Een 'prefix' is een klein woordje dat je voor een basiswoord zet. In het Nederlands noemen we dat een voorvoegsel.
Slide 2 - Slide
Prefix: vóór een woord
Verandert de betekenis van een woord:
tegenovergestelde betekenis:
non- non-profit (niet gericht op winst)
um- unused (ongebruikt)
im- impossible (onmogelijk
il- illegal (niet legaal / illegaal)
in- incompatible (niet verenigbaar)
ir- irresponsible (onverantwoordelijk)
Slide 3 - Slide
Prefix: vóór een woord (II)
weer- her- of terug: re-
return / revisit / replay / react
(teruggaan / opnieuw bezoeken / herhalen / reageren
Ontkenning: mis- / dis-
misuse / miscommunication / dislike / disappear
misbruiken / miscommunicatie / niet leuk / verdwijnen
Slide 4 - Slide
Suffix
Een suffix (achtervoegsel) is een groepje letters dat achter een woord kan worden gezet. Hierdoor verandert niet alleen de betekenis, maar kan ook de functie van het woord veranderen. Bijvoorbeeld: het zelfstandig naamwoord comfort wordt een bijvoeglijk naamwoord als je het suffix -able erachter zet.
Slide 5 - Slide
Suffix: achter een woord
-er: vergelijkende trap. Persoon/ding die een actie uitvoert.