kommagetallen

                Kommagetallen
1 / 24
next
Slide 1: Slide
RekenenPraktijkonderwijsLeerjaar 2

This lesson contains 24 slides, with interactive quizzes and text slides.

time-iconLesson duration is: 60 min

Items in this lesson

                Kommagetallen

Slide 1 - Slide

Lesdoel
  1. Je oefent de waarde van getallen.
  2. Je oefent verschillende bewerkingen met kommagetallen.

Slide 2 - Slide

de waarde van getallen

Slide 3 - Slide

Voorbeeld
1459 
145,9 
14,59 
1,459 

Slide 4 - Slide

Hoe spreken we het uit?

0,09
A
9
B
9 hondersten
C
9 tienden

Slide 5 - Quiz

Hoe spreken we het uit?

0,2
A
2 tienden
B
2 hondersten
C
2

Slide 6 - Quiz

Hoe spreken we het uit?

0,96
A
96
B
96 tienden
C
96 honderdsten

Slide 7 - Quiz

Hoe spreken we het uit?

0,42
A
42 honderdsten
B
42
C
42 tienden

Slide 8 - Quiz

Schrijf op als kommagetal.

Slide 9 - Open question

Schrijf op als kommagetal.
zestien en zestienhonderdste

Slide 10 - Open question

Klik op het juiste antwoord!
33 en honderdtwaalfdduizendste
A
33,012
B
33,12
C
33,112
D
112,33

Slide 11 - Quiz

Wat is de 7 waard
in het getal : 98,57 ?

Slide 12 - Open question

Wat is de 3 waard
in het getal : 3,1 ?

Slide 13 - Open question

Wat is de 4 waard
in het getal : 43,1 ?

Slide 14 - Open question

Wat is de 7 waard
in het getal : 43,17 ?

Slide 15 - Open question

Wat is de 5 waard
in het getal : 543,17 ?

Slide 16 - Open question

Wat komt er na 1,7?

Slide 17 - Open question

Wat komt er voor 2,3?

Slide 18 - Open question

Is 2,3 hetzelfde als 2,33 ?
A
ja
B
nee

Slide 19 - Quiz

Is 0,7 hetzelfde als 0,70 ?
A
ja
B
nee

Slide 20 - Quiz

2,3 is meer dan 2,33 ?
A
ja
B
nee

Slide 21 - Quiz

Wat is minder?
A
B

Slide 22 - Quiz

Waar staat 0,8?
A
A
B
B
C
C
D
D

Slide 23 - Quiz

Kommagetallen

liggen altijd tussen twee hele getallen.
||||||
5
1,75 ligt tussen de 1 en de 2

Slide 24 - Slide