AK herhaling 3.5, 3.7 en 3.8

AK herhaling 3.5, 3.7 en 3.8
1 / 33
next
Slide 1: Slide
AardrijkskundeMiddelbare schoolvwoLeerjaar 1

This lesson contains 33 slides, with interactive quizzes and text slide.

Items in this lesson

AK herhaling 3.5, 3.7 en 3.8

Slide 1 - Slide

Noodhulp
Ontwikkelingssamenwerking

Het sturen van voedselpakketten na een aardbeving.
Het bouwen van scholen in een arm land.
Het trainen van boeren om efficiënter landbouw te bedrijven.
Het opzetten van tentenkampen voor vluchtelingen in een oorlogsgebied.
Het sturen van medische teams na een orkaan.
Het aanleggen van waterputten voor schoon drinkwater.

Slide 2 - Drag question

Noteer twee verschillen tussen noodhulp en ontwikkelingssamenwerking.

Slide 3 - Open question

Kyra zegt: ‘Noodhulp is een goede manier om armoede te bestrijden.’
Heeft Kyra gelijk? Leg je antwoord uit.

Slide 4 - Open question

Bij ontwikkelingssamenwerking zijn verschillende partijen betrokken.
Noteer het juiste voorbeeld achter het soort gever in de tabel.
Oxfam Novib
Verenigde Staten
Rabobank
Verenigde Naties

Slide 5 - Drag question

Slide 6 - Drag question

Ontwikkelingssamenwerking richt zich op verschillende thema’s.
Noteer het juiste thema achter iedere zin in de tabel.
onderwijs
economie
infrastructuur
milieu en klimaat
veiligheids en rechtsorde
gezondheidszorg

Slide 7 - Drag question

Noteer een voordeel én een nadeel van het microkrediet dat Saanvi ontvangt.
Saanvi (41) woont in het zuiden van India met haar man en zes kinderen.
Met een microkrediet van € 154 heeft ze een naaimachine gekocht.
Hiermee maakt ze stiksels in katoenen doeken. Ze heeft nu een inkomen
 van € 5 per dag. Over twee jaar denkt ze haar leningen te hebben afbetaald.

Slide 8 - Open question

Leg uit hoe microkredieten niet alleen ondernemers, maar zelfs hele dorpen kunnen helpen.
Saanvi (41) woont in het zuiden van India met haar man en zes kinderen.
Met een microkrediet van € 154 heeft ze een naaimachine gekocht.
Hiermee maakt ze stiksels in katoenen doeken. Ze heeft nu een inkomen
 van € 5 per dag. Over twee jaar denkt ze haar leningen te hebben afbetaald.

Slide 9 - Open question

Er zijn voor- en tegenstanders van ontwikkelingssamenwerking.


Noteer twee argumenten vóór en twee argumenten tegen ontwikkelingssamenwerking.

Slide 10 - Open question

Mondiaal schaalniveau
Continentaal schaalniveau
Nationaal schaalniveau
Regionaal schaalniveau
Lokaal schaalniveau
Werelddeel
Wijk
Land
Wereld
Provincie

Slide 11 - Drag question

Zet achter elke plek het juiste geografische schaalniveau.
Lokaal
Mondiaal
Continentaal
Nationaal
Regionaal

Slide 12 - Drag question

Sommige landen zijn armer dan andere landen. Dit heeft verschillende oorzaken.
Op welk schaalniveau bestudeer je de armoede in een land als je kijkt naar de invloed van het koloniale verleden? Leg je antwoord uit.

Slide 13 - Open question

Als je een verschijnsel eerst op nationaal schaalniveau bekijkt en daarna op continentaal schaalniveau, ben je aan het
A
inzoomen
B
uitzoomen

Slide 14 - Quiz

Als je een verschijnsel eerst op regionaal schaalniveau bekijkt en daarna op lokaal schaalniveau, ben je aan het
.
A
inzoomen
B
uitzoomen

Slide 15 - Quiz

Als je eerst naar Zuid-Amerika kijkt en daarna naar Argentinië, ben je aan het

A
inzoomen
B
uitzoomen

Slide 16 - Quiz

Leg uit waarom je op een kaart met een schaal van 1 : 4.000 een beter beeld van een verschijnsel krijgt dan op een kaart met een schaal van 1 : 25.000.

Slide 17 - Open question

Het lokale schaalniveau noem je ook wel een laag schaalniveau, terwijl het mondiale schaalniveau ook wel een hoog schaalniveau heet.
Zet de geografische schaalniveaus op volgorde van laag naar hoog.
Rotterdam is een belangrijke internationale transporthaven. Door internationale havens uit te breiden kunnen er nog grotere zeeschepen gebruikt worden. Hierdoor gaan de transportkosten omlaag.
De Rotterdamse haven is belangrijk voor de Nederlandse economie. Uitbreiding van de haven zorgt voor nieuwe banen in de haven en bij bedrijven elders in Nederland.
De haven van Rotterdam wordt uitgebreid in zee met het gebied Maasvlakte 2.
Rotterdam is de grootste haven van Europa. Door de haven uit te breiden kunnen Europese bedrijven meer goederen importeren en exporteren.
De uitbreiding van de haven zorgt voor meer vrachtverkeer en meer files in de regio Rijnmond.

Slide 18 - Drag question

De Randstad hoort op mondiaal, continentaal én nationaal schaalniveau bij het centrum.

A
juist
B
onjuist

Slide 19 - Quiz

Op nationaal schaalniveau hoort Rotterdam bij het centrum, maar op continentaal niveau bij de periferie.

A
juist
B
onjuist

Slide 20 - Quiz

Op regionaal schaalniveau hoort Middelburg bij de periferie, maar op nationaal schaalniveau bij het centrum.



A
juist
B
onjuist

Slide 21 - Quiz

Als je op mondiaal schaalniveau kijkt, hoort Portugal bij het centrum. Op continentaal schaalniveau hoort Portugal eerder bij de periferie. Leg dit uit.

Slide 22 - Open question

Dennis zegt: ‘Terschelling hoort bij de periferie.’
Fatima zegt: ‘Nee, Terschelling hoort bij het centrum.’
Leg uit dat Dennis en Fatima allebei gelijk hebben.

Slide 23 - Open question

Wat zijn statistieken?

Slide 24 - Open question

Wat is geen voorbeeld van statistiek?
A
Een klimaatdiagram over het klimaat in Nederland
B
een tabel over het klimaatsysteem van Köppen
C
Een uitslag van een enquête of 'poll' op instagram
D
een cirkeldiagram met de verdeling van de beroepsbevolking over de beroepssectoren

Slide 25 - Quiz

Welke overheidsorganisatie verzamelt in Nederland statistische gegevens?

Slide 26 - Open question

Noteer drie manieren waarop dit statistisch bureau gegevens verzamelt.

Slide 27 - Open question

De Wereldbank verzamelt veel gegevens over allerlei ontwikkelingskenmerken en maakt statistieken.
Waarom heeft de Wereldbank deze cijfers nodig?

Slide 28 - Open question

Deze conclusies kun je uit de bron trekken
Deze conclusies kun je nietuit de bron trekken
In Nederland is het deel van de beroepsbevolking dat in de tertiaire sector werkt kleiner geworden
In Nederland werkt een kleiner deel van de beroepsbevolking in de secundaire sector dan in de EU
In Nederlandse economie is verder ontwikkeld dan de economie in de EU
In Nederland is het deel van de beroepsbevolking dat in de primaire sector werkt groter dan in de EU

Slide 29 - Drag question

Mick zegt ‘Het aantal mensen dat in Nederland in de tertiaire sector werkt, is groter dan het aantal mensen dat in de EU in deze sector werkt.’
Heeft Mick gelijk? Leg je antwoord uit.

Slide 30 - Open question

Leg uit hoe de waarden op de y-as afwijken van
een gewone reeks.

Slide 31 - Open question

Hoe zou de lijn van het bbp per hoofd van Rusland er vanaf 2000 uitzien als er een ‘normale’ y-as was gebruikt?

Slide 32 - Open question

Noteer vier voorbeelden van manieren waarop statistieken onbetrouwbaar kunnen zijn.

Slide 33 - Open question