Grammatica onderwerp

Grammatica 
Het onderwerp
1 / 13
next
Slide 1: Slide
NederlandsMiddelbare schoolvmbo lwoo, b, kLeerjaar 1

This lesson contains 13 slides, with interactive quizzes and text slides.

time-iconLesson duration is: 45 min

Items in this lesson

Grammatica 
Het onderwerp

Slide 1 - Slide

Huiswerk
Week 15 
dinsdag 8 april maken 
Cursus 5 blz 204
Opdracht 1 t/m 5 

Slide 2 - Slide

persoonsvorm en onderwerp

Slide 3 - Slide

Persoonsvorm

Slide 4 - Slide

De persoonsvorm is altijd ...
A
een persoon
B
een dier of ding
C
een werkwoord
D
een lidwoord

Slide 5 - Quiz

Wat is de persoonsvorm?
Ik ga rijden.
A
Ik
B
Ga
C
Rijden

Slide 6 - Quiz

Wat is de persoonsvorm?
Arnoud heeft een voetbal.
A
Arnoud
B
Heeft
C
Een voetbal

Slide 7 - Quiz

persoonsvorm?
Wie vliegt er naar de maan?
A
wie
B
maan
C
vliegt
D
de maan

Slide 8 - Quiz

2.   Zoek het onderwerp (o).

Wie of Wat + de persoonsvorm.

Onderwerp
Zin                                          Wie / Wat +pv    Onderwerp
Wij gaan brood kopen. → Wie gaan? →     Wij
 

Slide 9 - Slide

Wat is het onderwerp?

Mevrouw Van Til legt het onderwerp uit.
A
Mevrouw Van Til
B
legt
C
het onderwerp
D
uit

Slide 10 - Quiz


Wat is hier het onderwerp?
A
speelt
B
Egzon
C
voetbal
D
.

Slide 11 - Quiz

Ik kan nu het onderwerp vinden.
A
nee
B
ja

Slide 12 - Quiz

Huiswerk
Week 15 
dinsdag 8 april maken 
Cursus 5 blz 204
Opdracht 1 t/m 5 

Slide 13 - Slide