8. Slapen en waken

8. Slapen en waken
Verpleegkunde
Algemeen ziekenhuis
Leerjaar 3
1 / 48
next
Slide 1: Slide
Verpleging en verzorgingMBOStudiejaar 3

This lesson contains 48 slides, with interactive quizzes, text slides and 5 videos.

time-iconLesson duration is: 90 min

Items in this lesson

8. Slapen en waken
Verpleegkunde
Algemeen ziekenhuis
Leerjaar 3

Slide 1 - Slide

This item has no instructions

Slide 2 - Slide

This item has no instructions

Slide 3 - Slide

This item has no instructions

Hoeveel uur slaap jij gemiddeld per nacht?

Slide 4 - Open question

This item has no instructions

oorzaken slecht
slapen?

Slide 5 - Mind map

This item has no instructions

Slide 6 - Slide

This item has no instructions

Slaapfases
Niet REM 4 = delta slaap (slow wave sleap)

REM slaap

Slide 7 - Slide

This item has no instructions

In welke slaapfase vindt lichamelijk herstel plaats?
A
NREM1
B
NREM2
C
Delta slaap
D
REM slaap

Slide 8 - Quiz

This item has no instructions

In welke slaapfase vindt psychisch herstel plaats?
A
NREM1
B
NREM2
C
Delta slaap
D
REM slaap

Slide 9 - Quiz

This item has no instructions

Wanneer kan je je herinneren watje gedroomd hebt?

Slide 10 - Open question

This item has no instructions

Slide 11 - Video

This item has no instructions

Hoe lang duurt het circadiaans ritme?
A
90 minuten
B
12 uur
C
24 uur
D
48 uur

Slide 12 - Quiz

This item has no instructions

Als het licht wordt in de ochtend maakt ons lichaam......aan waardoor we actief worden
A
adrenaline
B
insuline
C
cortisol
D
melatonine

Slide 13 - Quiz

This item has no instructions

Als het donker wordt in de avond maakt ons lichaam......aan waardoor we slaperig worden
A
adrenaline
B
insuline
C
cortisol
D
melatonine

Slide 14 - Quiz

This item has no instructions

Hoe lang duurt één slaapcyclus?
A
60 minuten
B
90 minuten
C
ca. 4 uur
D
6 - 8 uur

Slide 15 - Quiz

This item has no instructions

Gaat het 90 minuten -ritme overdag ook door?
A
Nee, alleen 's nachts
B
Ja, je wordt om de 90 minuten slaperig
C
Ja, maar dat merk je niet als je goed slaapt

Slide 16 - Quiz

This item has no instructions

Hoe lang duurt een slaappiek?
A
1 minuut
B
5 - 10 minuten
C
20 minuten
D
60 minuten

Slide 17 - Quiz

This item has no instructions

Kan 'slaapdruk' het signaal van cortisol overheersen?
A
Ja
B
Nee

Slide 18 - Quiz

This item has no instructions

Als je wil slapen en je ligt te piekeren is je
A
waakdruk lager dan je slaapdruk
B
waakdruk hoger dan je slaapdruk

Slide 19 - Quiz

This item has no instructions

Kan je de waakdruk bewust verlagen voordat je gaat slapen?
A
Ja
B
Nee

Slide 20 - Quiz

This item has no instructions

Wat is het beste: altijd op hetzelfde uur naar bed gaan of wachten op de slaappiek?
A
altijd op hetzelfde uur
B
wachten op slaappiek

Slide 21 - Quiz

This item has no instructions

's nachts wakker geworden en niet meer kunnen slapen. Wat is het beste?
A
in bed blijven
B
uit bed gaan en iets ontspannends doen
C
uit bed gaan en iets inspannends doen

Slide 22 - Quiz

This item has no instructions

Slide 23 - Video

This item has no instructions

Welk voorbeeld is een kwetsbaarheidsfactor voor het krijgen van slaapproblemen?
A
ouderdom
B
een overlijden
C
burn out
D
tv kijken in bed

Slide 24 - Quiz

This item has no instructions

Welk voorbeeld is een uitlokkende factor voor het krijgen van slaapproblemen?
A
heel lang uitslapen
B
een verhuizing
C
overdag dutjes doen
D
psychische aandoeningen

Slide 25 - Quiz

This item has no instructions

Welk voorbeeld is een 'in stand houdende factor' voor het krijgen van slaapproblemen?
A
een kind krijgen
B
al eerder slapproblemen gehad
C
een chronische ziekte
D
telefoongebruik in bed

Slide 26 - Quiz

This item has no instructions

Aan welke factor die slaapproblemen veroorzaken kunnen we vaak WEL iets doen?
A
kwetsbaarheids-factoren
B
uitlokkende factoren
C
in stand houdende factoren

Slide 27 - Quiz

This item has no instructions

Hoe kan je 'in stand houdende factoren' bij slaapproblemen behandelen?
A
slaapmedicatie
B
voeding
C
cognitieve therapie

Slide 28 - Quiz

This item has no instructions

Slide 29 - Slide

This item has no instructions

Slide 30 - Slide

This item has no instructions

Slide 31 - Slide

This item has no instructions

Slide 32 - Slide

This item has no instructions

Slide 33 - Video

This item has no instructions

Slaap-apneusyndroom door overgewicht: ademstops door
A
verhoogde druk op de borstkas
B
te grote spieren in de hals
C
veel vet in de hals: druk op luchtwegen
D
overmatige ontspanning van spieren in de hals

Slide 34 - Quiz

This item has no instructions

Slaap-apneusyndroom door slaapmedicatie: ademstops door
A
verhoogde druk op de borstkas
B
te grote spieren in de hals
C
veel vet in de hals: druk op luchtwegen
D
overmatige ontspanning van spieren in de hals

Slide 35 - Quiz

This item has no instructions

vergrootte keelamandelen kunnen ademstops veroorzaken
A
Juist
B
Onjuist

Slide 36 - Quiz

This item has no instructions

Symptomen OSAS

Slide 37 - Mind map

Luid snurken
slaperig overdag
ochtendhoofdpijn
niet uitgerust
droge mond
Wanneer spreken we van ernstige OSAS?
A
1 - 5 apneus/ uur
B
5 - 14 apneus/uur
C
15 - 30 apneus/uur
D
> 30 apneus/uur

Slide 38 - Quiz

This item has no instructions

Wat kan je doen
tegen OSAS?

Slide 39 - Mind map

afvallen
geen alcohol, roken of slaapmiddelen
op de zij slapen
CIPAP of BiPAP apparaat
operatie
snurkbeugel

Slide 40 - Video

This item has no instructions

Slide 41 - Slide

This item has no instructions

Slide 42 - Slide

This item has no instructions

Slide 43 - Video

This item has no instructions

Narcolepsie is een
A
neurologische ziekte
B
auto immuunziekte
C
psychosomatische ziekte
D
stofwisselingsziekte

Slide 44 - Quiz

This item has no instructions

Wat kan een aanval van narcolepsie triggeren?

Slide 45 - Open question

This item has no instructions

Slide 46 - Slide

This item has no instructions

Slide 47 - Slide

This item has no instructions

Slide 48 - Slide

This item has no instructions