5.3 lezen

Lezen 5.3 Overtuigende/activerende teksten

Vandaag
· T/m oefening 1 t/m 9 af hebben, net haalbaar zijn.
· Zo niet, na de vakantie op vrijdagmiddag van 15.30u-16.15u werk inhalen.  (bij te weinig gemaakt werk zal dit vanaf dan iedere vrijdagmiddag zijn, je krijg van mij zelfs iets te drinken dan)

· Blijven zitten tot ik de les heb afgesloten/ einde les.


1 / 26
next
Slide 1: Slide
NederlandsMiddelbare schoolvmbo b, kLeerjaar 3

This lesson contains 26 slides, with interactive quizzes and text slides.

time-iconLesson duration is: 30 min

Items in this lesson

Lezen 5.3 Overtuigende/activerende teksten

Vandaag
· T/m oefening 1 t/m 9 af hebben, net haalbaar zijn.
· Zo niet, na de vakantie op vrijdagmiddag van 15.30u-16.15u werk inhalen.  (bij te weinig gemaakt werk zal dit vanaf dan iedere vrijdagmiddag zijn, je krijg van mij zelfs iets te drinken dan)

· Blijven zitten tot ik de les heb afgesloten/ einde les.


Slide 1 - Slide

Lezen 5.3 Overtuigende/activerende teksten

Slide 2 - Slide

Lesplanning
- Behandelen theorie Lezen 5.3 
- Aan de slag met opdrachten
- verlengde instructie aan leerlingen die hulp nodig hebben

Lesdoel:
- Je weet wat overtuigende teksten zijn;
- Je weet wat activerende teksten zijn;
- Je kent tekstverbanden en signaalwoorden die bij deze tekste horen

Slide 3 - Slide

Wat is het doel van een overtuigende tekst?

Slide 4 - Open question

Wat is het doel van een activerende tekst?

Slide 5 - Open question

Slide 6 - Slide


Wat voor soort activerende tekst zie je hier?
A
affiche
B
reclamefolder
C
uitnodiging

Slide 7 - Quiz


Wat voor soort activerende tekst zie je hier?
A
affiche
B
reclamefolder
C
uitnodiging

Slide 8 - Quiz


Wat voor soort activerende tekst zie je hier?
A
affiche
B
reclamefolder
C
uitnodiging

Slide 9 - Quiz

Slide 10 - Slide

Wat is het doel van een oproep?
A
mensen overtuigen van jouw mening
B
mensen overhalen om iets te gaan doen

Slide 11 - Quiz

Slide 12 - Slide

Slide 13 - Slide

Slide 14 - Slide

Een argument moet lang zijn.
A
waar
B
niet waar

Slide 15 - Quiz

In een argument geef je aan wat jouw mening is.
A
waar
B
niet waar

Slide 16 - Quiz

Met een argument wil je de lezer overhalen om iets te gaan doen.
A
waar
B
niet waar

Slide 17 - Quiz

Maken en tevens huiswerk
- Maak van 5.3 Lezen opdracht 1 t/m 9 (meer mag natuurlijk).
- na de vakantie plannen we de leestoets

Slide 18 - Slide

Lesplanning
- Behandelen theorie Lezen 5.3 
- Aan de slag met opdrachten
- verlengde instructie aan leerlingen die hulp nodig hebben

Lesdoel:
- Je weet wat overtuigende teksten zijn;
- Je weet wat activerende teksten zijn;
- Je kent tekstverbanden en signaalwoorden die bij deze tekste horen

Slide 19 - Slide

Wat is het doel van een overtuigende tekst?

Slide 20 - Open question

Wat is het doel van een activerende tekst?

Slide 21 - Open question

Slide 22 - Slide

Hoe kun je een tekstverband conclusie herkennen?
A
Door signaalwoorden zoals 'kortom' en 'samengevat'.
B
Door uitgebreide beschrijvingen van personages.

Slide 23 - Quiz

Wat is een veelvoorkomend signaalwoord in een tekstverband conclusie?
A
Dus
B
Bijvoorbeeld

Slide 24 - Quiz

Noem de signaalwoorden die bij het tekstverband reden hoort

Slide 25 - Open question

noem de signaalwoorden die bij het verband voorbeeld horen.

Slide 26 - Open question