spreken les 1

Spreken 
Manieren van communiceren
Spreekhouding
Stemgebruik

1 / 44
next
Slide 1: Slide
NederlandsMBOStudiejaar 1

This lesson contains 44 slides, with interactive quizzes, text slides and 1 video.

Items in this lesson

Spreken 
Manieren van communiceren
Spreekhouding
Stemgebruik

Slide 1 - Slide

Waar denk je aan bij communicatie?

Slide 2 - Mind map

Slide 3 - Slide

Bron: vandale.nl

Slide 4 - Slide

Slide 5 - Video

Wat is belangrijker?
A
verbale communicatie
B
non-verbale communicatie

Slide 6 - Quiz

Slide 7 - Slide

Manieren van communiceren

Slide 8 - Slide

Mark pakt zijn telefoon en laat een foto van zijn nieuwe vriendin aan Richard zien. "Moet je kijken wat een leuke meid." , zegt Mark, terwijl hij trots glimlacht.

Slide 9 - Slide



Wie is de zender?
A
Mark
B
Richard

Slide 10 - Quiz

Wie is de ontvanger?
A
Mark
B
Richard

Slide 11 - Quiz

Mark pakt zijn telefoon en laat een foto van zijn nieuwe vriendin aan Richard zien. "Moet je kijken wat een leuke meid." , zegt Mark, terwijl hij trots glimlacht.

Slide 12 - Slide

Wat is de verbale communicatie van Mark?

Slide 13 - Open question

Wat is de non-verbale communicatie van Mark?

Slide 14 - Open question

Je gaat naar een telefoonwinkel en vraagt een medewerker om jou uit te leggen welk abonnement jij het beste kunt nemen bij een nieuwe telefoon. De medewerker legt jou uit welke abonnementen hij kan aanbieden.

Slide 15 - Slide

Van welke vormen van communicatie is er sprake?
A
eenzijdige en directe communicatie
B
meerzijdige en directe communicatie
C
eenzijdige en indirecte communicatie
D
meerzijdige en indirecte communicatie

Slide 16 - Quiz

Je werkbegeleider hangt een lijst met regel voor het gebruik van telefoons op de werkvloer op het mededelingenbord.

Slide 17 - Slide

Van welke vormen van communicatie is hier sprake?
A
eenzijdige en directe communicatie
B
meerzijdige en directe communicatie
C
eenzijdige en indirecte communicatie
D
meerzijdige en indirecte communicatie

Slide 18 - Quiz

De presentator van een talentenshow vertelt hoe kijkers online hun stem kunnen uitbrengen.

Slide 19 - Slide

Van welke vormen van communicatie is hier sprake?
A
eenzijdige en directe communicatie
B
meerzijdige en directe communicatie
C
eenzijdige en indirecte communicatie
D
meerzijdige en indirecte communicatie

Slide 20 - Quiz

Kan hier ook sprake zijn van eenzijdige directe communicatie?
A
ja
B
nee

Slide 21 - Quiz

Je komt een docente van je school tegen in de gang. Ze vertelt je dat leerlingen hun telefoon of tablet voortaan moeten inleveren voor de les begint. Jij vraagt haar waarom die regel is bedacht.

Slide 22 - Slide

Van welke vormen van communicatie is hier sprake?
A
eenzijdige en directe communicatie
B
meerzijdige en directe communicatie
C
eenzijdige en indirecte communicatie
D
meerzijdige en indirecte communicatie

Slide 23 - Quiz

Deze spreekdoelen ken ik

Slide 24 - Open question

Slide 25 - Slide

Wat is het verschil tussen formeel en informeel?

Slide 26 - Open question

Spreekhouding

Slide 27 - Slide

Slide 28 - Link

Wat valt je op qua actieve spreekhouding en oogcontact in fragment 1?

Slide 29 - Open question

Welk effect heeft deze non- verbale communicatie op jou?


Slide 30 - Open question

Wat valt je op qua actieve spreekhouding en oogcontact in fragment 2?

Slide 31 - Open question

Welk effect heeft deze non- verbale communicatie op jou?


Slide 32 - Open question

Welke tips heb je voor de spreker in fragment 1?

Slide 33 - Open question

Welke tips hen je voor de spreker in fragment 2?

Slide 34 - Open question

stemgebruik

Slide 35 - Mind map

Stemgebruik

Slide 36 - Slide

Slide 37 - Link

Het stemvolume van de spreker is goed
-
+/-
+

Slide 38 - Poll

De spreker articuleert goed.
-
+/-
+

Slide 39 - Poll

De spreker heeft een rustig spreektempo.
-
+/-
+

Slide 40 - Poll

De spreker heeft een goede intonatie.
-
+/-
+

Slide 41 - Poll

Verbetertip verstaanbaarheid

Slide 42 - Open question

Verbetertip spreektempo

Slide 43 - Open question

spreekdoel
overtuigen
communicatie waarbij geschreven of gesproken woorden worden gebruikt
zender
boodschap
ontvanger
uitleg in stappen
feiten i.p.v. menigen
aspecten van stemgebruik
Communicatie waarbij geen woorden, maar gezichtsuitdrukkingen of lichaamstaal wordt gebruikt.
standpunt
met
argumenten
verbale 
communicatie
Nodig om te communiceren
spreekdoel
informeren
spreekdoel
instrueren
volume
articulatie
spreektempo
intonatie
non-verbale
communicatie

Slide 44 - Drag question