naar zijn vrienden.
(VD) De (leveren) _____ producten werden zorgvuldig gecontroleerd voordat ze verzonden werden.
(TD) De (werken) _____ moeder heeft nauwelijks tijd om te ontspannen.
Het (dorp + plein) _____ was deze ochtend al drukbezocht door de bewoners.
De (jongens + school) _____ heeft vandaag een sportdag georganiseerd.
Slide 3 - Slide
5.8 Spelling p..-.
Engelse werkwoorden
Als je Engelse werkwoorden in onze taal gebruikt, vervoeg je die op dezelfde manier als Nederlandse werkwoorden:
Wie downloadt er nou nog? Lekker streamen!
Slide 4 - Slide
5.8 Spelling p..-.
Engelse werkwoorden
Als je Engelse werkwoorden in onze taal gebruikt, vervoeg je die op dezelfde manier als Nederlandse werkwoorden:
Wie downloadt er nou nog? Lekker streamen!
Slide 5 - Slide
5.8 Spelling p..-.
Engelse werkwoorden
Als je Engelse werkwoorden in onze taal gebruikt, vervoeg je die op dezelfde manier als Nederlandse werkwoorden:
Wie downloadt er nou nog? Lekker streamen!
Slide 6 - Slide
5.8 Spelling p..-.
Trema (ë)
Als in één woord twee klinkers niet als één klank gelezen mag worden: Ruïne, vacuüm, beïnvloeden, havoër, drieëntwintig
Als het woord zonder trema verkeerd word uitgesproken, dus niet bij: Beoefenen, financieel
In het meervoud van ZN op -ee: Idee - ideeën, ree - reeën
In het meervoud van ZN op -ie: Kopie - kopieën, categorie - categorieën, kolonie - koloniën
Je schrijft het trema waar de nieuwe lettergreep begint.
Slide 7 - Slide
5.8 Spelling p..-.
Apostrof (')
Als één of meerdere letters zijn weggelaten: Ik heb ’m nog in ’t buurthuis gezien.
Let op: staat het aan het begin van de zin, dan begint het volgende woord met een hoofdletter: ’s Avonds kwam hij niet thuis;
Bij bezitsaanduiding van woorden die eindigen op een s-klank of op een lange klinker die je met één letter schrijft: Dennis’ rugzak, Max’ fiets, Anna’s puntenslijper, Gaby’s huiswerk;
Na cijfers, afkortingen en afleidingen: vmbo’er, A4’tje, mp3’tje.