This lesson contains 19 slides, with interactive quizzes and text slides.
Items in this lesson
Oefenen voor TOETS H1 H2
Economie basis 2
Slide 1 - Slide
Waar gaat economie over?
Slide 2 - Open question
Wat betekent consumeren?
Slide 3 - Open question
Wat is geen zelfvoorziening?
A
Het kopen van een frikandel broodje
B
Het bakken van een taart
C
Je fiets repareren.
D
Groente verbouwen in je tuin
Slide 4 - Quiz
Wat zijn goederen en diensten?
Slide 5 - Open question
Reken uit: 45 % van €520
Slide 6 - Open question
€23,339 Hoe rond je dit bedrag af op 2 decimalen?
Slide 7 - Open question
De Consumentenbond test producten van verschillende merken. Noem nog een andere taak van de Consumentenbond.
Slide 8 - Open question
6 - 5,8 - 8,1 - 7,1 Bereken het gemiddelde.
Slide 9 - Open question
Geld is een spaarmiddel wanneer...
A
Je iets koopt
B
Je een rekensom maakt
C
Je geld op de bank zet
Slide 10 - Quiz
Hoe noem je een vergoeding die je krijgt van de bank voor jouw spaargeld?
Slide 11 - Open question
Voetbal abonnement is een voorbeeld van..
A
dagelijkse uitgaven
B
vaste lasten
C
incidentele uitgaven
Slide 12 - Quiz
Een nieuwe scooter is een voorbeeld van..
A
dagelijkse uitgaven
B
vaste lasten
C
incidentele uitgaven
Slide 13 - Quiz
Brood is een voorbeeld van..
A
dagelijkse uitgaven
B
vaste lasten
C
incidentele uitgaven
Slide 14 - Quiz
Waarom zou je geld lenen? Redenen van geld lenen...
Slide 15 - Open question
Voor een lening van €3000 heb je €140 aan rente betaald. Hoeveel procent is de rente van het geleend bedrag? Dus hoeveel is €140 van de € 3000? Schrijf je berekening op.
Slide 16 - Open question
€21 per week hoeveel is dit per maand?
Slide 17 - Open question
De scooter van mevrouw Jansen is kapot. Ze gaat altijd met de scooter naar werk. Ze leent geld omdat ze meteen een nieuwe scooter nodig heeft. Welke reden om geld te lenen heeft mevrouw Jansen?
Slide 18 - Open question
LEREN voor proefwerk
- H1 en H2 begrippen
- Rekenen groene tekst gedeelte
Je kunt via Lup de lessen bekijken en oefenen met de vragen.