weet je wat de doelen en opdrachten zijn van de praktische opdracht
1 / 18
next
Slide 1: Slide
SpaansMiddelbare schoolhavoLeerjaar 1
This lesson contains 18 slides, with text slides and 1 video.
Lesson duration is: 60 min
Items in this lesson
¿Qué vamos a hacer hoy?
Semana 14
Bienvenida - 5 min
Bron J - 30 min
PO - 45 min
Doel: Aan het eind van deze les:
ken je de bijvoeglijke naamwoord
weet je wat de doelen en opdrachten zijn van de praktische opdracht
Slide 1 - Slide
¡Bienvenidos a la clase de Español!
Hoy es _______, ____________ de__________
Slide 2 - Slide
¿Cómo te sientes ahora?
Me siento = Ik voel me
Slide 3 - Slide
El examen de audición
¿Qué tal?
Slide 4 - Slide
P3/P4
Week 12: luistervaardigheid
Week 13 t/m16: PO +Mondeling
Week 25/26: Methode toets + Schrijfvaardigheid = twee keer per week les
Slide 5 - Slide
¿Cómo vamos a trabajar?
methode (deel 1 ej B)
PO
Slide 6 - Slide
Slide 7 - Video
El adjetivo - het bijvoeglijk naamwoord
- Om mensen of dingen te beschrijven - Past zich aan aan het zelfstandig naamwoord waar het bij hoort, in geslacht (mannelijk / vrouwelijk) en in getal (enkelvoud / meervoud)
Ejemplo: la casa pequeña lascasas pequeñas
Slide 8 - Slide
El adjetivo (Bron J)
- In het boek vind je altijd de mannelijke vorm van het bijvoeglijk naamwoord.
- Veel mannelijke bijvoeglijk naamwoorden eindigen op -o. Bij de vrouwelijk vorm verandert de -o in -a. In het meervoud komt er een -s achter.
mannelijk
vrouwelijk
enkelvoud
bonito
bonita
meervoud
bonitos
bonitas
Slide 9 - Slide
El adjetivo
- Bij de meeste andere bijvoeglijk naamwoorden gebruik je dezelfde vorm voor mannelijk en vrouwelijk. In het meervoud krijgen ze -s (na klinker) of -es (na medeklinker)
mannelijk
mannelijk
vrouwelijk
vrouwelijk
ev
grande
azul
grande
azul
mv
grandes
azules
grandes
azules
Slide 10 - Slide
¡OJO! = let op!
De bijvoeglijk naamwoorden van de kleuren
lila (paars), rosa (roze) en naranja (oranje)
hebben maar één vorm voor het mannelijk, vrouwelijk en meervoud.