This lesson contains 18 slides, with interactive quizzes and text slides.
Items in this lesson
Oefenen voor TOETS H1 H2
Economie basis 2
Slide 1 - Slide
Waar gaat economie over?
Slide 2 - Open question
Waarom moet je keuzes maken in wat je doet en waar je geld aan uitgeeft?
Slide 3 - Open question
Directe ruil is:
A
Ruil waarbij je geld als ruilmiddel gebruikt
B
Je ruilt een goed of dienst tegen iets anders zonder geld te gebruiken
Slide 4 - Quiz
Wat is een voorbeeld van directe ruil?
A
Potlood ruilen tegen een pen.
B
Een potlood kopen bij de action voor €1,-
Slide 5 - Quiz
Hoe noem je Iets ruilen voor geld, dus iets kopen of verkopen.
Slide 6 - Open question
Reken uit: 45 % van €520
Slide 7 - Open question
€23,339 Hoe rond je dit bedrag af op 2 decimalen?
Slide 8 - Open question
6 - 5,8 - 8,1 - 7,1 Bereken het gemiddelde.
Slide 9 - Open question
Hoe noem je een vergoeding die je krijgt van de bank voor jouw spaargeld?
Slide 10 - Open question
Waarom zou je geld lenen? Redenen van geld lenen...
Slide 11 - Open question
Voor een lening van €3000 heb je €140 aan rente betaald. Hoeveel procent is de rente van het geleend bedrag? Dus hoeveel is €140 van de € 3000? Schrijf je berekening op.
Slide 12 - Open question
Hoe noem je terugbetalen van geleend geld?
Slide 13 - Open question
Hoe noem je het bewijs dat je de verzekering hebt afgesloten?
Slide 14 - Open question
Het is verstandig een verzekering af te sluiten als het risico groot/klein is en je de schade gemakkelijk / moeilijk zelf kunt betalen.
Slide 15 - Open question
€21 per week hoeveel is dit per maand?
Slide 16 - Open question
De scooter van mevrouw Jansen is kapot. Ze gaat altijd met de scooter naar werk. Ze leent geld omdat ze meteen een nieuwe scooter nodig heeft. Welke reden om geld te lenen heeft mevrouw Jansen?
Slide 17 - Open question
LEREN voor proefwerk
- H1 en H2 begrippen
- Rekenen groene tekst gedeelte
Je kunt via Lup de lessen bekijken en oefenen met de vragen.